Quick Reaction Alert

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
F-16 CJ Fighting Falcon.

De Quick Reaction Alert (QRA) is een zeer hoge staat van paraatheid, waarbij jachtvliegtuigen worden gebruikt om het luchtruim van de NAVO te beschermen en om nationale taken uit te voeren. Het houdt in dat na een oproep van de luchtmacht-gevechtsleiding binnen enkele minuten een aantal straaljagers in de lucht kan worden gebracht. Hoeveel minuten het duurt voor de toestellen in de lucht kunnen zijn hangt af van het dreigingsniveau, maar zal nooit groter dan een bepaald maximum zijn. Als de dreiging omhoog gaat kan deze reactietijd steeds naar beneden toe bijgesteld worden om zo snel mogelijk inzetbaar te zijn. Een oproep wordt in vaktermen een scramble genoemd. Een scramble worden bijvoorbeeld uitgevoerd als een vliegtuig met onbekende identiteit op de radar wordt waargenomen of als een vliegtuig nalaat radiocontact op te nemen op de voorgeschreven luchtverkeersleidingsfrequentie. Ook kan in geval van nood de hulp worden ingeroepen van deze militaire straaljagers om bijvoorbeeld een inspectie op beschadigingen uit te voeren door in formatie met het bewuste vliegtuig te gaan vliegen.

Benelux-samenwerking[bewerken]

België, Luxemburg en Nederland zijn op 1 januari 2017 gestart met de gezamenlijke bewaking van het Benelux-luchtruim met jachtvliegtuigen. Belgische en Nederlandse jachtvliegtuigen lossen elkaar om de vier maanden af. Om beurten hebben België en Nederland daarvoor twee F-16's gereed staan, de Quick Reaction Alert (QRA). De "Quick Reaction Alert"(QRA) houdt in dat 24 uur per dag twee jachtvliegtuigen paraat staan die binnen vijftien minuten in de lucht kunnen zijn om het luchtruim tegen vijandelijke indringers te beschermen. De samenwerking levert belangrijke voordelen op, want tot eind 2016 hield zowel België als Nederland hiervoor permanent twee jachtvliegtuigen paraat.

De Quick Reaction Alert heeft zowel een militaire taak in Navo-kader als een taak voor de bewaking van het nationale luchtruim. Ten aanzien van de nationale taak kunnen de Nederlandse en Belgische jachtvliegtuigen in het uiterste geval opdracht krijgen om dodelijk geweld toe te passen tegen een burgerluchtvaartuig waarvan een terroristische dreiging uitgaat. Inzetopdrachten kunnen alleen worden gegeven door de nationale autoriteiten van het luchtruim waarin het incident zich voordoet. Luxemburg heeft het gebruik van dodelijk geweld in het eigen luchtruim uitgesloten.

De overheid van het land in wiens luchtruim de dreiging zich voordoet, geeft de opdracht. Belgische jachtvliegtuigen die in het Nederlandse luchtruim een toestel moeten onderscheppen, handelen dan in opdracht van de Nederlandse minister van Veiligheid en Justitie. Die geeft de instructies door via het Air Operations Control Station Nieuw Milligen in Nieuw Milligen. Nederlandse F-16's boven België voeren de opdracht uit via het Control and Reporting Centre in Glaaien onder verantwoordelijkheid van de Belgische minister van Defensie. De bevoegde autoriteit van Luxemburg is de minister van Defensie. De QRA wordt uitgevoerd beurtelings vanaf de Belgische vliegbases Kleine Brogel en Florennes en de Nederlandse vliegbases Volkel en Leeuwarden.

Het grote voordeel van dit akkoord is uiteraard dat de beide luchtmachten hun uitgespaarde middelen en piloten elders kunnen inzetten; om meer te trainen of internationaal in te zetten als dat moet. “Belgische en Nederlandse F-16’s zullen elkaar ongeveer elke vier maanden aflossen”.

