Paul Vanden Boeynants

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Paul Vanden Boeynants
Paul Vanden Boeynants in 1966
Paul Vanden Boeynants in 1966
Geboren Vorst, 22 mei 1919
Overleden Aalst, 8 januari 2001
Land Vlag van België België
Partij PSC
Vlag van België Premier van België Vlag van België
Aangetreden 19 maart 1966
Einde termijn 17 juni 1968
Regering Vanden Boeynants I
Voorganger Pierre Harmel
Opvolger Gaston Eyskens
Vlag van België Premier van België Vlag van België
Aangetreden 20 oktober 1978
Einde termijn 3 april 1979
Regering Vanden Boeynants II
Voorganger Leo Tindemans
Opvolger Wilfried Martens
Vicepremier
Aangetreden 3 juni 1977
Einde termijn 20 oktober 1978
Regering Tindemans II
Aangetreden 3 april 1979
Einde termijn 15 oktober 1979
Regering Martens I
Minister van Landsverdediging
Aangetreden 20 januari 1972
Einde termijn 15 oktober 1979
Regering G. Eyskens VI
Leburton I
Leburton II
Tindemans I
Tindemans II
Vanden Boeynants II
Martens I
Voorganger Paul-Willem Segers
Opvolger José Desmarets
Minister van Middenstand
Aangetreden 26 juni 1958
Einde termijn 25 april 1961
Regering G. Eyskens II
G. Eyskens III
G. Eyskens IV
Voorganger Léon Mundeleer
Opvolger Albert De Clerck
Portaal  Portaalicoon   België
Politiek

Paul Emile François Henri Vanden Boeynants (Vorst, 22 mei 1919Aalst, 8 januari 2001) was een Belgisch ondernemer, politicus en premier. Vanden Boeynants, bijgenaamd "VDB" door journalisten (afkorting die hij ook zelf gebruikte), was actief in de vleesindustrie en was een opvallend en controversieel Belgisch politicus.

Biografie[bewerken]

Paul Vanden Boeynants was de zoon van een slagersechtpaar uit Mechelen dat zich in Brussel gevestigd had. Hij trouwde met Lucienne Deurinck en ze hadden een zoon en twee dochters. Hij doorliep de humaniora in het Sint-Michielscollege en voetbalde in de eerste ploeg van Union St-Gilloise. Tevens vocht hij als militair mee bij de Achttiendaagse Veldtocht, waarbij hij gevangengenomen werd. Na de Tweede Wereldoorlog werd Vanden Boeynants actief als industrieel en was tevens bestuurder bij verschillende slagerij- en middenstandsorganisaties.

In 1949 werd hij voor de PSC verkozen tot lid van de Kamer van Volksvertegenwoordigers voor het arrondissement Brussel, een mandaat dat hij behield tot in 1985. In de Kamer was hij actief in de commissies Economische Zaken, Middenstand, Financiën, Algemene Zaken, Openbaar Ambt, Volksgezondheid, Gezin, Openbare Werken en Defensie. Door het toen bestaande dubbelmandaat zetelde hij van 1971 tot 1980 eveneens in de Franse Cultuurraad en van 1980 tot 1985 in de Franse Gemeenschapsraad. Bovendien was hij van 1971 tot 1975 ook lid van de Brusselse Agglomeratieraad.

In 1952 werd Vanden Boeynants tevens verkozen tot gemeenteraadslid van Brussel, waar hij van 1953 tot 1958 schepen van Handel en Stadseigendommen was. Van 1965 tot 1972 was hij opnieuw schepen bevoegd voor Handel, Openbare Werken, Feesten, Stedenbouw en Aanplantingen. Hij had de ambitie om tegen het einde van zijn politieke activiteiten burgemeester van Brussel te worden, maar slaagde er niet in.

Daarnaast volgde hij ook een ministeriële loopbaan: van 1958 tot 1961 was hij minister van Middenstand, van 1972 tot 1979 was hij minister van Landsverdediging en van 1977 tot 1978 was hij vicepremier. Als minister van Landsverdediging zorgde hij mee voor de actieve rol die België in het kader van de NAVO, de EEG en de Oost-West-verhoudingen. Zijn legerhervorming kon echter niet doorgaan omdat er uitgebreid tegen geprotesteerd werd. In 1969 werd hij benoemd tot minister van Staat.

