Rote Armee Fraktion

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Rote Armee Fraktion
ook wel: Baader-Meinhof-Groep
RAF-Logo.svg
Actief in de jaren 1968 - 1998
Formele oprichting in 1970
Laatste activiteit in 1993
Opgeheven in 1998
Hoofdkantoor Bondsrepubliek Duitsland
Actief in gebieden Europa, maar vooral in de Bondsrepubliek
Leider Andreas Baader
Ulrike Meinhof
Gudrun Ensslin
Horst Mahler
Ideologie Communisme, Marxisme-Leninisme
Doelstelling Gewapend verzet tegen "het systeem",
Anti-kapitalisme
Anti-imperialisme
Status De RAF werd gekwalificeerd als terroristische organisatie
Methoden Bomaanslagen en moordaanslagen
Financiering O.a. bankovervallen

De Rote Armee Fraktion (Nederlands: Rode-Legerfractie) was de actiefste naoorlogse links-extremistische terreurgroep in de Bondsrepubliek Duitsland. De RAF stond ook wel bekend onder de naam Baader-Meinhof-Groep. De groep werd in 1970 opgericht door onder meer Andreas Baader, Gudrun Ensslin en Horst Mahler, die later gezelschap kregen van Ulrike Meinhof. De groep was verantwoordelijk voor 34 moorden en talrijke bankovervallen en bomaanslagen. In 1998 meldde de RAF dat ze zichzelf had opgeheven.

Achtergrond[bewerken]

Vooral in de studentenbeweging ontstond er aan het eind van de jaren zestig steeds meer onvrede over het feit dat veel bestuurders uit het nazi-tijdperk nog steeds 'waakten' over de fundamenten van de (West-)Duitse samenleving. In hun ogen ontkende of verdrong de oorlogsgeneratie haar schuld aan de nationaalsocialistische misdaden. Een van de doelstellingen van de Rote Armee Fraktion was dan ook om schoon schip te maken met het naziverleden. De oorlogsgeneratie diende verantwoording af te leggen tegenover haar kinderen. De RAF ageerde verder ook sterk tegen de in de Bondsrepubliek heersende "kapitalistische staat". Een tweede doel van de groep was het zich ondergronds tegen "het systeem" verzetten.

De naam van de groep was afgeleid van het Russische Rode Leger, de term "Fraktion" (een eenheid binnen de communistische beweging) werd toegevoegd om het verband met de internationale marxistische strijd te benadrukken. De organisatiestructuur en handelwijzen waren grotendeels geïnspireerd door de Tupamaros, de linkse stadsguerrilla uit Uruguay. Het is bekend dat er banden waren met de toenmalige (communistische) Duitse Democratische Republiek. Zo werd aan Inge Viett, lid van de RAF én de Beweging van de Tweede Juni, onderdak verschaft door de DDR. Buiten de rechtstreekse politieke belangen in het kader van de Koude Oorlog had de DDR er belang bij om op de hoogte te zijn van op handen zijnde acties van beide groeperingen, teneinde haar Stasi-spionnen in het Westen geen gevaar te laten lopen als gevolg van de verhoogde paraatheid van de regering van de Bondsrepubliek.

Samenwerking[bewerken]

Voor zover bekend werkte de RAF samen met diverse organisaties en overheden, waaronder die van de DDR en met Noord-Korea. Dit kwam onder meer tot uitdrukking in een deels gecodeerde brief die wordt toegeschreven aan Ulrike Meinhof, waarin wordt gevraagd om ondersteuning van de Noord-Koreaanse leider Kim Il-sung.[1] Ook met andere organisaties zou contact zijn. Er werden middelen gedeeld, zoals wapens en springstof, of men hielp elkaar met de aanschaf ervan. Ook financieel stond men elkaar bij. Daarnaast volgden RAF-leden trainingen in kampen en kregen zij de beschikking over schuilplaatsen. Dit zou onder meer gebeuren in de DDR en het Midden-Oosten.

