Nidda (Talmoed)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Nidda (Hebreeuws: נדה, letterlijk toestand van onreinheid) is een traktaat (masechet) van de Misjna en de Talmoed. Nidda is het zevende traktaat van de Orde Tohorot (Seder Tohorot) en beslaat tien hoofdstukken.

Het traktaat Nidda behandelt aspecten van de periodieke onreinheid van vrouwen en kraamvrouwen (vgl. Leviticus 12 en 15:61 vv.).[1]

Nidda bevat Gemara (rabbijns commentaar op de Misjna) en is onderdeel van zowel de Babylonische als de Jeruzalemse Talmoed. Het traktaat bevat 73 folia in de Babylonische Talmoed en 13 in de Jeruzalemse Talmoed.[2]

Literatuur[bewerken]

  • Rabbijn mr.drs. R. Evers: Talmoedisch Denken, Amphora Books, Amsterdam, 1999.
  • Moses Mielziner: Introduction to the Talmud, Bloch Publishing Company, New York, 1968.

Zie ook[bewerken]