Van 1961 tot 1966 was hij de partijvoorzitter van de nationale CVP-PSC-afdeling. Nadat de CVP-PSC in 1972 splitste, richtte hij binnen de PSC de conservatieve CEPIC-afdeling op, waarvan hij van 1977 tot 1979 de voorzitter was. Van 1982 tot 1985 was hij tevens lid van de Rassemblement Chrétien du Centre, een organisatie die uit de CEPIC ontstond. Tevens was hij van 1979 tot 1981 de partijvoorzitter van de PSC.

In 1995 besloot hij de politiek te verlaten. Hij werd vervolgens gedurende enkele jaren de directeur van het satirisch weekblad Pan.

Hij overleed begin 2001 na een hartoperatie. Hij werd begraven op de begraafplaats van Brussel in Evere.

Controverses[bewerken]

De manier waarop hij de Brusselse Noordwijk liet platleggen om plaats te maken voor torengebouwen, in samenspraak met Brusselse projectontwikkelaars zoals Charly De Pauw, riep vragen op.

Vanden Boeynants raakte in opspraak door fraude-affaires. Op 17 juni 1982 werd zijn parlementaire onschendbaarheid opgeheven. In 1986 werd hij veroordeeld tot drie jaar voorwaardelijke celstraf en een geldboete wegens belastingontduiking.

Ontvoering[bewerken]

Op 14 januari 1989 werd Vanden Boeynants in Brussel ontvoerd. Een dag later werd de ontvoering opgeëist door de Brigade Socialiste Révolutionnaire.[1] VDB werd vastgehouden in een villa in Le Touquet (Frankrijk). Pas na een maand, na betaling van een losgeld (er is gesproken van 1,5 miljoen euro), werd hij weer vrijgelaten en gedropt in de nabijheid van Doornik. De ontvoerders waren Patrick Haemers en zijn handlangers Kapllan Murat, die de chauffeur was, Philippe Lacroix en Marc Van Dam. De persconferentie die VDB hield toen hij vrij kwam was een heel aparte gebeurtenis.

In populaire cultuur[bewerken]

  • Omdat hij tijdens pensenkermissen in de verkiezingsstrijd (typisch Belgische eetfestijnen waarbij bloedworst of pens geserveerd wordt) gratis pensen weggaf uit zijn vleesbedrijf werd hij wel eens smalend Polle Pens genoemd. In Brussel en omstreken was dat "[Polle Panch]".
  • Hij wordt vermeld in Wim De Craenes protestlied "De kleine man" (1973) in de regels: "Minister Vanden Boeynants vraagt weer onderzeeërs aan/ Moest het leger zich met de oogst bemoeien/ Nou we hebben zo'n vloot en daar komt wat herrie van/ Dan kunnen we lekker op de Schelde gaan roeien/ En dat heet het ideaal/ Van de Belgische grond en taal/ Maar wie betaalt het pak/ Van de viceadmiraal/ Dat is de kleine man, de kleine burgerman." De Craenes nummer was een cover en deze regels werden door hemzelf aan het lied toegevoegd.
  • Vanden Boeynants is één van de vele mensen die in het Nero (strip)album De V-Machine (1979) komen aanschuiven om Adhemars verjongingsmachine te mogen gebruiken (strook 36).
  • Hij speelde ook een belangrijke rol in de Vlaamse satirische strip Pest in 't Paleis (1983) door Guido van Meir en Jan Bosschaert.
  • In 1989 nam Brussels Sound Revolution (studioproject van Paul Delnoy) na de afloop van de ontvoering van Vanden Boeynants een single op, getiteld "Qui..?". Het nummer samplede fragmenten uit Vanden Boeynants' persconferentie, gehouden na afloop van zijn beproeving. Een terugkerend element in het nummer is VDB's pijp. Volgens VDB hadden zijn ontvoerders de pijp uit zijn mond gerukt. Sommigen mensen denken hierom dat het nummer "Qui a volé ma pipe?" (Wie heeft mijn pijp gestolen?) heet, naar analogie met het soortgelijke nummer "Ma pipe" (1962) door Henri Salvador. De naam BSR was een parodie op de andere BSR (Brigades Socialistes Révolutionaires) de misdaadorganisatie die de verantwoordelijkheid voor de ontvoering had opgeëist; en op Brigade Spéciale de Recherche, de Bijzondere Opsporingsbrigade (BOB) een onderdeel van de Rijkswacht. Ook Boucherie Le Touquet bracht een single uit met samples uit dezelfde persconferentie, met als titel "Ferme ta gueule" (Hou je smoel). De naam van dit project was een verwijzing naar zijn bezigheden in de vleesindustrie en de Noord-Franse stad Touquet, waar VDB gevangen gehouden werd.
  • In 2008 publiceerde Guy Bouten het boek De Bende van Nijvel. Het dossier, het complot, de leden (Leuven, uitgeverij Van Halewyck), in 2009 in het Frans onder de titel Tueries du Brabant, le dossier, le complot, les noms, (Ed. de l'Arbre), waar de naam van Paul Vanden Boeynants opnieuw werd vernoemd. De familie kondigde aan juridische stappen te ondernemen.

