Patriotten (Zuidelijke Nederlanden)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Patriotten was de naam die in de Zuidelijke Nederlanden werd gegeven aan de opstandelingen van 1789 tegen het Oostenrijks gezag.

Geschiedenis[bewerken]

De grondige wijzigingen in 1787 opgelegd door keizer Jozef II aan de burgerlijke bestuursorganisatie en aan de rechterlijke organisatie gaven het startsein voor veralgemeende opstandige manifestaties in de verschillende staten van de Zuidelijke Nederlanden. Deze opstand zette zich door, niettegenstaande het feit dat de gouverneurs-generaal snel de aangevochten hervormingen terugdraaiden.

De onlusten gebeurden tijdens dezelfde periode waarin in Frankrijk de revolutie begon, met 14 juli 1789 als belangrijke datum. In de Republiek der Verenigde Nederlanden noemden zich patriotten de burgers die in dezelfde periode actie voerden voor democratisering en tegen het, volgens hen, absolutisme van stadhouder Willem V van Oranje-Nassau. Vooral werden als 'Patriots' bestempeld de troepen die in Noord-Amerika ten strijde trokken tegen Engeland en aan de basis lagen van de Verenigde Staten van Amerika die in 1776 officieel tot stand kwamen.

In de jaren zeventienhonderd tachtig ontstonden twee contesterende groepen in de Zuidelijke Nederlanden. Enerzijds waren er de traditiegetrouwe statisten, aanhangers van Hendrik van der Noot en anderzijds de meer democratisch gerichte vonckisten, aanhangers van Jan Frans Vonck. Hun acties waren tegenstrijdig, behalve in het feit dat ze zich tegen de Oostenrijkers keerden, hetgeen uitmondde in het tot stand komen van de onafhankelijke confederatie van Zuid-Nederlandse staten, de Verenigde Nederlandse Staten (januari-december 1790).

Het waren voornamelijk de strijdkrachten aan wie de naam van 'patriotten' werd gegeven. Een Patriottenleger werd opgericht, onder het bevel van generaal Jan Andries vander Mersch, bijgenaamd de Belgische Washington. De namen 'statisten' en 'vonckisten' werden wel gebruikt, maar werden vooral later, in de geschiedschrijving, aan de tegenstrijdige tendensen gegeven. De scheldnamen waren in de achttiende eeuw talrijk. Daar waar de Oostenrijks- of keizersgezinden de 'vijgen' werden genoemd, werden de patriotten aangeduid met de scheldnaam de 'pruimen'.

Een paar jaar later, nadat het Oostenrijks gezag zich had hersteld, en vanaf 1792 de opposanten opnieuw door de revolutionaire koorts werden gegrepen, werden ze nog nauwelijks als 'patriotten' betiteld en werd voortaan vooral gesproken, naar Frans model, van 'citoyen' of 'borger', van 'clubs' en vooral van 'clubs van jacobijnen'.

De patriotten in Brugge[bewerken]

De wellicht langdurigste permanente uiting van de achttiende-eeuwse patriottenbeweging is tot op vandaag in Brugge te vinden.

In deze stad, zoals in andere, ontstond een revolutionair Patriotiek Comiteit dat in 1789-1790 als een half-officiële instelling mee de stad hielp besturen. De voornaamste sterkhouders ervan waren de schuttersgilden die als een militaire burgerwacht optraden en van waaruit mannen tot het Patriottenleger toetraden. Een compagnie Brugse dragonders sloot zich bij het Patriottenleger aan.

Op 10 december 1790 werd in de kerk van het Predikherenklooster in Brugge een 'octaaf' gesticht, ter herdenking van de patriotten die onder de Brabantse Omwenteling waren gesneuveld. De aanleiding was het feit dat een Bruggeling in het patriottenleger was gevallen. Het ging om de drager van een prestigieuze naam, Karel Breydel, eerste luitenant bij de 'Vlaamsche Dragonders', die in augustus 1790 als 'patriot' bij Waulsort sneuvelde. Zijn dood was aanleiding tot indrukwekkende manifestaties en godsdienstige plechtigheden.

