Pentekening

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Nachtwacht omgezet in pen en inkt

Een pentekening is een tekening die vervaardigd wordt met pen en inkt. Er zijn verschillende varianten.

Geschiedenis[bewerken]

Het pentekenen bestaat al duizenden jaren. In de tijd van Egyptenaren, Grieken en Romeinen zijn oude geschriften gevonden waarin geschreven en getekend werd met riethalmen en later bronzen pennen, samen met zelfvervaardigde inkt.

Later werd pentekenen vooral gedaan door monniken. Zij gingen de pen en inkt gebruiken om met de hand geschreven boeken te illustreren. Er werd gewerkt met, voor zover na te gaan, twee verschillende inktsoorten. De ene, gemaakt van ijzerzout en galnoten, werd in de loop der tijd bruin. De andere formule was koolstof (lampzwart) in een mengsel van Arabische gom en water. Nu wordt er veelal Oost-Indische of synthetische inkt gebruikt.

De techniek van het pentekenen werd vroeger gebruikt als het optekenen van enkele lijnen om zo later de vorm of compositie te kunnen gebruiken in een schilderij of als aantekening of illustratie in een boek. In vele oude boeken komen deze pentekeningen nog voor.

Het pentekenen werd in vroegere tijden duidelijk gezien als een middel om te schetsen, en zo maakten kunstenaars als Leonardo Da Vinci, Antoon van Dyck, Peter Paul Rubens en Rembrandt van Rijn veel gebruik van deze techniek.

In de negentiende eeuw kon je de pentekeningen niet meer wegdenken in boeken en tijdschriften en zo veroverde deze techniek de gehele wereld.

Tegenwoordig is de techniek uitgebreid naar een volwaardige/volwassen kunstvorm en ook in de illustratiewereld wordt er veel gebruik van gemaakt. Deze techniek wordt nog weleens gezien als een hulpmiddel voor andere technieken.

In rechtbanken (tot heden) wordt er nog veelvuldig van pentekeningen gebruikgemaakt en moderne kunstenaars blijven het als een eenvoudig en goedkoop middel zien om beelden vast te leggen. Complete tekeningen worden gemaakt op grote vellen papier en er zijn pentekeningen bekend die een oppervlakte bestrijken van 80 bij 60 cm.

Ook wordt de pen-en-inkt-techniek in verschillende combinaties gebruikt met diverse materialen.

Materiaal[bewerken]

  • De pen bestaat uit een penhouder (van hout of kunststof) en een pennetje dat Quillpen heet. Deze zijn nog steeds te koop en een van de fabrieken staat in Engeland onder de naam Gillott.
  • De inkt kan buiten Oost-Indische inkt ook bestaan uit synthetische inktsoorten in diverse kleuren. Zo is het mogelijk om een gekleurde pentekening te vervaardigen. Het enige nadeel is dat bij deze inktsoorten de kans bestaat dat de kleuren verkleuren en later niet meer zichtbaar zijn. Oost-Indische inkt heeft dit nadeel niet en is kleurecht en zal altijd zijn hardheid behouden. Zo is de inkt ook nog onderverdeeld in watervaste- en niet watervaste inktsoorten. In de moderne tijd zijn er ook pennen ontstaan die een inkt reservoir ingebouwd hebben en een punt hebben van verschillende diktes, bekende namen daarin zijn Rotring en Pelikan. Echter deze pennen hebben als nadeel dat je alleen maar lijnen kunt zetten in dezelfde dikte. De oude Quillpen heeft het voordeel dat vele lijndiktes mogelijk zijn met een en hetzelfde pennetje.
  • Het papier is bij pentekenen een belangrijke factor. Papiersoorten die zacht zijn gaan vezels loslaten en zo vlekjes veroorzaken. Het papier moet hard zijn wat dus meer gelijmd inhoudt, we praten hierover houtvrij radeer vast tekenpapier, aangeraden wordt papier van en boven 120 grs./m2 te nemen. Dit papier is dan geschikt om haarfijne lijntjes te zetten. Aquarelpapier is mogelijk maar let op de vezels. Dit papier is geschikt voor de gewassen pentekeningen. Verschillende papiersoorten laten hun eigen stijl en techniek zien.

Techniek[bewerken]

Deze is veelzijdig en zo zeer interessant om mee te werken. Je gaat uit van een blank (meestal wit) vel papier. Dit ga je opvullen met inkt door middel van een pen, veelal de Quillpen.

Er zijn duidelijk 5 manieren van pentekenen.

  • Als eerste (en oudste) manier is de lijntekening. Hierbij zijn contourlijnen geplaatst en worden enkele tussenlijnen toegevoegd om zo een object zichtbaar op het papier te verkrijgen. Deze techniek is de meest voorkomende bij kunstenaars die het gebruiken als een schets of een eerste impressie.
  • De tweede manier is die waarbij lijnen naast elkaar worden geplaatst (arceringen). Dit kan zowel horizontaal, verticaal als diagonaal. Door de lijnen kortere afstanden tussen elkaar te geven vul je het witte vlak meer of minder op en zo ga je schaduwplaatsen creëren. De hele tekening wordt op die manier gevuld met lijnen en zo krijg je een tekening die erg gedetailleerd kan zijn. De lijnen kunnen ook nog variëren in rechte-, kromme- of onderbroken lijnen. Alles kun je gebruiken welke lijnvorm dan ook om zo het gewenste resultaat te krijgen.
  • De derde manier is het gebruikmaken van puntjes, het zgn. pointillisme. Deze vorm van pentekenen is zeer arbeidsintensief en niet direct aan te raden bij grote tekeningen met vele donkere vlakken. Wel is het de manier om natuurgetrouw en bijna foto realistisch werk te maken. Zeker als je vergroot werkt zal het resultaat verbluffend zijn.
  • De vierde manier bestaat uit een techniek die vroeger veel gehanteerd werd, deze is het maken van een pentekening die dan "ingewassen" werd. Door lijnen op papier te zetten kun je die weer laten "vlekken" door met water te verdunnen. Dit wordt dan de gewassen pentekeningen genoemd. Door de inkt te verdunnen met water krijg je zo verschillende grijstonen.
  • De vijfde manier van pentekenen is een lijnpentekening in combinatie met kleuren, dit gebeurt met een penseel en inkt of verf. Dit werd gedaan om sneller een tekening op papier te krijgen en hierbij was de pen om de contouren te leggen en het penseel om in te vullen. Bekend is deze techniek geworden in de grafische wereld en tekenfilms. Het is een vorm van pentekenen waarvan voor het computertijdperk gretig gebruik werd gemaakt in de illustratie- en grafische wereld. Snel en volledig, kun je in een zeer korte tijd een illustratie maken.