Over de exacte toedracht en de mate van samenwerking is thans nog geen zekerheid. De gemene deler van de partijen was vaak de vijandige houding richting het Westen, het kapitalisme. Ook met de ETA en de IRA was contact.[2]

Eerste generatie[bewerken]

De leden van de zogenaamde eerste generatie (bestaande uit Andreas Baader, Gudrun Ensslin, Horst Mahler, Ulrike Meinhof, Jan-Carl Raspe en verschillende anderen) waren vanaf 1970 tot en met 1972 actief. In juni 1972 werden zij bij acties aangehouden en veel later tot levenslange gevangenisstraffen veroordeeld. Wegens het grote gevaar voor de Duitse samenleving werden de opgepakte groepsleden in extra bewaakte inrichtingen geplaatst. Uit protest gingen zij meerdere malen in hongerstaking. Als gevolg daarvan overleed Holger Meins op 9 november 1974.

Nog meer leden van de eerste generatie stierven in de jaren 1975-1977 in de gevangenis, na verschillende mislukte pogingen van de "tweede generatie" om de groepsleden vrij te krijgen. Allemaal stierven ze met zelfmoord als officiële doodsoorzaak. Een van de weinige overlevenden van de eerste generatie, Irmgard Möller, heeft altijd bestreden dat er zelfmoord is gepleegd. Ook andere sympathisanten, juristen en buitenlandse experts hebben de officiële lezing in twijfel getrokken.

Tweede generatie / Duitse Herfst[bewerken]

Met name in de herfst van 1977 veroorzaakte de RAF grote onrust in Duitsland, die leidde tot een nationale crisis. Onder de Duitse bevolking staat deze periode bekend als de Duitse Herfst.

Op 30 juli 1977 werd Jürgen Ponto, directeur van de Dresdner Bank, doodgeschoten. Verder werd Hanns-Martin Schleyer ontvoerd, om de druk op de Bondsregering op te voeren en de eerste generatie van de RAF vrij te krijgen. Om de druk verder op te voeren, besloot een Arabische groep terroristen een Lufthansa-vliegtuig te kapen en de passagiers te gijzelen. Nadat de gijzelnemers door de arrestatie-eenheid GSG 9 waren overmeesterd, werden enkele uren later, in de vroege ochtend van 18 oktober, Baader, Ensslin en Raspe dood in hun cel aangetroffen. De officiële verklaring luidde zelfmoord, maar hieraan werd (en wordt) van diverse kanten getwijfeld. Hierop maakte de RAF haar dreiging om Hanns-Martin Schleyer te doden waar: de ontvoerde werkgeversvoorzitter werd op 19 oktober dood aangetroffen in de kofferbak van een auto in Mülhausen.

Een van de kopstukken van deze "tweede generatie" van de RAF was Brigitte Mohnhaupt. Zij werd op 11 november 1982 opgepakt en in 1985 tot vijf keer levenslang veroordeeld. Op 12 februari 2007 werd door de Duitse justitie besloten haar vervroegd vrij te laten na 24 jaar gevangenisstraf. Op 25 maart 2007 werd ze daadwerkelijk vrijgelaten.

Een ander kopstuk binnen deze tweede generatie van de RAF was de historicus Christian Klar. Hij was samen met Brigitte Mohnhaupt verantwoordelijk voor de ontvoering en de dood van Hanns-Martin Schleyer. Klar werd in 1985 tot zesmaal levenslang en vijftien jaar veroordeeld wegens negen moorden. Op 7 mei 2007 wees de Duitse bondspresident Horst Köhler een gratieverzoek af. Op 24 november 2008 werd bekendgemaakt dat Christian Klar op 3 januari 2009, na 26 jaar gevangenschap, op borgtocht vrij zou komen. De rechter oordeelde dat er geen gevaar is dat Klar in herhaling vervalt.

Begin jaren tachtig stopte een groep van 10 RAF-leden met hun activiteiten. Zij vertrokken als "Aussteiger" naar de DDR, waar zij een nieuwe identiteit kregen.

Derde generatie[bewerken]

Na de Duitse herfst was er nog een "Derde generatie" van de RAF. Een van de leiders hiervan was Birgit Hogefeld. Zij werd in juni 1993 gearresteerd tijdens een antiterreuroperatie. Een medeverdachte van haar en een politieagent kwamen hierbij om het leven. De derde generatie was al een stuk minder actief dan de vorige; de belangrijkste aanslag op haar naam was die op de nieuwbouw van de gevangenis in Weiterstadt op 27 maart 1993. Hierbij vielen geen slachtoffers, maar er werd grote materiële schade aangericht.

