Rob Hoogland

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Rob Hoogland
Plaats uw zelfgemaakte foto hier
Het enige wat ertoe doet, is dat niks er echt toe doet[1]
Algemene informatie
Geboren 15 november 1950
Geboorteplaats Alkmaar
Land Vlag van Nederland Nederland
Beroep journalist, columnist
Werk
Jaren actief 1972-heden, als columnist vanaf 1984, dagelijkse column 1989-2015
Genre column
Invloeden Simon Carmiggelt, Nescio
Uitgeverij Pepper Books
Portaal  Portaalicoon   Media

Rob Hoogland (Alkmaar, 15 november 1950) is een Nederlands journalist en columnist. In het nieuwskatern van De Telegraaf verzorgde hij vanaf 1989 25 jaar de dagelijkse rubriek "Kringen". Na zijn pensionering in 2015 werd de frequentie teruggebracht tot drie keer per week. Naar eigen opgave uit 2018 bedroeg zijn productie tot dan meer dan 7000 columns.[2]

Loopbaan[bewerken]

Hoogland begon in 1972 bij het Noordhollands Dagblad waar hij sportjournalist was.[3] In 1976 stapte hij over naar De Telegraaf, waarvoor Hoogland als sportverslaggever onder meer de Tour de France versloeg. Bij de krant was hij ook sportcolumnist, columnist voor de bijlage Weekeinde, algemeen verslaggever en eindredacteur.[4] Tijdens de Olympische Spelen van 1984 begon hij op voorspraak van redactiechef Anton Witkamp met een column. In januari 1989 begon Hoogland met zijn dagelijkse column, om het gat te vullen dat na het vertrek van Leo Derksen was ontstaan.

Columns[bewerken]

Hooglands columns bestaan afwisselend uit meningen, overpeinzingen, observaties, portretten, herinneringen of verslagen van gebeurtenissen uit het dagelijks leven, al dan niet dat van de auteur zelf. Journalist Jeroen Wielaert omschrijft de stijl van Hoogland als 'een combinatie van scherpte, mildheid en tegendraadsheid.'[5] Hooglands stokpaardjes zijn de ergernis over het gedrag van fietsers in de hoofdstad en het verval van die stad in het algemeen, een andere bron van inspiratie is arrogantie en hypocrisie in de politiek.[6] Een regelmatige figurant in de columns is Hooglands hond Ruby, maar dan onder de aan Nescio ontleende naam Bavink, waarmee de columnist meteen een eerbetoon aan een literaire inspiratie brengt.[6] Daarnaast is Simon Carmiggelt, van wie het volledige oeuvre in Hooglands boekenkast staat, een bewonderde collega.

In 2015 verscheen bij Pepper Books, een imprint van uitgeverij Kluitman, onder de titel De Grote Hoogland een bloemlezing van 150 columns, gekozen uit de laatste vijf jaar.[7]

Hoogland valt niet zonder meer samen met de ik-persoon van zijn columns, al is het onderscheid niet groot. 'Ik houd natuurlijk rekening met het publiek waarvoor ik schrijf. Maar ik denk dat je toch een aardig beeld krijgt van wie ik ben.'[8]

Memoires[bewerken]

In 2017 verscheen Het Grote Foute Jongensboek, een samen met Arthur van Amerongen geschreven, overwegend satirisch boek over tal van onderwerpen, geïllustreerd door Gabriël Kousbroek. Volgens literatuurcriticus Jeroen Vullings kan de bijdrage van Hoogland gedeeltelijk diens memoires worden genoemd.[9]

Persoonlijk[bewerken]

Rob hoogland is getrouwd.[10]

Bibliografie[bewerken]