In maart 2015 tekenden de ministers van Defensie van Nederland, België en Luxemburg al het Renegade-akkoord. Daarin kwamen ze overeen dat ze de bewaking van burgervliegtuigen waarvan een terroristische dreiging uitgaat vanaf 1 januari 2017 volgens een beurtrol zullen uitvoeren. De Benelux-landen en Frankrijk hebben op 16 februari 2017 een aanvullend verdrag gesloten over luchtruimbewaking. Deze overeenkomst maakt het juridisch mogelijk dat Nederlandse jachtvliegtuigen vanuit België of Luxemburg de Franse noordgrens passeren als zij een verdacht burgertoestel volgen, totdat Franse militaire toestellen deze taak hebben overgenomen. België en Frankrijk hebben reeds een onderling verdrag op dit gebied. Het verdrag met Frankrijk voorkomt dat er lacune ontstaat op dit gebied als Nederland de QRA-beurt heeft en België geen jachtvliegtuigen paraat heeft staan. Omdat de samenwerking betrekking heeft op de grens van Frankrijk met België en Luxemburg, is het niet nodig dat Franse jachtvliegtuigen tot in het Nederlandse luchtruim komen. Dit is ook in het verdrag vastgelegd. Elk land heeft op elk moment het recht om de eigen militaire toestellen naar huis terug te roepen. Verder zullen de militaire toestellen in het kader van dit verdrag met Frankrijk geen dodelijk of destructief geweld toepassen. Het verdrag wordt voorafgaand aan ratificatie voorlopig toegepast, zodat Nederlandse F-16’s vanaf 1 mei 2017 Frankrijk kunnen binnenvliegen als dat nodig is.

“Deze overeenkomst tegen de luchtdreiging is zonder meer baanbrekend”, zegt Belgische minister van Defensie Steven Vandeput. “Het is ongezien dat wij als land toestaan dat een vliegtuig van een andere natie boven ons eigen land zou optreden. Dit gebeurt weliswaar onder bevoegdheid van de nationale autoriteiten, maar het zou dus kunnen dat we bij een bedreiging boven België Nederlandse F-16’s in ons luchtruim aan het werk zien.”

Nederland[bewerken]

QRA's worden in Nederland gecoördineerd vanuit het Air Operations Control Station Nieuw Milligen (AOCS NM). De QRA-taak rouleert over vliegbases die beschikken over F-16's. De QRA is afwisselend gestationeerd op de Vliegbasis Leeuwarden en Vliegbasis Volkel.

Scrambles[bewerken]

