Omajjaden van Andalusië

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
De 860 zuilen van de Mezquita in Córdoba

De Omajjaden van Andalusië waren een tak van de Omajjaden die nadat hun familie uit Damascus verslagen was, hun dynastie voortzetten in Andalusië.

Na de overwinning van de Abbasiden in 749 op de Omajjaden wist de Omajjadische prins Abd Ar-Rahman ibn Mu'awiya te ontkomen naar Andalusië. In Al-Andalus waren de meeste islamitische bewoners Berbers (Imazighen of Moren) en waar de onderlinge rivaliteit tussen de Arabische clans geen grote rol speelde. Aangezien de moeder van Abd ar-Rahman Berber was, verleenden ze hem asiel. Al snel wist Abd ar-Rahman het prestige dat zijn familie als kaliefen hadden te gebruiken om de macht in handen te nemen. Niet als kalief maar wel als emir (koning).

Abd ar-Rahman werd ook wel als volgt genoemd:

  • Abd al-Rahmán I al-Dājil wat "Abd al-Rahman de immigrant" betekent
  • Saqr Qoreish wat "de arend van Qoreish" betekent omdat hij de roem van zijn grootvader had hersteld in Andalusië en het gebied tot grote bloei bracht

De dynastie van de Omajjaden regeerde nu in Andalusië en de opvolgers van Abdelrrahmaan brachten het land tot grote bloei. In 929 riep Abd-ar-rahman III zich in Córdoba uit tot kalief en stichtte hiermee het kalifaat Córdoba. Een zeer grote culturele bloei van dit kalifaat volgde totdat in 1008 Hisham II overleed, de derde en laatste krachtdadige kalief. Zijn opvolgers hielden zich meer met hun pleziertjes bezig en lieten de staatszaken over aan anderen. Het centrale gezag was hierdoor ernstig verzwakt en de vele emirs maakten eigenlijk de dienst uit, hoewel ze wel de kalief van Córdoba bleven erkennen als leider. In 1031 werd de laatste kalief afgezet, waarmee het kalifaat werd opgeheven en het rijk definitief uiteenviel in elkaar bestrijdende facties, de zogenaamde taifas. Als gevolg van deze onderlinge strijd nam de dreiging van de christelijke Reconquista serieuze vormen aan. In 1086 in het nauw gedreven riepen de emirs de Almoravieden uit Noord-Afrika op hen te helpen tegen de aanstormende christenen. De hulp kwam van de Imazighen onder leiding van Youssef Ibn Tashfien die de christenen voorlopig wisten terug te dringen.

Het land bleef echter zwak door de onderlinge conflicten tussen de vele emirs, waardoor de christenen hun kans weer zagen om de strijd te hervatten. Na een hernieuwde oproep tot bijstand aan de Almoravieden snelden deze in 1088 weer naar Andalusië om te helpen. Maar dit keer zouden dezen in Andalusië blijven en zelf regeren. Al-Andalus werd ingelijfd bij hun rijk.

Omajjaden emirs van Córdoba[bewerken]

Zie: Emiraat Córdoba

Omajjadenkaliefen van Córdoba[bewerken]

Zie: Kalifaat Córdoba