Pesach

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Gedekte tafel op sederavond

Pesach (Hebreeuws: פסח – afgeleid van 'sloeg over': Pasach), ook bekend als het lentefeest, vrijheidsfeest of matzefeest is een van de belangrijkste feesten in het jodendom.

Met Pesach wordt het einde van de joodse slavernij in Egypte herdacht en de uittocht uit Egypte ( zoals beschreven in het Bijbelboek 'Exodus') en daarmee de bevrijding van het joodse volk van de slavernij. Deze gebeurtenissen, die niet zijn geverifieerd via bronnen buiten het jodendom, staan centraal in het joodse ethos.

Indeling van de feestperiode[bewerken]

Pesach duurt zeven of acht dagen en begint op de avond van de 15e niesan die in maart of april kan vallen. Niesan is de eerste maand van het joodse jaar.[1] Zoals iedere maand van de joodse kalender begint Niesan ook met nieuwe maan. Pesach begint 15 dagen later, dus op de dag dat het volle maan is. De joodse kalender is een maankalender, die schrikkelmaanden kent om te zorgen dat de kalender in de pas blijft lopen met de zonnekalender. De Joodse kalender is met de schrikkelmaanden zo aangepast dat Pesach altijd in de lente valt (in Israël).[2] Zodoende begint Pesach op de eerste volle maan na de lente-equinox, het begin va de lente. Pesach eindigt in Israël op de 21e niesan en daarbuiten op de 22e niesan.

Het Pesachfeest is gebaseerd op de tekst uit Exodus 12:15-20. In de Statenvertaling luidt deze tekst als volgt:

15 Zeven dagen zult gijlieden ongezuurde broden eten; maar aan den eersten dag zult gij het zuurdeeg wegdoen uit uw huizen; want wie het gedesemde eet, van den eersten dag af tot op den zevenden dag, diezelve ziel zal uitgeroeid worden uit Israël.

16 En op den eersten dag zal er een heilige verzameling zijn; ook zult gij een heilige verzameling hebben op den zevenden dag; er zal geen werk op denzelven gedaan worden; maar wat van iedere ziel gegeten zal worden, datzelve alleen mag van ulieden toegemaakt worden.

17 Zo onderhoudt dan de ongezuurde broden, dewijl Ik even aan denzelfden dag ulieder heiren uit Egypteland geleid zal hebben; daarom zult gij dezen dag houden, onder uw geslachten, tot een eeuwige inzetting.

18 In de eerste maand, aan den veertienden dag der maand, in den avond, zult gij ongezuurde broden eten, tot den een en twintigsten dag der maand, in den avond.

19 Dat er zeven dagen lang geen zuurdesem in uw huizen gevonden worde, want al wie het gedesemde eten zal, dezelve ziel zal uit de vergadering van Israël uitgeroeid worden, hij zij een vreemdeling of een ingeborene des lands.

20 Gij zult niets eten, dat gedesemd is; in al uw woningen zult gij ongezuurde broden eten.

Gebruiken[bewerken]

Schoonmaak[bewerken]

Verbranden van Chametz in Bnei Brak

Voordat Pesach begint vindt een grote schoonmaak plaats op grond van Exodus 12:15 en wordt in elk geval door orthodoxe Joden het gehele huis gereinigd van alle mogelijke resten van gerezen brood en gist. Ook wordt het servies afgewassen of er wordt zelfs een apart servies gebruikt.[3] De avond voor Pesach wordt het huis met een kaars doorzocht om de laatste resten te vinden. De volgende ochtend wordt al het gist ritueel verbrand.[4][5] Met kinderen wordt er een spel van gemaakt, de kinderen verstoppen de laatste stukjes brood of gist, en de ouders moeten zoeken, terwijl de kinderen "warm" en "koud" roepen als de ouders dichterbij of verderaf zoeken.[4]

Een seiderschotel

Sederavond[bewerken]

Het feest vangt aan met één sederavond in Israël en twee erbuiten. De seder is een uitgebreide maaltijd, waarbij de familie ontspannen op hun stoelen zit. Men gebruikt een speciale seiderschotel, en ook de haggada ligt op tafel. Op tafel staat traditioneel een extra glas wijn voor de profeet Elia.

