Regionale Jeugdopleiding

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Het project Regionale Jeugdopleiding (vaak afgekort tot RJO) is een samenwerkingsverband tussen de KNVB en de BVO's welke als doel heeft gesteld het jeugdvoetbal in Nederland een impuls te geven en het aantal doorgebroken voetbaltalenten in Nederland te verdubbelen. Het project is onderdeel van het "Masterplan Jeugdvoetbal 2001-2011".

Achtergrond[bewerken]

Voor 2005 had elke Nederlandse BVO een aparte jeugdopleiding. Uit intern onderzoek van de KNVB in 2005 bleek dat de jeugdopleidingen van deze 38 BVO's onvoldoende rendement op brachten. Hierop besloot de voetbalbond samenwerkingen toe te staan: dit begon met de BVO's FC Twente en Heracles Almelo; de RJO werd toen Voetbalacademie FC Twente/Heracles Almelo genoemd. Nadat deze proef succesvol bleek te zijn werden er door de KNVB dertien jeugdopleidingen gecertificeerd als RJO. De KNVB ziet ruimte voor maximaal veertien RJO's in Nederland: in deze situatie zou er sprake zijn van een landelijke dekking.

RJO's[bewerken]

Momenteel heeft de KNVB dertien RJO's gecertificeerd. Het veertiende en laatste cerficitaat gaat naar een samenwerkingsverband in Limburg: hier spelen vier BVO's zonder RJO. De dertien RJO's zijn:

Onderzoek Elsevier[bewerken]

Uit onderzoek van Elsevier, gepubliceerd op 6 augustus 2011, blijkt dat 78% van de 1335 jeugdvoetballers (met hun geboortejaar tussen 1987 en 1990) van de RJO's geen betaald voetballer is geworden. Van de 235 spelers die wel het betaalde voetbal bereikten komt 37% van RJO Ajax.[3]