Er bestond vroeger al in de Brugse jezuiëtenkerk een initiatief om voor gevallen militairen in Oostenrijkse dienst een mis op te dragen (1767-1772). Dit inspireerde wellicht Jean-Baptiste Demey (1754-1825), deken van de Broederschap van de Rozenkrans in de Predikherenkerk, om het Werk der Patriotten te stichten, met als doel dagelijks een mis op te dragen en jaarlijks, in de maand november, een octaaf te vieren, ter nagedachtenis van hen die gevallen waren Voor Outer En Heerd.

Het klooster van de predikheren werd in de Franse tijd afgeschaft, maar de 'Octaaf der Patriotten' overleefde door zijn overplaatsing in 1802 naar de Sint-Walburgakerk en de verruiming van de herdenking tot alle gevallen Brugse militairen. De herdenking bestond voornamelijk uit het dagelijks opdragen van een mis en in het jaarlijks organiseren van een week of octaaf waarin elke avond een druk bijgewoonde preek door een bekende kanselredenaar werd gehouden (o.m. in het Frans: Theo Hénusse, s.j.; in het Nederlands: priester Pieter Ghyssaert, pater Chrysoloog Lannoy o.f.m.). Vanaf het derde kwart van de twintigste eeuw werd de activiteit gereduceerd tot een jaarlijkse mis, opgedragen ter nagedachtenis van de gesneuvelden tijdens alle oorlogen. Deze activiteit grijpt nog steeds plaats gedurende het eerste kwart van de eenentwintigste eeuw.

Zie ook[bewerken]

Literatuur[bewerken]

Patriotten[bewerken]

  • Th. JUSTE, Histoire de la révolution de 1790, Brussel, 1846.
  • P. CLAEYS, Un épisode de la prise de Gand par les patriotes Ie 13 nov. 1789, in: Messager des sciences historiques ou archives des arts et de la bibliographie de Belgique. Tome 1, 1892.
  • Suzanne TASSIER, Les démocrates belges de 1789. Etude sur le Vonckisme et la révolution brabançonne, Brussel, 1930.
  • Roger VAN AERDE, De Brabantse Omwenteling. De gevechten te Gent, 1984.
  • Eric MIELANTS, De publieke opinie ten tijde van de Brabantse omwenteling (dec.1789-dec.1790). Een comparatief personderzoek tussen Brabant en Vlaanderen, licentiaatsthesis geschiedenis (onuitgegeven), RUG, 1995.

Werk der patriotten[bewerken]

  • Jozef VAN WALLEGHEM, Merckenweerdigste voorvallen en Dagelijksche gevallen 1790 (uitgave onder leiding van Yvan VAN DEN BERGHE, Brugge 1985).
  • Guido GEZELLE, Het werk der patriotten te Brugge, in: Rond den Heerd, 1870.
  • Jos DESMET, In den tijd der Patriotten. Keizersgezinden in het Brugse Vrije, in: Biekorf, 1949.
  • Michiel ENGLISH, Het Werk der Patriotten, in: Parochieblad, 9 en 16 november 1958.
  • L. LECONTE, Une curieuse survivance de l'Epoque Autrichienne et de la Révolution Brabançonne. L'Oeuvre des Patriotes à Bruges, in: Carnet de la Fourragère, 1963.
  • Antoon VIAENE, De laatste Breydel van Brugge als dragonder van Vlaanderen gevallen bij Falmagne 31 augustus 1790, in: Biekorf, 1970.
  • Yvan VANDEN BERGHE, Jacobijnen en Traditionalisten. De reacties van de Bruggelingen in de Revolutietijd (1780-1794), Brussel, 1972.
  • Piet DEPUE o.p., Geschiedenis van het oud Dominikanenklooster te Brugge (1233-1796), Oudenaarde, 1981.
  • Noël GEIRNAERT, Aanwinsten voor het Brugse stadsarchief. Archief van het Comité patriotique, in: Handelingen van het Genootschap voor geschiedenis te Brugge, 1982.