Physician assistant

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een physician assistant (PA) is iemand die geen arts is maar wel zelfstandig taken van de arts kan overnemen, bijvoorbeeld het afnemen van een anamnese, het opstellen van een behandelplan, maar ook heelkundige handelingen zoals operaties, pacemakerimplantaties, endoscopieën, zenuwblokkades en het plaatsen van een centraal veneuze katheter (CVC). Daarnaast is de PA bevoegd voor het verlenen van professionele spoedeisende hulp (bijvoorbeeld Advanced Life Support en Advanced Trauma Life Support).[1] [2] In de Verenigde Staten bestaat de functie sinds de jaren 1960, toen ze werd ingesteld om een tekort aan artsen te verlichten.[2] Inmiddels zijn in de VS zo'n 60.000 PA's werkzaam.[3] Net als de nurse practitioner is het een functie op een niveau tussen arts en verpleegkundige in. Het verschil tussen de twee is dat de nurse practitioner meer vanuit een verpleegkundige invalshoek werkt, terwijl de PA zich vooral met medische zaken bezighoudt.[4] De physician assistant moet niet verward worden met de traditionele doktersassistent(e),[5] die in een artsenpraktijk vooral de administratieve assistentie verzorgt en allerlei voorgeschreven routinebehandelingen uitvoert.

Nederland[bewerken]

De functie is in Nederland een nieuw beroep[4] dat rond het jaar 2000 vanuit de Verenigde Staten is komen 'overwaaien'.[6] In 2001 startte de eerste opleiding in Nederland en in 2003 studeerden de eerste Nederlandse PA's af.[4] De opleiding is een initiële hbo-master van tweeënhalf jaar waarvoor men een afgeronde erkende opleiding op hbo-niveau in de gezondheidszorg moet hebben (bijvoorbeeld hbo-verpleegkundige), en ten minste twee jaar werkervaring in de directe patiëntenzorg.[7]