Palestijnse christenen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Palestijnse christenen zijn christenen van Palestijnse afkomst die afstammen van de volkeren van geografische Palestina, thans Israël en de Palestijnse gebieden. Palestijnse christenen behoren tot een aantal christelijke denominaties. Ze vormen een zeer diverse bevolkingsgroep.

Geschiedenis[bewerken | brontekst bewerken]

De eerste christelijke gemeenschappen in het Romeinse Judea waren Aramees sprekende Messiaanse joden en Latijn en Grieks sprekende Romeinen en Grieken, die deels afstamden van eerdere kolonisten van de regio, zoals Syro-Feniciërs, Arameeërs, Grieken, Perzen en Arabieren (zoals Nabateeërs). De overgrote meerderheid van de Palestijnse christenen viel onder de kerkelijke jurisdictie van het oecumenisch patriarchaat. Ze stonden bekend als Melkieten (volgelingen van de koning), die in de eeuwen erna werden gehelleniseerd en de Aramese taal verlieten ten gunste van het Grieks. Tegen de 7e eeuw werden Jeruzalem en Byzantijns Palestina het epicentrum van de Griekse cultuur in het oosten.

Door de moslimveroveringen ruilden de Melkieten steeds vaker het Grieks in voor het Arabisch. Daarbij namen ze ook vaak in essentie islamitische gebruiken over. Tegenwoordig zien Palestijnse christenen zichzelf op zowel cultureel als taalkundig vlak als Arabische christenen.

Een groot aantal christenen vluchtte of werd verdreven tijdens de Arabisch-Israëlische oorlog van 1948.

Volkstelling van 1922[bewerken | brontekst bewerken]

Volgens de volkstelling van 1922 leefden er ongeveer 73.000 christenen in Palestina.

Stroming Aantal
Grieks-orthodox 33.369
Rooms-katholiek 14.245
Grieks-katholiek (Melkiet) 11.191
Anglicaanse Kerk 4.553
Armeens-orthodox (Gregoriaans) 2.939
Maroniet 2.382
Protestants 826
Syrisch-orthodox (Jacobiet) 813
Tempeliers 724
Lutheraan 437
Presbyteriaanse Kerk 361
Syrisch-katholiek 323
Koptische kerk 297
Armeens-katholiek 271
Abessijnse Kerk 85
Overige 208

Bron: J. B. Barron, ed. (1923). Palestine: Report and General Abstracts of the Census of 1922. Government of Palestine. Tables XII–XVI.

Vandaag de dag[bewerken | brontekst bewerken]

Het aantal Palestijnse christenen op de Westelijke Jordaanoever, in de Gazastrook en in Israël is de afgelopen decennia geslonken, vooral door emigratie.[1] Het percentage slinkt eveneens doordat zij minder kinderen krijgen. Het aantal bedraagt de helft van dat in islamitische gezinnen.[2] Wereldwijd zijn er circa 400.000 christelijke Palestijnen. Dit aantal staat gelijk aan 6,5% van het totaal aantal Palestijnen. Slechts 50.000 ervan leven op de Westelijke Jordaanoever en 2.000 in Gaza. Hiermee vormen ze circa 2% van de bevolking in de Palestijnse gebieden.[1] In Israël wordt het aantal Palestijnse christenen geschat op 140.000, wat eveneens zo’n 2% van de totale bevolking is en 8,8% van de Palestijnen in Israël.[1]

Voor de oprichting van de staat Israël vormden Palestijnse christenen tussen de 13 en 20 procent van de bevolking. Een derde van de Palestijnse christenen behoorden tot de vluchtelingen van 1948.[1]

Positie en emigratie[bewerken | brontekst bewerken]

Palestijnse christenen zijn in de minderheid en als minderheid voelen zij zich onderdrukt door andere culturen, maar ook vanwege de economische situatie. Doordat er minder werk en minder mobiliteit is, bestaat onder veel jongeren de wens om te emigreren.[3] Palestijnse christenen behoren vaak tot de iets betere economische, stedelijke klasse. Hierdoor kiezen zij vaker dan Palestijnse moslims voor een leven in het buitenland.[1]

Israëlische nationaliteit[bewerken | brontekst bewerken]

Palestijnse christenen zouden zich in de eerste plaats christen voelen, in de tweede plaats Palestijn.[2] Toch hebben Palestijnse christenen vaak, in tegenstelling tot de Palestijnse moslims, de Israëlische nationaliteit en zijn zij daarmee Israëlische burgers. Hoewel zij in theorie dezelfde rechten als joodse Israëliërs zouden moeten krijgen, worden zij desondanks als tweederangsburgers gezien. Zo zijn christenen net als moslims politiek beperkt en mogen zij niet in de luchtvaart werken. Daarnaast hebben zowel christenen als moslims geen dienstplicht, maar kunnen christenen zich wel aanmelden. Door in het leger te dienen, krijgen christenen voordeel als ze naar de universiteit gaan, bij de overheid willen werken, een stuk grond of een huis willen kopen. Tevens hoeven ze minder belasting te betalen. Het aantal Palestijnse christenen dat in het Israëlische leger dient is echter zeer klein.[3]

Benamingen[bewerken | brontekst bewerken]

In zowel de lokale dialecten van het Arabisch als in het modern Standaardarabisch worden Arabische christenen Nasrani (afgeleid van het Arabische woord voor Nazareth, al-Nasira) of Masihi (afgeleid van het Arabische woord Masih, wat Messias betekent) genoemd. In het Hebreeuws heten ze Notzri, wat Nazarener betekent.