Resolutie 2323 Veiligheidsraad Verenigde Naties

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Vlag van Verenigde Naties
Resolutie 2323
Van de VN-Veiligheidsraad
Datum 13 december 2016
Nr. vergadering 7832
Code S/RES/2323
Stemming
voor
15
onth.
0
tegen
0
Onderwerp Libische Burgeroorlog
Beslissing Verlengde de VN-missie in Libië met 9 maanden.
Samenstelling VN-Veiligheidsraad in 2016
Permanente leden
Vlag van China China · Vlag van Frankrijk Frankrijk · Vlag van Rusland Rusland · Vlag van Verenigd Koninkrijk Verenigd Koninkrijk · Vlag van Verenigde Staten Verenigde Staten
Niet-permanente leden
Vlag van Angola Angola · Vlag van Egypte Egypte · Vlag van Japan Japan · Vlag van Maleisië Maleisië · Vlag van Nieuw-Zeeland Nieuw-Zeeland · Vlag van Senegal Senegal · Vlag van Spanje Spanje · Vlag van Oekraïne Oekraïne · Vlag van Uruguay Uruguay · Vlag van Venezuela Venezuela
De Libische Premier Fayez al-Sarraj van de GNA in mei 2016.
De Libische Premier Fayez al-Sarraj van de GNA in mei 2016.

Resolutie 2323 van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties werd unaniem door de VN-Veiligheidsraad aangenomen op 13 december 2016, en verlengde de VN-ondersteuningsmissie in Libië, UNSMIL, tot medio september 2017.[1]

Standpunten[bewerken]

Rusland had liever een verlenging van slechts zes maanden gehad gezien de trage vooruitgang in Libië en in afwachting van de terugkeer van UNSMIL naar het land, en vond dat andere landen overdreven optimistisch waren over de situatie.[1]

Landen als het Verenigd Koninkrijk, de Verenigde Staten en Frankrijk benadrukten het belang van een eensgezinde internationale gemeenschap om Libië te steunen.[1]

Achtergrond[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Tweede Libische burgeroorlog (2014-heden) voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Op 15 februari 2011 braken in Libië – in navolging van andere Arabische landen – protesten uit tegen het autocratische regime van kolonel Moammar al-Qadhafi. Deze draaiden uit op een burgeroorlog tussen het regime en gewapende rebellengroepen, die zich gesteund wisten door het merendeel van de internationale gemeenschap, en die, met behulp van NAVO-bombardementen, de bovenhand haalden en een nieuwe regering opzetten. Vervolgens brak echter geweld uit tussen het nieuwe regeringsleger, verscheidene al dan niet door de overheid gesteunde milities, groepen die Qadhafi bleven steunen en islamitische groeperingen. Toen de islamitische partijen de verkiezingen verloren maar weigerden de macht af te staan ontstond een tweede regering.

Eind december 2015 bereikten de partijen in Marokko een politiek akkoord, en in maart 2016 werd de regering van nationaal akkoord (GNA) gevormd. Desondanks bleven verschillende "regeringen" autoriteit claimen. Politieke onenigheid maakte dat akkoorden over veiligheid onuitgevoerd bleven en de nieuwe grondwet op zich liet wachten. Het ontbrak ook aan financiële middelen om de baisvoorzieningen voor de bevolking te herstellen. Het gezag van de GNA was ook beperkt, en de hoofdstad Tripoli was in feite in handen van allerlei gewapende groeperingen.[2]

Naast de politieke strijd was er ook nog de strijd tegen Islamitische Staat. Eind 2016 slaagde de GNA met haar leger er in om de terreurorganisatie te verdrijven uit hun bolwerk Sirte.[3]

Inhoud[bewerken]

De humanitaire situatie in Libië bleef verergeren. Er waren verschillende bijeenkomsten geweest van landen, internationale organisaties en Libische instanties, waarbij die hun voortdurende steun aan Libië en diens regering van nationaal akkoord uitspraken, ten einde het politieke proces en de democratische overgang er te bevorderen. Er was ook beslist de olieproductie op te drijven, zodat er geld was om de noden van de bevolking te lenigen.

Het mandaat van de UNSMIL-missie in Libië werd verlengd tot 15 september 2017. Deze missie moest onder meer de Libische overheid, het politieke proces en noodhulpverlening ondersteunen. De missie moest ook helpen met het onder controle brengen van de wapentrafieken in het land.