Op sederavond worden door de aanwezige kinderen teksten gelezen uit de hagada, er worden liederen gezongen, de vier vragen worden gesteld (waarom eten wij anders dan alle avonden matze; waarom zitten wij anders dan alle andere avonden niet rechtop; waarom is deze avond zo anders dan alle andere avonden; en waarom eten we anders dan alle andere avonden bittere kruiden), er worden vier bekers wijn (of druivensap) gedronken en een maaltijd (de sedermaaltijd) wordt genuttigd volgens een vrij vast patroon. De gehele avond is bedoeld om - op grond van een voorschrift uit de Thora - de Pesachtraditie door te geven aan de jongeren, zij moeten nieuwsgierig gemaakt worden naar de betekenis van de symbolen op de seiderschotel, zoals het botje, het bittere kruid, de matzes, het hardgekookte ei, zout water, peterselie etc.

De avond eindigt traditioneel met de wens "Volgend jaar in Jeruzalem"[6] Daarmee drukken Joden in de diaspora de wens uit terug te keren naar het land van oorsprong.

Pesachweek[bewerken]

Gedurende de hele Pesachweek, die bij sommige Joden zeven dagen duurt en bij andere acht, mag men volgens de religieuze voorschriften geen gerezen voedsel eten. In plaats van regulier brood eet men matzes oftewel 'ongerezen' broden.

Haggada uit de 14e eeuw, Duitsland

Matzes[bewerken]

Vierkante matze. Matzes kunnen ook rond zijn

Gedurende de gehele Pesach periode wordt volgens de voorschriften geen gist gegeten, het chameetz. Daarmee wordt herdacht dat de Israëlieten tijdens hun vertrek uit Egypte geen gerezen brood konden eten vanwege tijdsgebrek. Ook andere met gist gerezen producten mogen niet worden gegeten. Het verbod slaat op alle andere soorten brood en op alle andere deegwaren. Omdat ongerezen brood niet erg lekker is, heeft men een alternatief bedacht, er worden grote dunne crackers gemaakt, de matzes, onder rabbinaal toezicht.

Matzes worden bijvoorbeeld gegeten met boter en bruine suiker, geraspte kaas of zachtgekookt ei.

Moderne invulling[7][bewerken]

Tegenwoordig symboliseert de exodus (uittocht) van slavernij naar vrijheid het algemene verlangen van Joden om als vrije mensen te kunnen leven. Daarnaast is in het feest het samenzijn met de familie erg belangrijk. Volgens een Joods voorschrift nodigt men daarbij anderen uit, die geen verwanten hebben.

Oudtestamentische achtergrond[bewerken]

Mozes[bewerken]

Volgens de Torah leefden de Israëlieten in Egypte en werden ze daar als slaven behandeld. Mozes werd hun leider. Hij vroeg de toenmalige farao om toestemming om terug te keren naar het Land van Israël. De farao weigerde.

In het Bijbelboek Exodus wordt dit alles beschreven: hoe Mozes het volk in opdracht van God na op de dag af 430 jaar in Egypte van de slavernij bevrijdde, in de maand Aviv. De weigering van de farao omdat de joden goedkope arbeidskrachten waren. Pas na de tien door God gezonden plagen mocht het Joodse volk vertrekken. De tiende plaag was het ergste, alle eerstgeborenden van de Egyptenaren werden door God gedood. De eerstgeborenen van de joden werden overgeslagen, deze bleven leven, vandaar de naam Pesach, dat overslaan betekent.[3] God kon zien welke huizen hij moest overslaan omdat de joden bloed op de deurpost hadden gesmeerd. Vervolgens wordt de doortocht door de Rode Zee (toen nog Schelfzee) beschreven en 40 jaar omzwervingen door de Sinaïwoestijn voordat het beloofde land Kanaän in bezit genomen mocht worden.

De uittocht[bewerken]

De avond voor de uittocht werd de Pesachtraditie ingesteld, gesteund door voorschriften die Mozes had gekregen (hoofdstuk 12): men moest met een bosje hysop bloed van een 'vlekkeloos' geslacht lam smeren op beide deurposten en de bovendorpel; men moest staande en met reiskleren aan een maaltijd nuttigen van ongezuurd brood, en het gebraden vlees van het offerdier. Slaven mochten wel mee-eten, maar alleen als ze besneden waren. Dat gold ook voor vreemdelingen, bijwoners en dagloners. Het Pesach moest thuis, en famille, gevierd worden en geen stukje vlees mocht naar buiten gebracht worden. Er mocht geen been van het dier gebroken worden. Heel Israël moest dit vieren.

