Piet Kingma

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Piet Kingma
Plaats uw zelfgemaakte foto hier
Algemene informatie
Volledige naam Pieter Germen Kingma
Geboren Leeuwarden, 29 mei 1926
Overleden Arnhem, 24 november 1994
Land Vlag van Nederland Nederland
Portaal  Portaalicoon   Muziek

Pieter Germen (Piet) Kingma (Leeuwarden, 29 mei 1926Arnhem, 24 november 1994) was een Nederlands hoboïst, pianist, componist en dirigent.

Hij was zoon van amanuensis en conciërge van een gymnasium Germen Gerrit Kingma en zijn tweede vrouw Aaltje van der Wal. Hij was getrouwd met Johanna Wilhelmina (Jopie) van Scherpenseel. In 1984 werd hij benoemd tot ridder in de Orde van Oranje Nassau.

Opleiding[bewerken | brontekst bewerken]

Hij kreeg zijn eerste muziekopleiding van zijn vader, een muziekliefhebber, violist en zanger. Daarna volgden lessen op piano en in muziektheorie van Willem Zonderland, directeur van de Stedelijke Muziekschool Leeuwarden en dirigent van de Friesche Orchest Vereeniging. Hij werd, na zijn middelbare school afgerond te hebben en enige tijd ondergedoken te hebben in De Lier, in 1946 toegelaten tot het Koninklijk Conservatorium in Den Haag met pianolessen van Hugo van Dalen, hobolessen van Jaap Stotijn (beide hoofdvakken) en theorie van Martin Lurssen en anderen. Hij deed er in 1952 eindexamen. In 1952 werd Kingma solohoboïst bij het Maastrichts Symfonie Orkest, het latere Limburgs Symfonie Orkest en tot leraar aan het Maastrichts Conservatorium. Hij werd in 1965 directeur van de Muziekschool Venlo en werd dirigent bij Koninklijk Toonkunstkoor Orpheus. In diezelfde periode (1965-1972) nam volgde hij lessen in compositieleer bij Hendrik Andriessen. In 1966 ging hij aan de slag als leider van "Onderlinge Kunstbeoefening Naar Vermogen" in 1967 opgedoopt in Venloos Symfonie Orkest; een functie die hij tot 1992 zou bekleden. In 1989 werd hij de eerste dirigent van Kamerkoor Cabaletta uit Venlo.

Composities[bewerken | brontekst bewerken]

Een van zijn eerste werken was een strijkkwartet uit 1939, dat thuis met broer Jo Kingma op altviool werd uitgevoerd. Een aantal van zijn werken zijn: Missa Brevis (1946), Ontmoeting (mannenkoor en orkest uit 1973), In terra viventium (koor en orkest, 1979), Symfonietta piccola, Dansen voor Orff-instrumentarium, Sextuor (1975) en de opera Fostedina (Sêge fan de gouden kape, 1950) op libretto van Yps Boersma-Terpstra.

Zijn componeerstijl is daarbij beïnvloed door Hendrik Andriessen als ook Maurice Ravel en is gematigd modern in een laat-impressionistisch idioom. Veel van zijn composities zijn in opdracht of voor bepaalde uitvoerenden, zoals bijvoorbeeld het Gemini Ensemble, geschreven. In 1953 werd zijn Concertino voor hobo en orkest bekroond in de AVRO prijsvraag. In datzelfde jaar componeerde hij de Rilke Lieder, ter gelegenheid van het 100-jarig bestaan van het Koninklijk Toonkunstkoor Orpheus. Als hommage aan het Venloos Symfonie Orkest schreef hij in 1992 Capriccio et Choral.

In Theater de Maaspoort in Venlo is een van de zalen naar Piet Kingma vernoemd.