Beroemde uitspraken[bewerken]

  • "Trop is te veel en te veel is trop" (Als reactie op de beschuldigingen van een prostituee genaamd Maud Sarr dat hij bij Roze Balletten aanwezig zou zijn geweest.)
  • Als antwoord op de vraag van een journalist van het radioprogramma Actueel of het aankopen van de Mirage in 1968 nog wel tot de lopende zaken van het ontslagnemend kabinet behoorde: "Dat zijn geen lopende zaken, vriend, dat zijn vliegende zaken"
  • Op een congres van de CVP: Je préfère être un idéaliste sans illusions, plutôt qu'un illusioniste sans idéal.

Externe links[bewerken]

Literatuur[bewerken]

  • N. HIRSON, Paul Vanden Boeynants, Brussel, 1969.
  • Paul DEBOGNIE, Les Amis de Paul Vanden Boeynants et leurs Affaires, Ed. Vie Ouvrière, Brussel, 1970
  • Raoul STUYCK, Vanden Boeynants, boeman of superman?, 1973.
  • Helmut GAUS, ''Politiek Biografisch Woordenboek, 1989.
  • Els CLEEMPUT & Alain GUILLAUME, La rançon d'une vie. Paul Vanden Boeynants 30 jours aux mains de Patrick Haemers, Brussel, 1990.
  • D. ILEGEMS & J. WILLEMS, De avonturen van VDB, 1991.
  • P. HAVAUX & P. MARLET, Sur la piste des crocodiles, 1994.
  • Manu RUYS, Paul Vanden Boeynants, in: Nieuwe encyclopedie van de Vlaamse Beweging, Tielt, 1998.
  • Rolf FALTER, In memoriam Paul Vanden Boeynants, in: De Standaard, 9 januari 2001.
  • Armand DE DECKER, voorzitter van de Senaat, In Memoriam Paul Vanden Boeynants, Belgische Senaat, Parlementaire Handelingen, Zitting 18 januari 2001.
Wikiquote Wikiquote heeft een of meer citaten gerelateerd aan Paul Vanden Boeynants.
Voorganger:
Léon Mundeleer
Minister van Middenstand
1958-1961
Opvolger:
Albert De Clerck
Voorganger:
Théo Lefèvre
Partijvoorzitter van de CVP
1961-1966
Opvolger:
Robert Houben
Voorganger:
Pierre Harmel
Premier van België
1966-1968
Opvolger:
Gaston Eyskens
Voorganger:
Paul-Willem Segers
Minister van Landsverdediging
1972-1979
Opvolger:
José Desmarets
Voorganger:
Leo Tindemans
Premier van België
1978-1979
Opvolger:
Wilfried Martens
Vice-eersteminister
1977-1978
Opvolger:
Renaat Van Elslande
Voorganger:
Charles-Ferdinand Nothomb
Partijvoorzitter van de PSC
1979-1981
Opvolger:
Gérard Deprez
Voorganger:
Renaat Van Elslande
Vice-eersteminister
1979-1980
Opvolger:
José Desmarets