Naar inhoud springen

Plasmablast

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Plasmablast

Een plasmablast is de meest onrijpe bloedcel die tot de plasmacellijn wordt gerekend.[1] Plasmablasten scheiden meer antilichamen af dan B-cellen, maar minder dan plasmacellen.[2] Ze delen zich snel en zijn nog steeds in staat antigenen op te nemen en deze aan T-cellen te presenteren.[11] Een cel kan enkele dagen in deze toestand blijven en vervolgens afsterven of onomkeerbaar differentiëren tot een volwassen, volledig gedifferentieerde plasmacel.[2] De differentiatie van volwassen B-cellen tot plasmacellen is afhankelijk van de transcriptiefactoren Blimp-1/PRDM1, BCL6 en IRF4.[3]

De differentiatie van plasmablasten wordt geïnitieerd door antigene stimulatie in de lichte zone van het kiemcentrum en hun verdere rijping vindt plaats nadat ze zich in de donkere zone hebben gevestigd. De receptor voor sfingosine-1-fosfaat S1PR1, waarvan de expressie op plasmablasten wordt gemoduleerd door mir-17-92 en de integrinereceptor bèta 2 zijn vereist op plasmablasten voor het verlaten van de lymfeklieren, terwijl de chemokinereceptor CXCR4 vereist is voor het migreren naar het beenmerg.[4]

Voor de B1-cel-subgroep, die migreert naar de milt of de perifeer bloedcirculatie, differentiëren de transitionele B-cellen zich tot rijpe B1a-cellen of rijpe B1b-cellen en uiteindelijk tot plasmablasten en plasmacellen. Voor de B2-subgroep differentiëren de transitionele B-cellen zich tot folliculaire B-cellen (FO) of marginale zone B-cellen (MZ) en uiteindelijk tot plasmablasten en plasmacellen. Daarnaast is er het stadium van transitionele-2 marginale zone precursor, T2-MZP-B-cellen, de voorloper van MZ B-cellen. Studies hebben aangetoond dat transitionele B-cellen, MZ-cellen, T2-MZP-cellen, B1-cellen, plasmablasten en plasmacellen allemaal kunnen differentiëren tot regulerende B-cellen (Breg-cellen) met verschillende fenotypes.[5]

Het fenotype van een plasmablast is CD19+CD20-CD27+CD38++.

Klinische betekenis

[bewerken | brontekst bewerken]

Plasmablasten spelen een rol bij auto-immuunziekten, acute virusinfecties, bloedkankers en chronische ontstekingsziekten. Een voorbeeld van kankers is het plasmablastisch lymfoom, waarbij B-cellen die gedifferentieerd zijn tot plasmablasten niet verder differentiëren tot rijpe plasmacellen. De plasmablasten prolifereren overmatig, hopen zich op in en brengen schade toe aan verschillende weefsels en organen.[6]

Bij vaccinatie spelen plasmablasten een belangrijke rol in de vroege immuunrespons.

Zie de categorie Plasmablasts van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.