Psalm 110

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
God nodigt Christus uit plaats te nemen aan zijn rechterhand, op een schilderij van de Haarlemse schilder Pieter de Grebber uit 1645

Psalm 110 is een psalm uit het boek psalmen. In de Vulgaat heeft deze psalm nummer 109. Deze Latijnse tekst (Dixit Dominus) is door verschillende componisten getoonzet.

Tekst[1][bewerken]

1 Een psalm van David. De HEERE heeft tot mijn Heere gesproken: Zit aan Mijn rechterhand, totdat Ik Uw vijanden gezet zal hebben tot een voetbank Uwer voeten.
2 De HEERE zal den scepter Uwer sterkte zenden uit Sion, zeggende: Heers in het midden Uwer vijanden.
3 Uw volk zal zeer gewillig zijn op den dag Uwer heirkracht, in heilig sieraad; uit de baarmoeder des dageraads zal U de dauw Uwer jeugd zijn.
4 De HEERE heeft gezworen, en het zal Hem niet berouwen: Gij zijt Priester in eeuwigheid, naar de ordening van Melchizedek.
5 De HEERE is aan Uw rechterhand; Hij zal koningen verslaan ten dage Zijns toorns.
6 Hij zal recht doen onder de heidenen; Hij zal het vol dode lichamen maken; Hij zal verslaan dengene, die het hoofd is over een groot land.
7 Hij zal op den weg uit de beek drinken; daarom zal Hij het hoofd omhoog heffen.

Duiding[bewerken]

Dat deze psalm aan David moet worden toegeschreven, nemen christenen aan omdat in het Nieuwe Testament, in het Marcus, staat geschreven (12:36): "Want David zelf heeft door den Heiligen Geest gezegd: De HEERE heeft gezegd tot mijn Heere: Zit aan Mijn rechterhand, totdat ik Uw vijanden zal gezet hebben tot een voetbank Uwer voeten." De context van deze Marcuspassage maakt duidelijk dat in het eerste vers David zelf aan het woord is en dat met "mijn Heere" hier de Messias wordt bedoeld. Die bedoeling is, althans in de christelijke traditie, ook duidelijk uit het feit dat deze Heere wordt uitgenodigd aan Gods rechterhand plaats te nemen. De Messias, Christus, is zoals in het Nieuwe Testament op tal van plaatsen wordt genoemd, de enige die zit aan de rechterhand van God; hij is zelfs de enige die überhaupt zit want zelfs de engelen staan alleen rond zijn troon. In die zin is de psalm wel geduid als profetie van de heerschappij van de Messias, op de Dag des Oordeels. Op grond van deze psalm wordt Jezus in de brief aan de Hebreeën aangeduid als een priester uit de orde van Melchisedek, hetgeen in de christelijke traditie wordt gezien als de volmaakste vorm van (hoge)priesterschap.

Dixit Dominus in de muziek[bewerken]

Psalm 110 is door verschillende componisten op muziek gezet: