Portfolio

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een portfolio, van het Latijnse portare (dragen) en folium (vel papier), is in het algemeen een verzameling van werken of verwezenlijkingen van een persoon of organisatie.

Toepassingen[bewerken]

Een portfolio wordt opgesteld als iemand een overzicht wil geven van zijn werk. Zo vraagt men bij de toelatingsexamens voor het hoger kunstonderwijs in de fotografie een portfolio (een selectie) van reeds gemaakte foto's. Ook als eindwerk in een hogere opleiding kan gevraagd worden een portfolio samen te stellen. Het kan dan bijvoorbeeld een verslag van de stage bevatten, naast een literatuurlijst en/of eigen ontwerpen of realisaties.

Een ander voorbeeld is een portfolio van een fotomodel, of een architect die zijn realisaties samenbrengt om aan (toekomstige) klanten te laten zien wat soort werk hij aflevert.

In de financiële en zakelijke wereld wordt de term portfolio gebruikt om een (al dan niet samenhangend) geheel van beleggingen of investeringen aan te duiden (bijvoorbeeld: aandelenportfolio, effectenportfolio, onroerendgoedportfolio, projectenportfolio). Een merkenportfolio is het geheel van merken dat eigendom is en/of beheerd wordt door één bedrijf. Een productportfolio is het geheel van producten (of productgroepen) van een bedrijf.

Portfolio voor educatieve doeleinden[bewerken]

  • Ontwikkelingsportfolio

De lerende neemt informatie op over het eigen functioneren door het systematisch terugblikken. De rol van de docent is die van coach. Dit is een goed instrument voor reflectie, het stimuleert ook metacognitieve leeractiviteiten. De lerende moet duidelijk geïnformeerd worden over het niveau van de behaalde en te behalen competenties. Formatief van karakter.

  • Reflectieportfolio

Gericht op inzicht in persoonlijk interpretatiekader. Lijkt op ontwikkelingsportfolio maar het cyclisch reflectieproces is nog sterker ingebouwd. Genereert grote dynamiek in leerproces. Formatief van karakter.

  • Dossierportfolio

Geeft inzicht in vaktechnische competenties aan de hand van verzameling bewijsstukken door de lerende geleverd op school of in bedrijf. Eisen worden minutieus voorgeschreven. Het draagt een sterk controlerend karakter. Het kan zowel summatief als formatief worden ingezet. De betrokkenheid van de lerende bij het eigen leerproces blijft gering.

  • Gedragsportfolio

Meet geen gedrag maar is gericht op vaktechnische competenties. Randvoorwaarden en evaluatiecriteria worden voorgeschreven maar de lerende vult naar eigen inzichten het portfolio met bewijsstukken over een bepaalde periode. Meer vrijheid van de lerende ten opzichte van dossierportfolio dus ook meer betrokkenheid. Kan zowel summatief als formatief worden ingezet.

  • Showcaseportfolio

De (bijna) afgestudeerde verzamelt bewijsstukken voor de naderende sollicitatie. Het is sterk productgericht. Summatief van karakter.

  • Kwalificerend portfolio.

Beoordeling van de kwalificerende bewijzen waarmee de deelnemer aantoont over de juiste competenties te beschikken om als beginnend beroepsbeoefenaar te kunnen functioneren voor een beroepskwalificatie. De kwalificatie is vastgelegd in een kwalificatiedossier. Een kwalificerende portfoliobeoordeling wordt uitgevoerd als afsluiting van een onderwijstraject of ter afsluiting van een EVC traject. Het portfolio is dan een onderdeel van een competentiegericht assessment.

Vormgeving en inhoud[bewerken]

  • Alle bewijsstukken die deel uitmaken van een portfolio moeten relevant zijn:
de competentie van de lerende wordt aangetoond
de te realiseren doelstellingen worden aangegeven
stappen of fasen in ontwikkeling van de competentie worden geïllustreerd
  • Een portfolio moet selectief en representatief zijn
  • Een portfolio moet goed gestructureerd en georganiseerd zijn
  • Het karakter van een portfolio is dynamisch
  • Een portfolio omvat volgens Collins (1991):
artefacten; deze maken deel uit van het gewone functioneren, bijvoorbeeld werkplannen, aantekeningen en uitgewerkte voorbeelden
reproducties; tijdelijk van aard en worden normaal niet bewaard, bijvoorbeeld voorlopige ontwerpen en video’s over eigen functioneren
getuigenissen; door derden gemaakte rapporten over functioneren, bijvoorbeeld commentaar van een cliënt over geleverd werk of commentaar van een collega over de samenwerking
producties; bewijsmateriaal speciaal gemaakt voor het portfolio om verworven kennis en vaardigheden te documenteren. Voorbeelden zijn bijschriften, dagboeken en commentaar bij verzamelde documenten.

Literatuur[bewerken]

  • Dochy, F. & Struyven, K. (2002). Assessment: betekenis en assessmentvormen. In F. Dochy, L. Heylen, & H. Van de Mosselaer (red.). Assessment in onderwijs. Nieuwe toetsvormen en examinering in studentgericht onderwijs en competentiegericht onderwijs (p. 33-60). Utrecht: Lemma BV.
  • Janssens, W., Boes, W. & Wante, D. (2002). Portfolio's: een instrument voor toetsing en begeleiding. In F. Dochy, L. Heylen, & H. Van de Mosselaer (red.). Assessment in onderwijs. Nieuwe toetsvormen en examinering in studentgericht onderwijs en competentiegericht onderwijs (p. 33-60). Utrecht: Lemma BV.