Primaat (persoon)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Wapen van een katholieke primaat

Een primaat (Latijn: primus = behorende tot de eersten) is iemand die in kerkelijk opzicht op de eerste plaats komt.

1. In de Rooms-katholieke Kerk is de bisschop van Rome (de paus) de primaat van de gehele Kerk.

2. Een rooms-katholieke primaat is een metropoliet die aan het hoofd staat van meerdere kerkprovincies in hetzelfde land.

In landen waar meerdere kerkprovincies zijn, is slechts een van de aartsbisschop-metropolieten de primaat. Zo is de aartsbisschop van Toledo de primaat van Spanje en de aartsbisschop van Gniezno primaat van Polen. De titel primaat is aan de zetel gebonden. Van oudsher waren er in Frankrijk drie aartsbisschoppen primaat[1]:

Er waren in Frankrijk verschillende disputen over zulke primaatschappen[2], bijvoorbeeld door de aartsbisschoppen van Bordeaux (primaat van Aquitanië) of dezen van Rouen (primaat van Normandië).

Landen met slechts één kerkprovincie (Nederland bijvoorbeeld) hebben geen primaat. Uitzondering op die regel is België waar de aartsbisschop van Mechelen wel de titel primaat heeft als "blote eretitel".[3]

3. In de Anglicaanse kerk is de primaat de belangrijkste bisschop van een kerkprovincie, de "chief bishop". Uitzondering zijn de kerkprovincies Engeland en Ierland die elk 2 primaten hebben. Voor Engeland zijn dit de aartsbisschoppen van Canterbury en York; voor Ierland dezen van Armagh en Dublin. Zij spreken onderling af wie zich primaat van "all England" of "all Ireland" mag noemen[4].