Pterostylis

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Pterostylis
Pterostylis coccina
Pterostylis coccina
Taxonomische indeling
Rijk:Plantae (Planten)
Stam:Embryophyta (Landplanten)
Klasse:Spermatopsida (Zaadplanten)
Clade:Bedektzadigen
Clade:Eenzaadlobbigen
Orde:Asparagales
Familie:Orchidaceae (Orchideeënfamilie)
Onderfamilie:Orchidoideae
Geslachtengroep:Cranichideae
Subtribus:Pterostylidinae
Geslacht
Pterostylis
R.Br. (1810)
Afbeeldingen Pterostylis op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Pterostylis op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie

Pterostylis is een geslacht uit de orchideeënfamilie en de onderfamilie Orchidoideae.

Het geslacht telt ongeveer honderd soorten en komt enkel voor in het Australaziatisch gebied.

Naamgeving en etymologie[bewerken]

  • Synoniem: Diplodium Sw. (1810), Oligochaetochilus Szlach. (2001), Plumatichilos Szlach. (2001), Petrorchis D.L. Jones & M.A. Clem. (2002), Linguella D.L. Jones & M.A. Clem. (2002), Crangonorchis D.L. Jones & M.A. Clem. (2002), Hymenochilus D.L. Jones & M.A. Clem. (2002), Bunochilus D.L. Jones & M.A. Clem. (2002), Speculantha D.L. Jones & M.A. Clem. (2002), Ranorchis D.L. Jones & M.A. Clem. (2002), Taurantha D.L. Jones & M.A. Clem. (2002), Pharochilum D.L. Jones & M.A. Clem. (2002), Eremorchis D.L. Jones & M.A. Clem. (2002), Urochilus D.L. Jones & M.A. Clem. (2002), Stamnorchis D.L. Jones & M.A. Clem. (2002)
  • Engels: Greenhood

De botanische naam Pterostylis is afkomstig van het Oudgriekse 'pteron' (vleugel) en 'stylis', (zuil),[bron?] wat slaat op de gevleugelde gynostemium bij de bloem.

Kenmerken[bewerken]

Pterostylis zijn terrestrische orchideeën. Ze worden gekenmerkt door een gevleugeld gynostemium of zuiltje. De australische naam 'greenhood' (groenkapje) wijst op de groene helm, die de meeste bloemen bezitten.

Pterostylis coccina, kelk- en kroonbladen verwijderd
(1) - lip
(2) - scharnier
(3) - stempel
(4) - pollinia

Bij een aantal soorten heeft de bloem een scharnierende lip, die dichtslaat bij aanraking door een insect. De lip en de andere kelk- en kroonbladen vormen daardoor een lange buis, met midden in het gynostemium. Het insect moet achteruit zijn weg naar buiten zoeken, waarbij het de pollinia meeneemt. Bij een volgend bezoek worden de pollinia op dezelfde manier achtergelaten op een andere bloem.

Voorkomen[bewerken]

Pterostylis-soorten zijn beperkt tot het Australaziatisch gebied: Australië, Nieuw-Zeeland, Papoea-Nieuw-Guinea, Nieuw-Caledonië en Tasmanië. De planten groeien bij voorkeur op schaduwrijke plaatsen en bloeien bij gematigde temperaturen in de winter of herfst. In de zomer verdrogen de bovengrondse delen.

Taxonomie[bewerken]

Het geslacht bevat afhankelijk van de gevolgde taxonomie 70 tot 160 soorten. De typesoort is Pterostylis curti R. Br. (1810)