Regering-Martens VI

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Zetelverdeling in de Kamer van volksvertegenwoordigers voor de bestuursmeerderheid van Martens VI

De Regering-Martens VI was de federale regering van België van 28 november 1985 tot 21 oktober 1987. In de regering zaten de CVP/PSC en de PVV/PRL. De regering viel als gevolg van de Happart-kwestie.

De regering volgde op de regering-Martens V en werd gevolgd door de regering-Martens VII.

Ministers en staatssecretarissen[bewerken]

De regering bestond uit 15 ministers en 13 staatssecretarissen. De verdeling was: CVP (10), PVV (6), PRL (6) en PSC (6).

Minister Naam Partij
Premier Wilfried Martens CVP
Vicepremier, Justitie en Institutionele Hervormingen Jean Gol PRL
Vicepremier, Binnenlandse Zaken, Openbaar Ambt en Decentralisatie Charles-Ferdinand Nothomb PSC
Vicepremier, Begroting, Wetenschapsbeleid en Planning Guy Verhofstadt PVV
Buitenlandse Zaken Leo Tindemans CVP
Financiën Mark Eyskens CVP
Openbare Werken Louis Olivier PRL
Communicatie en Buitenlandse Handel Herman De Croo PVV
Werkgelegenheid en Arbeid Michel Hansenne PSC
Onderwijs Daniël Coens CVP
Economische Zaken Philippe Maystadt PSC
Sociale Zaken en Institutionele Hervormingen Jean-Luc Dehaene CVP
Landsverdediging en Brussels Gewest François-Xavier de Donnea PRL
Middenstand Jacky Buchmann PVV
Onderwijs André Damseaux PRL
Staatssecretaris Naam Partij
Ontwikkelingssamenwerking André Kempinaire PVV
Buitenlandse Handel Etienne Knoops PRL
Pensioenen Pierre Mainil PSC
PTT Paula D'Hondt CVP
Europese Zaken en Landbouw Paul De Keersmaeker CVP
Energie Firmin Aerts CVP
Justitie en Middenstand Georges Mundeleer PRL
Brussels Gewest Jan Bascour PVV
Modernisering en Informatisering van de Openbare Diensten Guy Lutgen PSC
Openbaar Ambt en Wetenschapsbeleid Louis Bril PVV
Brussels Gewest Jean-Louis Thys PSC
Milieu en Sociale Ontvoogding Miet Smet CVP
Volksgezondheid en Gehandicaptenbeleid Wivina Demeester CVP

Vorming[bewerken]

De regering werd snel na de wetgevende verkiezingen van 13 oktober 1985 gevormd. Het was een voortzetting van dezelfde coalitie als de Regering-Martens V.

Herschikkingen[bewerken]

Maatregelen[bewerken]

De regering kreeg volmachten van het parlement om besparingen door te voeren. Het besparingsplan werd Sint-Annaplan genoemd naar de Sint-Annapriorij van het kasteel Hertoginnedal waar het werd overeengekomen. Het doel was de Belgische begrotingstekort te herleiden tot 8% van het bbp eind 1987. De besparingsmaatregelen kwamen hard aan in de sociale sector en het onderwijs en leidden tot massale betogingen. Minister van Begroting Guy Verhofstadt, de motor achter de besparingen, kreeg hierbij de volle laag van de vakbonden.

Deze regering voerde ook het pensioensparen in, de zogenaamde 'derde pijler'.

Val[bewerken]

Naar aanleiding van de kwestie-Happart diende premier Martens op 14 oktober 1986 een eerste keer het ontslag van de regering aan de Koning aan. De crisis werd echter voorlopig bedwongen door het slachtofferen van Charles-Ferdinand Nothomb. De kwestie was echter niet ten gronde opgelost en het vormde alsnog de aanleiding voor het ontslag van de regering een jaar later, op 21 oktober 1987.

Uit het getuigenis van Jef Houthuys bleek dat het wantrouwen van de vakbonden tegenover Guy Verhofstadt ("da joenk") eveneens als oorzaak van het verdwijnen van de regering Martens VI dient te worden gezien. Dit ongenoegen kwam tot uiting in de gesprekken van Poupehan.[1]

De ploeg werd herbenoemd met beperkte bevoegdheden onder de naam Martens VII.