2004
  1. 24 september: Onbekend Russisch vliegtuig onderschept
  2. 30 september: BA 983 (G-EUPH) voorzorglanding op Schiphol
  3. 6 oktober: JM331, US navy C-9B 15-9115, was onderweg van Stavanger (Noorwegen) naar Sigonella (Italië) en zat niet op de reguliere luchtverkeersleiding (ATC) frequentie
  4. 10 oktober: Nouvelair, Airbus A320, TS-INI had geen contact meer met ATC boven Nederlands-Duitse grens
  5. 12 oktober: Malev, Boeing 737, HA-LOA had geen contact meer met ATC boven Nederlands-Duitse grens
2005
  1. 19 januari: Boeing 747 zonder radiocontact
  2. 29 mei: Airbus A320 BMED G-MEDH zonder radiocontact
2006
  1. 24 juni: HMS 1963 onderweg van Burgas (Bulgarije) naar Belfast (Ierland) zat op de verkeerde frequentie.
  2. 23 augustus: De piloot van een DC-10 vlucht NW 42 vroeg om een security escort terug naar Schiphol, na verdachte activiteiten aan boord.
2007
  1. 9 maart: Onderschepping Belgische Hercules die onderweg was van België naar Noorwegen maar met motorpech terugkeerde. In Hoorn sneuvelden ruiten.
  2. 12 mei: Onderschepping Duitse Cessna. De Cessna crasht 7 km ten westen van Harlingen in de waddenzee. Piloot overleden
  3. 11 november: Omstreeks 15.00 u: Onderschepping van een helikopter die geen radiocontact kon leggen na het opstijgen.[1]
2008
  1. 10 oktober: Omstreeks 14:30 stegen 2 F-16's op om een Boeing 767 te onderscheppen waarmee geen radiocontact mogelijk was. Kort na het opstijgen werd het contact hersteld en braken de F-16's hun missie vroegtijdig af. De Boeing was onderweg vanuit Turkije naar de Verenigde Staten.
2009
  1. 24 november: Twee F-16 onderscheppen twee Russische bommenwerpers van het type TU-95 MS die richting het Nederlands luchtruim vlogen zonder hun identiteit bekend te maken. De Deense luchtmacht volgde de vliegtuigen al tot de grens van het Deense luchtruim. De RAF nam de begeleiding over nadat de vliegtuigen het luchtruim waarvoor Nederland binnen de NAVO verantwoordelijk is, verlieten.
2010
  1. 20 juni: Twee F-16 onderscheppen een passagiersvliegtuig dat vanuit het oosten naar het westen over Nederland wilde vliegen.
  2. 16 September: 2 Russische bommenwerpers van het type TU-95 MS naderen het Nederlandse luchtruim. De Duitse collega's waren eerder ter plaatse en namen het over.
  3. 19 Oktober: Twee F-16's onderscheppen twee Russische bommenwerpers van het type TU-95 MS die boven Nederlands luchtruim vliegen. Er kon geen contact gemaakt worden. Duitse vliegtuigen nemen het later over.
2011
  1. 20 januari: Twee Russische bommenwerpers van het type TU-95 MS zijn in de nacht van woensdag op donderdag onderschept door twee Nederlandse F-16's. De Russen werden op dat moment al in de gaten gehouden door de Noorse en Deense luchtmacht.
  2. 2 maart: Deense vliegtuigen hielden de Russische Bear T95’s al in de gaten. Bij de grens van het gebied waar Nederland binnen de NAVO verantwoordelijk voor is, zetten de Nederlandse F-16's de begeleiding voort. De Russische vliegtuigen vlogen ten noordwesten van Leeuwarden richting Engeland, waarna de Britse luchtmacht de begeleiding overnam.
  3. 20 mei : Geen radiocontact met verkeersvliegtuig dat van Barcelona naar Stockholm vloog. Radiocontact kon worden hersteld.
  4. 7 juni : Twee Russische toestellen van het type Tupolev Tu-95 (Bear) worden boven de Noordzee onderschept.
  5. 17 augustus : Twee Russische toestellen van het type Tupolev Tu-95 (Bear) worden wederom boven de Noordzee onderschept. Ook nu bogen de Russische vliegtuigen na de onderschepping af richting het westen, waar jachtvliegtuigen van de Royal Air Force de achtervolging overnamen.
  6. 11 oktober : In de middag worden twee Russische bommenwerpers Tupolev Tu-95 onderschept. De Russen waren het Nederlandse luchtruim binnengevlogen zonder hun identiteit bekend te maken. Nadat ze het Nederlandse luchtruim hadden verlaten, hebben Deense vliegtuigen de taak overgenomen. Voordat de Russische Bear T-95 H vliegtuigen het luchtruim bereikten waarvoor Nederland binnen de NAVO verantwoordelijk is, hielden twee Engelse jachtvliegtuigen de Russen al in de gaten.[2]
