Regionaal Platform Criminaliteitsbeheersing Noord-Holland

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Regionaal Platform Criminaliteitsbeheersing Noord-Holland (RPC) is een overheidsinstelling opgericht in 2007 die zich richt op de aanpak van criminaliteit tegen het bedrijfsleven.

Het RPC is een samenwerkingsverband tussen overheid en bedrijfsleven en is ontstaan vanuit het Nationaal Platform Criminaliteitsbeheersing[1] (NPC)]. De minister van Justitie en Veiligheid is voorzitter van het Nationaal Platform Criminaliteitsbeheersing. Ook het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) is in het NPC vertegenwoordigd. Daarnaast nemen organisaties deel als VNO-NCW - MKB, de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) en de Nederlandse Vereniging van Banken.

Omschrijving[bewerken | brontekst bewerken]

In het Regionaal Platform Criminaliteitsbeheersing werken ondernemers met overheden samen aan een veilig en economisch gezond ondernemersklimaat. Er wordt gewerkt volgens het van het Integraals Veiligheidsbeleid van de gemeenten in Noord-Holland. Met preventieve maatregelen, voorlichting en trainingen worden oplossingen gezocht en gevonden. Bovendien voert het RPC Burgernet. Burgernet is een samenwerkingsverband van gemeenten, burgers en politie. Het systeem werd 1993 bedacht door een politieman uit de Nederlandse plaats Ridderkerk, voor het direct opsporen van zoekgeraakte kinderen, het vangen van criminelen (mogelijk op heterdaad), het vinden van verdwaalde ouderen.

Raad van Toezicht[bewerken | brontekst bewerken]

Commissarissen van bestuur

  • Jan Nieuwenburg (Voorzitter) - Burgemeester van Hoorn
  • Peter Holla - Plaatsvervangend Politiechef eenheid Noord-Holland
  • Jack van der Hoek - Gedeputeerde Provincie Noord-Holland
  • Martijn Smit - Burgemeester Beverwijk
  • Sue Preenen - Plaatsvervangend Hoofdofficier Openbaar Ministerie
  • Dennis Straat - Waarnemend Burgemeester Landsmeer
  • Els Prins - Secretaris VNO-NCW en MKB

Het bestuur van het RPC bestaat uit vertegenwoordigers uit zowel de publieke als private sector en omvat bewust veel verschillende disciplines.

Gericht op de samenleving[bewerken | brontekst bewerken]

Het RPC draagt bij aan het beheersbaar houden van criminaliteit en speelt zo in op regionale, landelijke of internationale trends. In de samenleving ligt altijd de oplossing. Daarom wordt er geïnvesteerd in kennisoverdracht en voorlichting in de vorm van trainingen en workshops. Dat gebeurt op beheersbare schaal. In alle gemeenten en op de basisteams van de politie zijn contactpersonen die activiteiten kunnen aanvragen.

Organisatie[bewerken | brontekst bewerken]

De gevolgen van criminaliteit in het bedrijfsleven zijn significant. Schade aan middelen, pand of voorraad en omzetverlies zijn direct zichtbaar, gevoelens van onveiligheid hebben indirect een negatief effect op het investeringsklimaat. De gevolgen van criminaliteit gaan veel verder dan men denkt. Het RPC werkt op provinciaal niveau en precies daarin schuilt een belangrijke kracht. Vanuit de samenwerking tussen de partners: het georganiseerde bedrijfsleven, gemeenten, Openbaar Ministerie, politie en de brandweer worden allerlei initiatieven opgezet, oplossingen gezocht en veiligheidsprocessen in gang gezet. De strategische partners delen kennis en de kosten. Het RPC stelt het programma samen en organiseert de uitvoering.  

Themagebieden[bewerken | brontekst bewerken]

Het RPC richt zich op themagebieden zoals de aanpak van ondermijning in het private netwerk, cybercriminaliteit en cameratoezicht.

Bij ondermijning infiltreren criminele netwerken in de bovenwereld door intimidatie, bedreiging, omkoping en chantage. De gevolgen voor ondernemers in het midden- en kleinbedrijf MKB en de horeca zijn groot. Het bedrijfsleven ervaart onvoldoende de consequenties van ondermijning. Men herkent het niet altijd en weet bovendien niet hoe het moet anticiperen. Het RPC ondersteunt het bedrijfleven met de vertaalslag van overheidsbeleid naar praktische uitvoering. De inhoudelijke kennis wordt ondersteund door de politie, het Openbaar Ministerie en VNO NCW – MKB. Het RPC werkt nauw samen met het Regionale Informatie- en Expertise Centra (RIEC’s) en het Landelijk Informatie- en Expertise Centrum (LIEC). Deze richten zich op de bestrijding van ondermijnende criminaliteit. Ze verbinden informatie, expertise en krachten van de verschillende overheidsinstanties. Daarnaast stimuleren en ondersteunen de RIEC's en het LIEC de publiek-private samenwerking bij de aanpak van ondermijning.

Het Openbaar Ministerie definieert computercriminaliteit als ‘criminaliteit met ICT als doelwit’. Onder ICT worden geautomatiseerde werken verstaan, die zijn ingericht om langs elektronische weg gegevens op te slaan en te verwerken. Het internet beperkt zich niet tot grenzen: wereldwijd zijn er bijna 4 biljoen gebruikers. De digitalisering van de samenleving brengt een forse toename van criminaliteit met een digitale component met zich mee. Onderzoekers noemen een jaarlijkse stijging van cybercriminaliteit van 30% realistisch. Criminelen passen diverse soorten vormen van cybercriminaliteit toe. De motieven van daders lopen uiteen van financieel, ideëel, relationeel tot puberaal gedrag. Cybercriminaliteit is niet of nauwelijks op te lossen met opsporing. De beheersing van deze vorm van criminaliteit ligt over het algemeen bij de gebruikers van het internet.

Bij cameratoezicht voldoet meer dan de helft van de camerasystemen in Nederland niet. Om ondersteunende bewijslast voor een opsporingsonderzoek aan het licht brengen kijkt de politie naar specifieke kenmerken in de camerabeelden. Om te zien of deze beelden over deze kenmerken beschikken, heeft het RPC in opdracht van het ministerie van Jusitie en Veiligheid, samen met het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid, de richtlijnen Excellent Cameratoezicht opgesteld. Op 10 januari 2019 gaf minister Fred Grapperhaus het eerste certificaat aan Sander van der Laan, CEO bij de winkelketel Action.