Resolutie 59 Veiligheidsraad Verenigde Naties

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Vlag van Verenigde Naties
Resolutie 59
Van de VN-Veiligheidsraad
Datum 19 oktober 1948
Nr. vergadering 367
Code S/RES/59
Onderwerp Aanslag op Folke Bernadotte
Beslissing Medewerking aan, en de veiligheid van VN-personeel in Palestina.
Samenstelling VN-Veiligheidsraad in 1948
Permanente leden
Niet-permanente leden
De begrafenis van Folke Bernadotte, met op deze foto vooraan v.l.n.r. de Britse VN-ambassadeur Sir Alexander Cadogan, de Britse minister van Buitenlandse Zaken Ernest Bevin, de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken George Marshall en de Canadese premier William Lyon Mackenzie King.
De begrafenis van Folke Bernadotte, met op deze foto vooraan v.l.n.r. de Britse VN-ambassadeur Sir Alexander Cadogan, de Britse minister van Buitenlandse Zaken Ernest Bevin, de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken George Marshall en de Canadese premier William Lyon Mackenzie King.

Resolutie 59 van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties werd aangenomen in oktober 1948. Er waren geen bezwaren dus werd de goedkeuring als unaniem beschouwd.

Achtergrond[bewerken | brontekst bewerken]

VN-bemiddelaar Folke Bernadotte was met het oog op het sluiten van een akkoord door de VN naar Palestina gestuurd. Hij kon een bestand sluiten, maar werd op 17 september 1948 door zionistische militanten doodgeschoten.

Inhoud[bewerken | brontekst bewerken]

De Veiligheidsraad:

  • Verwijst naar het rapport van de waarnemende bemiddelaar over de moord op VN-bemiddelaar Folke Bernadotte en waarnemer André Sérot, zijn rapport over moeilijkheden bij het toezicht op het bestand en het rapport van de Bestandscommissie voor Palestina over de situatie in Jeruzalem.
  1. Is bezorgd over het feit dat Israël nog steeds geen rapport heeft ingediend over het moordonderzoek.
  2. Vraagt dat land zo snel mogelijk te laten weten hoe ver dit onderzoek staat en maatregelen die genomen worden tegen nalatigheid van functionarissen.
  3. Herinnert de betrokken regeringen en autoriteiten eraan dat resolutie 54 en resolutie 56 volledig van kracht blijven.
  4. Herinnert de waarnemend bemiddelaar eraan dat de waarnemers voor de VN het beste gelijkmatig over de territoria van beide partijen kunnen worden verdeeld om op het bestand toe te zien.
  5. De autoriteiten hebben de taak:
    a. De VN-waarnemers en ander personeel met de nodige merktekens volledige bewegingsvrijheid geven.
    b. Te assisteren in de verplaatsingen van VN-personeel door de procedures voor VN-vliegtuigen te vereenvoudigen en veilige doorgang te verzekeren.
    c. Mee te werken met de waarnemers inzake het onderzoeken van schendingen van het bestand, inclusief getuigen, getuigenissen en ander bewijsmateriaal beschikbaar maken.
    d. Alle via de VN-bestandscommissie gesloten overeenkomsten onmiddellijk mede te delen aan de commandanten op het slagveld.
    e. Alle nodige maatregelen te nemen om de veiligheid en de veilige doorgang van het personeel van de Bestandscommissie en de bemiddelaar terwijl op hun terrein te garanderen.
    f. Iedereen die geweld pleegt tegen dit personeel snel te straffen.

Verwante resoluties[bewerken | brontekst bewerken]

Originele werken bij dit onderwerp zijn te vinden op de pagina United Nations Security Council Resolution 59 op de Engelstalige Wikisource.