Birgit Hogefeld werd in 1996 veroordeeld tot een levenslange gevangenisstraf wegens de moord op een Amerikaanse militair en een bomaanslag op de Amerikaanse vliegbasis bij Frankfurt am Main in 1985. Hogefeld werd op 21 juni 2011 vrijgelaten.

Een ander lid was de kunstenares Eva Sybille Haule. Zij probeerde eind 1984 een aanslag te plegen op een NAVO-opleidingscentrum te Oberammergau. Deze aanslag mislukte door technisch falen. Verder zat ze achter de moord op de industrieel Ernst Zimmermann in februari 1985. In 1986 werd ze opgepakt en in 1994 tot levenslange gevangenisstraf veroordeeld wegens drievoudige moord en 23 pogingen tot moord. In februari 2007 verschenen er berichten in de pers dat Haule wellicht nog dat jaar vervroegd vrij zou komen uit de gevangenis van Berlijn. Uiteindelijk werd op 17 augustus door de rechtbank in Frankfurt bekendgemaakt dat Eva Sybille Haule op 21 augustus 2007 vervroegd zou worden vrijgelaten, na 21 jaar gevangen te hebben gezeten. Naderhand bleek dit bericht niet helemaal te kloppen: Haule kwam op 17 augustus op 53-jarige leeftijd vrij (met een proefperiode van 5 jaar). De onjuiste berichtgeving was bedoeld om een mediacircus te voorkomen. Haule beweert het geweld te hebben afgezworen en wordt door de Duitse justitie niet meer als gevaar voor de maatschappij beschouwd.

De RAF in Nederland[bewerken]

Den Haag[bewerken]

Gedenkplaat voor Arie Kranenburg

Eind jaren zeventig had de RAF schuiladressen in Nederland. Zo hielden Angelika Speitel en andere RAF-leden de ontvoerde werkgeversvoorzitter Hanns-Martin Schleyer vanaf 16 september 1977 enkele dagen verborgen in een woning aan de Stevinstraat in Den Haag (Scheveningen).[3][4]

In die dagen had Schleyer-ontvoerder Angelika Speitel met een mannelijke collega onder valse naam een auto gehuurd in de Trompstraat in Den Haag, waar ze na een schietpartij met de politie een arrestatie wist te ontlopen. Randy Siersema, hoofdagent van politie, raakte bij deze schietpartij zwaargewond. De ontkomen Speitel waarschuwde de overige ontvoerders in de Stevinstraat die in de nacht van 19 op 20 september Schleyer spoorslags overbrachten naar een statig pand in de Brusselse plaats Sint-Pieters-Woluwe, waar hij werd vastgehouden tot aan zijn dood.

Utrecht / Amsterdam[bewerken]

Enkele dagen na de schietpartij in Den Haag bleek ook in Utrecht een auto aan een Duitser onder een valse naam te zijn verhuurd. Op 22 september 1977, de dag dat de wagen ingeleverd moest worden, stonden dan ook 20 agenten klaar bij de verhuurder. De geplande arrestatie liep echter volledig uit de hand: toen het RAF-lid Knut Folkerts verscheen, opende hij het vuur op de agenten, waarbij een van hen, brigadier Arie Kranenburg, de dood vond. Kranenburgs collega Leen Pieterse raakte ernstig gewond. Tegenover het Beatrixtheater in Utrecht is een monument voor Arie Kranenburg geplaatst.

Niet lang daarna arresteerde de Amsterdamse politie, alweer na een schietpartij, twee kameraden van Folkerts: Christof Wackernagel en Gert Schneider. Ze werden na een jaar uitgeleverd aan Duitsland, samen met Folkerts, die intussen wel in Nederland was berecht en een gevangenisstraf van 20 jaar kreeg opgelegd. Hij moest deze in Duitsland uitzitten. In 1995 kwam Folkerts voorwaardelijk vrij, in 2001 definitief. Op 31 mei 2006 werd door de rechtbank in Den Haag bepaald dat Folkerts alsnog zijn Nederlandse straf moet uitzitten.