2012
  1. 29 augustus: 2 F-16-gevechtsvliegtuigen zijn de lucht ingegaan om een Airbus-passagiersvliegtuig uit het Spaanse Malaga te onderscheppen waarmee geen radiocontact kon worden gemaakt. Tijdens de landing was het radiocontact alweer hersteld.[3]
  2. 11 september: Nederlandse F-16's van vliegbasis Volkel hebben twee Russische bommenwerpers onderschept. De toestellen van het type Tupolev Tu-95 vlogen boven de Noordzee zonder hun identiteit bekend te maken.[4]
2013
  1. 21 maart: Twee Russische bommenwerpers van het type TU-95 MS worden boven de Noordzee onderschept door twee F-16-gevechtsvliegtuigen met hulp van Britse gevechtstoestellen.
  2. 10 september: Twee Russische bommenwerpers van het type TU-95 naderen het Nederlandse luchtruim en twee F-16-gevechtsvliegtuigen worden vanaf luchthaven Volkel ingezet om de bommenwerpers te onderscheppen.
2014
  1. 24 maart: Twee F-16-gevechtsvliegtuigen hebben vanaf de vliegbasis Volkel een Amerikaans vrachtvliegtuig onderschept dat op weg was naar Schiphol. Het toestel had vooraf geen toestemming gevraagd om door het Nederlandse luchtruim te vliegen, terwijl dat vanwege de nucleaire top in Den Haag wel verplicht was. Boven de Noordzee legden de F-16's contact met de piloten, om het vliegtuig vervolgens het Nederlandse luchtruim uit te leiden. Daarna is het vliegtuig zelf naar Frankfurt gevlogen.
  2. 23 april: Twee Russische bommenwerpers van het type TU-95 naderen het Nederlandse luchtruim en twee F-16-gevechtsvliegtuigen worden vanaf luchthaven Volkel ingezet om de bommenwerpers te onderscheppen. Ze worden verder begeleid door Deense en Britse gevechtstoestellen.
  3. 12 augustus: Een privéjet uit München [callsign N65LJ] op 8900 meter hoogte zat op de verkeerde frequentie, waarna de landelijke luchtverkeersleiding in Maastricht een verzoek voor contact via vliegbasis Leeuwarden heeft gedaan. Twee F-16-gevechtsvliegtuigen legden snel visueel contact waarna de piloot op de juiste frequentie weer verbinding met de verkeersleiding had.
  4. 21 augustus: Twee Nederlandse F-16-gevechtsvliegtuigen zijn twee keer in actie gekomen omdat twee Russische bommenwerpers boven Nederlands gebied vlogen. De Russische toestellen van het type TU-95 MS Bears vlogen rond 14.45 uur het meest noordelijke deel van het Nederlandse luchtruim binnen onder escorte van twee Deense F-16's. Nadat de Nederlandse straaljagers de Russische toestellen bij het verlaten van het Nederlandse luchtruim hadden overdragen aan de Britse luchtmacht, maakten ze een bocht en vlogen ze opnieuw Nederlands gebied binnen. De Nederlandse F-16's namen de begeleiding vervolgens weer over van de Britten. Enige tijd later verlieten de Russische toestellen het Nederlandse luchtruim.
2016
  1. 6 juni: Twee Nederlandse F-16-gevechtsvliegtuigen kwamen in actie nadat een burgervliegtuig in het Nederlandse luchtruim gesignaleerd werd dat geen contact had met de luchtverkeersleiding[5].
2017
  1. 7 augustus: Twee Nederlandse F-16-gevechtsvliegtuigen werden ingezet om een passagiersvliegtuig te onderscheppen dat het contact met de luchtverkeersleiding had verloren[6].

Vliegtuigen[bewerken]

De vliegtuigen die voor zo'n missie gebruikt worden staan afwisselend gestationeerd op Leeuwarden (EHLW - LWD) en Volkel (EHVK - VKL ) 24 uur per dag en 365 dagen per jaar. Deze vliegtuigen zijn afkomstig van 322 en 323 squadron op Leeuwarden, en van 312 en 313 squadron op Volkel, maar tijdens zo'n QRA stand-by zijn ze in opdracht van de Nato Air Defense. Hun callsign (roepnaam) tijdens een QRA is AJ (Alpha Juliet) voor vliegtuigen afkomstig van de vliegbasis Leeuwarden en AG (Alfa Golf) voor vliegtuigen afkomstig van de vliegbasis Volkel. Deze twee letters worden gevolgd door 2 cijfers.