Onsterfelijkheid

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Adam en Eva worden veroordeeld tot sterfelijkheid bij de verdrijving uit het paradijs (Hans Holbein de Jonge, Danse Macabre, 16e eeuw).
Joseph Wright of Derby, De alchemist op zoek naar de steen der wijzen (1771).

De term onsterfelijkheid kan letterlijk en figuurlijk worden opgevat. In letterlijke zin betekent het dat een mens niet kan sterven. Dit komt slechts in fictie voor, zoals in Gulliver's Travels van Jonathan Swift. Onsterfelijkheid wordt daar overigens niet beschouwd als iets positiefs. Ook wordt soms met onsterfelijkheid bedoeld dat je niet kan sterven door de natuurlijke dood, vaak is er dan ook sprake van een zekere eeuwige jeugd of het op een bepaald tijdstip stilvallen van het verouderen, dit laatste is soms ook het geval bij letterlijke onsterfelijkheid; als dat niet het geval is, is die letterlijke onsterfelijkheid een ware kwelling, zoals in het voorbeeld van de mythe van Tithonos.

In de figuurlijke zin betekent het dat een mens voortleeft in de herinnering van de levenden, bijvoorbeeld als geliefde vriend of familielid, of als iemand die grote daden heeft verricht. In dit geval heeft de term over het algemeen wel een positieve betekenis.

Daarnaast speelt de term onsterfelijkheid een belangrijke rol in vele religies. In dat geval gaat het om de onsterfelijke ziel die op enigerlei wijze voortbestaat na de dood (leven na de dood in een hiernamaals).

In de filosofie[bewerken]

  • Onsterfelijkheid is het hoofdthema in het boek Tous les hommes sont mortels (1946; later vertaald onder de titel Alle mensen zijn sterfelijk) van Simone de Beauvoir.
  • De onsterfelijkheid van de ziel is één van de drie postulaten die volgens de Duitse filosoof Immanuel Kant noodzakelijk is in de ethiek.

Alchemie[bewerken]

Alchemisten in het westen en het oosten waren op zoek naar het geheim van het eeuwige leven. Van vijftiende-eeuwse Franse alchemist Nicolas Flamel werd gezegd dat hij de Steen der wijzen en het levenselixer zou hebben ontdekt, wat hem in staat stelde om onsterfelijk te worden, samen met zijn vrouw Perenelle.

Zie ook[bewerken]