Naar inhoud springen

Reigersbos (metrostation)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Reigersbos
Reigersbos
Afkorting RGB
Opening 27 augustus 1982
Vervoerder GVB
Metrostation
Perrons 1
Perronsporen 2
Metro
LijnRichtingVolgend station

IsolatorwegAmsterdam Holendrecht
GeinGein

Centraal StationAmsterdam Holendrecht
GeinGein

Tram en/of bus
Stadsbus 47
Nachtbus N85
Ligging
Plaats Amsterdam
Coördinaten 52° 18 NB, 4° 58 OL
Reigersbos (metro van Amsterdam)
Reigersbos
Locatie van het metrostation
Portaal  Portaalicoon   Openbaar vervoer
Amsterdam
Ingang

Reigersbos is een station van de Amsterdamse metro, gelegen in de gelijknamige wijk Reigersbos in Gaasperdam in het stadsdeel Amsterdam-Zuidoost. Het station was al in 1975 in ruwbouw gereed en lag vijf jaar in het niemandsland in een kale vlakte. De gehanteerde stijl van het brutalisme van het basisgebouw steekt af ten opzichte van haar omgeving, die dus uit later tijd stamt.

Het bovengrondse metrostation opende op 27 augustus 1982 als deel van de Geinlijn; sinds 28 mei 1997 wordt station Reigersbos ook bediend door de Ringlijn 50, die hier zijn tracé met lijn 54 deelt.

De naam Reigersbos verwijst naar een verdwenen boerderij langs de Abcouderstraatweg. Deze boerderij is weer vernoemd naar een voormalig bosgebied, het Reyghersbosch, dat in de middeleeuwen op de plaats van Reigersbos lag.

Het metrostation ligt op een spoordijk met een viaduct (brug 1622) over de Reigersbosdreef en heeft een eilandperron. De oostelijke uitgang leidt naar de gelijknamige straat en winkelcentrum. Direct ten oosten van station Reigersbos voert de metrolijn over een viaduct (brug 1623) over het winkelcentrum en daarna door een kantoorcomplex dat als een poort over de sporen is gebouwd. Twee bushaltes van bus 47 liggen aan de Reigersbosdreef op enige loopafstand van beide in en uitgangen van het metrostation.

In het kader van het project MetroMorfose is de oorspronkelijke betonnen oosthal van het station in 2004 geheel gesloopt en volgens een nieuw ontwerp van Zwarts & Jansma architecten opnieuw in staal en glas opgebouwd. Wegens de grote kostenoverschrijdingen bij de vernieuwing van station Ganzenhoef werd het project na oplevering van deze hal stopgezet. De westhal aan het Renkumhof werd niet meer volgens het oorspronkelijke plan gelijk gemaakt aan de oosthal, maar in het kader van het soberdere project 'Schoon en Heel' opgeknapt. Hierbij zijn enkele grote betonvlakken voorzien van keramische tegels, is het grote toegangshek vervangen door een transparant rolluik en is de verlichting verbeterd. De halfronde glazen koepels, die als lichtstraten tussen de verschillende dakdelen waren aangebracht, zijn verwijderd en keerden wegens de hoge onderhoudskosten niet meer terug. De dakdelen werden vervolgens weer aan elkaar verbonden zodat de afzonderlijke dakdelen weer een geheel werden.

Het station werd in 2005, tegelijk met Ringlijnstation Postjesweg in Slotervaart, op proef uitgerust met een nieuw type windscherm en een nieuw type abri, opgetrokken uit staal met glas en voorzien van een reclamebord. Het was de bedoeling dat deze nieuwe windschermen en abri's alle huidige massieve stalen windschermen op de overige bovengrondse stations van de Oostlijn zouden vervangen, als onderdeel van de grootscheepse renovatie van deze lijn, die in 2008 werd gestart en vier jaar zou duren. In 2018 kreeg het station een opknapbeurt en werd ze voorzien van tegelwerk met daarop haar naam in een lettertype van René Knip.

Het uiterlijk van het station maakt deel uit van een hele serie aan bouwwerken die waren ontworpen voor deze metrolijn. Sier van Rhijn en Ben Spängberg waren de hoofdontwerpers voor de Publieke Werken. In beginsel was niet iedereen blij met deze bouwwerken in brutalistische stijl. Ze werd onder meer vergeleken met de betonnen Atlantikwall (Berend Boudewijn) , oprit naar concentratiekamp Sobibór en labyrintische grafkelder (Gerrit Komrij). Toch waren er ook positieve meningen van onder meer architecten Pi de Bruin en Izak Salomons. Met de toenemende waardering voor de stijl brutalisme in de 21e eeuw kwam de Oostlijn en dit station in een beter daglicht te staan. Toch verdwenen een aantal brutalistische stations uit de reeks. In 2018 kregen alle stations aan de Oostlijn opknapbeurten. Dit had bijvoorbeeld tot gevolg dat er nieuwe belettering werd aangebracht bij de in- en uitgangen, ook de in- en uitgangen kregen een opener uiterlijk. De belettering is afkomstig uit de fabrieken van Koninklijke Tichelaar Makkum naar ontwerp van Knip.

De schrijvers Arjen den Boer, Martijn Haan, Martjan Kuit, Teun Meurs en fotograaf Bart van Hoek namen het gebouw mee in hun boek Bruut - Atlas van het brutalisme in Nederland (2023, ISBN 9789462585379), waarin de top 100 binnen die bouwstijl te vinden is. Zij benoemden de gehele Oostlijn en dit station mee in hun boek en zetten de bouwwerken van de Oostlijn gezamenlijk op nummer 12 in hun top 20 van brutalistische bouwwerken. Bovendien kwam er in dat boek ook een artikel over de (hoofd)ontwerper van metrostation Holendrecht Sier van Rhijn. Zij deden verhaal dat het gehele traject een soort Gesamtkunstwerk werd. Stations en kunstwerken kregen alle een soortgelijk uiterlijk, die doorging voor een huisstijl bij het metrotraject. Bijzonder was dat de architecten dit doorvoerden in zowel de ondergrondse als bovengrondse metrostation. Binnen die huisstijl vielen bijvoorbeeld ook zitjes, prullenmanden en asbakken. Alle nadruk viel op het beton alsnog te ontdekken bouwmateriaal. De stations waaronder Reigersbos werden ter plekke opgebouwd met houten bekistingen, waarvan de afdrukken zichtbaar werden gelaten; verder is er grof afgewerkt beton te vinden in de stations. Hun korte omschrijving gaat toch naar Berend Boudewijn, maar dan in positief verband

Spoor van oorlogsbunkers

— Bruut - Atlas van het brutalisme