Resolutie 1137 Veiligheidsraad Verenigde Naties

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Jump to search
Vlag van Verenigde Naties
Resolutie 1137
Van de VN-Veiligheidsraad
Datum 12 november 1997
Nr. vergadering 3831
Code S/RES/1137
Stemming
voor
15
onth.
0
tegen
0
Onderwerp Sancties tegen Irak
Beslissing Legde reisbeperkingen op.
Samenstelling VN-Veiligheidsraad in 1997
Permanente leden
Vlag van China China · Vlag van Frankrijk Frankrijk · Vlag van Rusland Rusland · Vlag van Verenigd Koninkrijk Verenigd Koninkrijk · Vlag van Verenigde Staten Verenigde Staten
Niet-permanente leden
Vlag van Chili Chili · Vlag van Costa Rica Costa Rica · Vlag van Egypte Egypte · Vlag van Guinee-Bissau Guinee-Bissau · Vlag van Japan Japan · Vlag van Kenia Kenia · Vlag van Zuid-Korea Zuid-Korea · Vlag van Polen Polen · Vlag van Portugal Portugal · Vlag van Zweden Zweden
De ontmanteling van een Iraakse raket (foto: apr 1991).
De ontmanteling van een Iraakse raket (foto: apr 1991).

Resolutie 1137 van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties werd op 12 november 1997 met unanimiteit aangenomen door de VN-Veiligheidsraad.

Achtergrond[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Golfoorlog (1990-1991) voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Op 2 augustus 1990 viel Irak zijn zuiderbuur Koeweit binnen en bezette het land. De Veiligheidsraad veroordeelde de inval middels resolutie 660 en later kregen de lidstaten carte blanche om Koeweit te bevrijden. Eind februari 1991 was die strijd beslecht en legde Irak zich neer bij alle aangenomen VN-resoluties.

Inhoud[bewerken]

Waarnemingen[bewerken]

Men had een brief van Irak ontvangen, die voorwaarden verbond aan de Iraakse medewerking aan de Speciale Commissie (de wapeninspecteurs), die eiste dat die Speciale Commissie niet langer verkenningsvliegtuigen zou inzetten, die vliegtuigen impliciet bedreigde en toegaf dat het land door de Speciale Commissie te inspecteren uitrusting had verplaatst. Al deze zaken waren onaanvaardbaar.

De Speciale Commissie zelf had gemeld dat twee van haar functionarissen de toegang tot Irak was ontzegd op basis van hun nationaliteit en dat (wapen)inspecteurs op diezelfde grond de toegang tot te inspecteren sites was ontzegd. Ook waren belangrijke stukken te inspecteren uitrusting verplaatst en was er geknoeid met waarnemingscamera's.

Diplomatiek overleg had niets uitgehaald en Irak was reeds eerder gewaarschuwd voor sancties als het niet zou voldoen aan de eisen.

Handelingen[bewerken]

De Veiligheidsraad veroordeelde de voortdurende schendingen door Irak van de verplichtingen onder de resoluties en eiste dat het land volledig en onvoorwaardelijk meewerkte met de Speciale Commissie. Ook moest het land zijn beslissing om daar voorwaarden aan te verbinden onmiddellijk weer intrekken.

In overeenstemming met resolutie 1134 moesten alle landen onmiddellijk Iraakse functionarissen en militairen die verantwoordelijk waren voor de schendingen de toegang tot hun grondgebied ontzeggen. Daarvan werd in samenspraak met de Speciale Commissie een lijst opgemaakt. Deze provisies zullen pas eindigen de dag nadat de Speciale Commissie rapporteerde dat Irak de inspectieteams onmiddellijk, onvoorwaardelijk en ongehinderd toegang gaf tot eender welke site, uitrusting, gegevens, transportmiddelen en personen.

Verwante resoluties[bewerken]