Praamgracht

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De Praamgracht is een kanaal dat van Maartensdijk naar de rivier de Eem bij Baarn loopt.

Het begint bij wat sloten langs de Biltseweg (N234) en loopt bij de kruising Biltseweg-Koningsweg onder de weg door. Vanaf de kruising naar paleis Soestdijk vormt het de gemeentegrens tussen Soest en Baarn. De gracht loopt onder de N221 door en gaat dan vlak langs herdenkingsmomument De Naald. Via daar gaat de gracht verder onder Baarn door, waar hij uiteindelijk uitkomt in de Eem.

Vanaf de 17e eeuw werd de vaart ook wel de Pijnenburgergrift genoemd, naar het landgoed Pijnenburg.

Geschiedenis[bewerken]

In de 10e eeuw schonk de bisschop van Utrecht het veengebied bij Lage Vuursche aan het kapittel van Sint Jan. Om het turf te transporteren vroegen deze in 1239 toestemming aan de bisschop om een vaart van De Vuursche naar de Eem te graven, het Oude Grachtje.

In 1398 werd de bovenloop verbreed en uitgediept, de benedenloop kreeg een nieuw, meer noordelijk tracé. De vaart werd bekend onder de naam Praamgracht, naar de pramen waarmee het turf werd vervoerd.

De vaart liep tot het huidige Prins-Hendrikoord. Het deel binnen dit landgoed werd later Engelse Gracht genoemd.

In de 15e eeuw werd de Praamgracht verlengd naar Maartensdijk. Hierdoor ontstond via de Maartensdijkse Vaart een directe route van de Eem tot aan Utrecht. Deze was door de geringe diepte slechts bevaarbaar door kleine platbodems. Plannen om de vaarweg uit te bouwen tot een kanaal voor grotere schepen, de Eemvaart, bestonden vanaf de 17e eeuw maar zijn nooit verwezenlijkt. Na de bouw van het Merwedekanaal in 1892 verviel de noodzaak van een verbinding met de Eem.