Philip Morris International

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Philip Morris International Inc.
Fabriek van Philip Morris in Izhora
Fabriek van Philip Morris in Izhora
Beurs NYSE: PM
Oprichting 2008
Sleutelfiguren André Calantzopoulos (CEO)
Hoofdkantoor New York
Werknemers 79.500 (2016)[1]
Producten tabak
Omzet Gestegen US$ 75,0 miljard (2016)[1]
Winst Gestegen US$ 7,3 miljard (2016)[1]
Website www.pmi.com
Portaal  Portaalicoon   Economie

Philip Morris International Inc. (PMI) is een onafhankelijke internationaal opererende tabaksproducent, actief in ongeveer 180 landen.

Activiteiten[bewerken]

Philip Morris International Inc., via haar dochterondernemingen, houdt zich bezig met de vervaardiging en de verkoop van sigaretten en tabaksproducten in landen buiten de Verenigde Staten. Het is de producent en distributeur van sigarettenmerken zoals Marlboro, L&M, Chesterfield en Philip Morris. Daarbij voert Philip Morris ook een categorie van tabakverdampingsproducten (heat-not-burn) – oplossingen waarbij tabak wordt verhit en niet verbrand.[2]

De huidige hoofdvestiging bevindt zich in New York en een operations center bevindt zich in Lausanne, Zwitserland.

In 2015 verkocht het bedrijf wereldwijd 847 miljard sigaretten. Het had wereldwijd een marktaandeel van bijna 30%, maar dit exclusief de verkopen in de Volksrepubliek China en de Verenigde Staten. Het merk Marlboro was veruit het belangrijkste merk een marktaandeel van bijna 10% in 2015. Wereldwijd werden er 5400 miljard sigaretten verkocht en dit is inclusief China en de Verenigde Staten. Op basis van deze cijfers had PMI een marktaandeel van iets meer dan 15%.

Resultaten[bewerken]

in miljarden US$
Jaar[3] Omzet Bedrijfs-
resultaat
Netto-
resultaat
Werknemers
(x 1)
2011 76.346 13.342 8879 78.100
2012 77.393 13.863 9154 87.100
2013 80.029 13.515 8850 91.100
2014 80.106 11.702 7658 82.500
2015 73.908 10.623 7032 80.200
2016 74.953 10.815 7250 79.500

Geschiedenis[bewerken]

PMI was een divisie van de Altria Group. Per 31 maart 2008 kreeg het bedrijf een eigen notering aan de New Yorkse en Parijse beurs Euronext, en ging zij als onafhankelijk bedrijf verder.[4]

Nederland[bewerken]

In 1969 werd de Eindhovense sigarettenfabrikant Mignot & De Block overgenomen. In 1980 werd te Bergen op Zoom een zeer grote sigarettenfabriek opgericht. In 1982 werd de productie van Mignot & De Block daarheen overgeplaatst. De Bergse vestiging was tot 2014 de grootste vestiging van Philip Morris op het Europese continent. Er werkten ongeveer 1400 mensen. In april 2014 werd bekend dat Philip Morris per 1 oktober van dat jaar negentig procent van deze banen ging schrappen, omdat de productie in Bergen op Zoom werd stopgezet. Alleen de afdelingen "Expanded Tobacco Plants" en "Flavor Processing Center" zouden nog blijven produceren.

Medio 2016 maakte Philip Morris bekend weer in Bergen op Zoom een speciale tabak voor een variant op de e-sigaret te gaan produceren en dat gaat tot 70 banen opleveren.[5] Het besluit leidt tot een investering van 65 miljoen euro en de nieuwe productielijn gaat in 2018 in productie. Eind 2017 werden in de fabriek twee nieuwe productielijnen voor de Iqos, een nieuw minder schadelijk rookloze product waarbij de tabak wordt verhit en niet verbrand.[6] De vraag hiernaar neemt sterk toe. In Bergen op Zoom worden de tabaksvelletjes gemaakt, die om de tabak wordt gewikkeld die in de Iqos wordt gestopt.[6] Hiervoor zijn 135 nieuwe medewerkers nodig. Zijn deze allemaal aangenomen dan werken er, inclusief de logistieke afdelingen, weer 700 mensen.[6]

Philip Morris vs Australië[bewerken]

In 2011 spande PMI aan omdat volgens hen Australië verzaakte aan de vrijhandelsakkoorden. De Australische regering had beslist dat op sigarettenverpakking foto's van longkankerpatiënten moesten staan. De zaak werd vooral bekend omdat tegenstanders van arbitrage het als voorbeeld gebruikten waartoe het kan leiden. Namelijk schadevergoedingen door overheden te betalen omdat ze het algemeen belang (gezondheid van burgers) voor het (privaat) economische belang stellen van een bedrijf. Eind 2015 verklaarde het arbitragetribunaal zich onbevoegd en er werd geen vergoeding betaald.

Zie ook[bewerken]

Externe link[bewerken]