Otto Warmbier

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Otto Frederick Warmbier (Cincinnati, 12 december 1994 – aldaar, 19 juni 2017) was een Amerikaanse student die tussen 2 januari 2016 en 13 juni 2017 in Noord-Korea werd vastgehouden.

Warmbier, die economie studeerde aan de Universiteit van Virginia, was tijdens een verblijf in China ingegaan op een aanbod van reisbureau Young Pioneer Tours voor een trip naar Noord-Korea. Dit reisbureau, opgericht door de Brit Gareth Johnson, heeft zich gespecialiseerd in reizen met een avontuurlijk, studentikoos karakter.[1]

Warmbier werd ervan beschuldigd dat hij op oudejaarsdag 2015 in het Yanggakdo Hotel in Pyongyang een propagandavlag van wijlen de Noord-Koreaanse leider Kim Jong-il zou hebben gestolen. Op een onscherpe video-opname die bij het proces getoond werd, is te zien hoe een onduidelijk herkenbaar iemand de vlag van de muur haalt en op de grond legt.[2] Warmbier legde een op het oog emotionele en nederige bekentenis af. Op 16 maart 2016 werd hij veroordeeld tot 15 jaar dwangarbeid. Hij zou tijdens zijn detentie zo ernstig mishandeld zijn, dat hij in coma raakte. Volgens de Noord-Koreaanse regering zou botulisme in combinatie met een slaapmiddel de oorzaak van zijn gezondheidsproblemen zijn, maar hiervoor is geen bewijs gevonden.

Op 13 juni 2017 werd hij vrijgelaten en, nog steeds in coma, naar de Verenigde Staten overgebracht. Ongeveer een week na zijn vrijlating overleed hij aan de gevolgen van opgelopen hersenschade.[3] Warmbier werd 22 jaar. Hij was een van de 16 Amerikanen gevangengezet door Noord-Korea sinds 1996.