De broodkoeken waren ongezuurd omdat het volk haastig moest vertrekken, zonder te kunnen wachten tot het deeg gerezen en volgens gewoonte bereid was (Ex.12: 39). Het moest 's avonds of 's nachts worden gegeten omdat het "een nacht van waken ter ere van de Here" (Ex.12:42) zou zijn, omdat Hij hen die nacht Egypte had uitgeleid. Later werd het vroegste tijdstip van de paasmaaltijd officieel vastgesteld op 19.00 uur. Het hele feest duurde vanaf die tijd zeven dagen.

Historie[bewerken]

Pelgrimsfeest[bewerken]

Pesach is oorspronkelijk een pelgrimsfeest. Toen de tempel in Jerusalem nog bestond, trokken alle Joden naar Jeruzalem om er offers te brengen[8].

Bloed aan de deurpost[bewerken]

Tijdens de koning Salomo ging het bergafwaarts met het houden van de voorschriften en feesten. In 621 v.Chr. herstelde koning Josia de tempeldienst en ook het Pesach. Opnieuw werden de Mozaïsche voorschriften voor het feest ingevoerd: bloed aan de deurpost en bovendorpel, reiskleren aan; het slachten van een ontwijd dier 'tussen de avonden', (dat wil zeggen bij het volle maan tussen de eerste zonsopkomst en volledige zonsondergang) het eten van gebraden vlees met soms de ingewanden naast de kop gelegd, ongezuurd brood en bittere kruiden, soms een soort bruine vruchtenmoes. Wijn kwam er pas later bij. Tot aan de Babylonische ballingschap (ca. 470-400 v.Chr.) functioneerde het feest met wisselend succes.

Na de ballingschap werd het Pesach opnieuw een pelgrimsfeest. Men kwam van overal voor een week naar Jeruzalem, waar de herbouwde tempel weer een prominente rol vervulde. Begrijpelijkerwijs stond de viering de eerste tijd in het teken van de terugkeer uit Babylonië, maar geleidelijk aan kwam het accent weer op de Exodus te liggen.

Pesach en Massot[bewerken]

Het paaslam van de familie of gemeenschap werd op de 14e Niesan (voorbereidingsdag) na het middaguur in de tempel geslacht, daarna meegenomen naar het onderkomen, gebraden en bij de maaltijd op 15 Niesan na 19.00 uur genuttigd. Er werd wijn gedronken, ongezuurd brood en kruidensla gegeten en een loflied gezongen, het Hallel.

Pesach en het christendom[bewerken]

Christenen noemen Pesach vaak 'pascha'. Pascha is het Aramese woord voor Pesach. Opvallend is dat in de Oosters-orthodoxe Kerk het woord Pascha met het Griekse Pascho (dat "lijden" betekent) verbond. Daarmee gaf men een christelijke betekenis aan Pasen. Vreemd genoeg is 'pascha' juist de Hebreeuwse naam voor het christelijke paasfeest. Het christelijke Pasen is geïnspireerd op het joodse Pesach en het vroegere lentefeest — dat dus aan de basis van beide ligt — hoewel met een nieuwe symboliek rond de kruisiging en wederopstanding van Jezus.

Aangezien Jezus en zijn volgelingen zelf Pesach vierden, is er eind 20e eeuw en begin 21e eeuw een gebruik onder sommige groepen christenen ontstaan — oorspronkelijk in Duitsland — om jaarlijks de sederavond te vieren met als doel zo 'dichter bij Jezus te staan'. Ook discussiëren sommige christenen of dit nieuwe gebruik wel authentiek en gewenst is. Het jodendom zelf stelt dat de Pesachregels alleen van toepassing zijn op mensen die joods zijn; het jodendom hekelt de externe uitdraging van religie.

Zie ook[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Joodse kalender
  2. Pesach en de maand Niesan
  3. a b Pesach. Joods Historisch museum Geraadpleegd op 3 april 2015
  4. a b Kwartaalblad Benjamin. Joods Welzijn Geraadpleegd op 7 april 2015
  5. Orthodoxe joden maken zich op voor Pesach. NRC Handelsblad (25 Maart 2013) Geraadpleegd op 7 April 2015
  6. Volgend jaar in Jeruzalem Geraadpleegd op 3 April 2015
  7. Achtergrond van het Pesachfeest, Joods Pasen. Joods actueel Geraadpleegd op 3 april 2015
  8. Achtergrond van het Pesachfeest, Joods Pasen. Joods actueel Geraadpleegd op 3 april 2015