Kerkrade[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie Schietincident met Rote Armee Fraktion in Kerkrade voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Op 1 november 1978 vond op de Nieuwstraat in Kerkrade een vuurgevecht plaats. Even na twaalf uur 's middags openden de terroristen Rolf Heissler (geb. 1949) en Adelheid Schulz bij een paspoortcontrole het vuur op de douaniers Dyon de Jong en Johannes Petrus Goemans. Beiden overleefden de aanslag niet. De twee terroristen verdwenen met een gestolen bakkersbusje richting Maastricht en verder per trein richting België. Rolf Heissler werd in 1980 opgepakt en veroordeeld tot levenslange gevangenisstraf. In 2001 werd hem gratie verleend waarna hij in dat jaar vrijkwam. Adelheid Schulz werd in 1982 gearresteerd en verliet de gevangenis in 2002.

Op 1 november 2003 onthulde wethouder Frans Krasovec van Kerkrade een plaquette, ter nagedachtenis aan de vermoorde douaniers. Behalve talrijke belangstellenden waren ook nabestaanden, een afvaardiging van de Gemeente Kerkrade, de Douane en de parochies Bleijerheide (NL) en Strass (DE) aanwezig. De plaquette is ontworpen en vervaardigd door Wim Steins.

Bakker Schut[bewerken]

Een andere link met Nederland liep via de advocaat Bakker Schut. Hij verdedigde het Nederlandse RAF-lid Ronald Augustin, die behoorde tot de eerste generatie van RAF-leden. Bakker Schut maakte het mogelijk dat de RAF-leden, die geïsoleerd waren opgesloten, met elkaar konden communiceren.[5]

1998: RAF opgeheven[bewerken]

Op 20 april 1998 ontving het persbureau Reuters een verklaring van 8 pagina's, waarin de RAF verklaarde zich te hebben opgeheven. "Vor fast 28 Jahren, am 14. Mai 1970, entstand in einer Befreiungsaktion die RAF. Heute beenden wir dieses Projekt. Die Stadtguerrilla in Form der RAF ist nun Geschichte." (Bijna 28 jaar geleden, op 14 mei 1970, ontstond tijdens een bevrijdingsactie de RAF. Vandaag beëindigen wij dit project. De stadsguerrilla in de vorm van de RAF is nu geschiedenis.) Bewijzen voor de echtheid van de verklaring bestaan overigens niet.

De acties van de RAF hebben in totaal ongeveer 48 dodelijke slachtoffers geëist; naast politieke aanslagen, waarbij ontvoering en afpersing als middelen werden gebruikt, pleegde de RAF (zoals gebruikelijk in de stadsguerrilla) ook tal van bankovervallen en diefstallen ter financiering van haar doelstellingen.

Lijst van door de RAF opgeëiste aanslagen[bewerken]

Datum Plaats Actie Opmerkingen
11-05-1972 Frankfurt am Main Bomaanslag op een kazerne van de VS in Frankfurt am Main 1 dode, 13 gewonden
12-05-1972 Augsburg en München Bomaanslag op een politiebureau in Augsburg en het LKA in München 5 gewonde politieagenten
16-05-1972 Karlsruhe Bomaanslag op de auto van Bondsrechter Buddenberg Zijn vrouw bestuurde de auto en raakte gewond
19-05-1972 Hamburg Bomaanslag op Uitgeverij Axel Springer, uitgever van o.a. de Bild-Zeitung 17 gewonden
24-05-1972 Heidelberg Bomaanslag op het Europese hoofdkwartier van het Amerikaanse leger 3 doden, 5 gewonden
25-04-1975 Stockholm Bezetting van de Duitse ambassade, moord op Andreas von Mirbach en dr. Heinz Hillegaart 4 doden, waarvan 2 terroristen
07-04-1977 Karlsruhe Beschieting van rechter Siegfried Buback De chauffeur en een medewerker van justitie worden ook doodgeschoten
30-07-1977 Oberursel (Taunus) De directeur van de Dresdner Bank, Jürgen Ponto, wordt tijdens een poging tot ontvoering in zijn huis gedood
05-09-1977 t/m
18-10-1977
Keulen resp. Mulhouse Ontvoering van werkgeversvoorzitter Hanns-Martin Schleyer, Schleyer wordt uiteindelijk doodgeschoten 3 politieagenten en de autobestuurder worden gedood bij de ontvoering
13-10-1977 Mogadishu Kaping van Lufthansa-vlucht 181 1 dode: gezagvoerder Schumann van de Landshut
25-06-1979 Bergen - België Bomaanslag op de auto van NAVO-opperbevelhebber Alexander Haig 3 gewonde lijfwachten
09-07-1986 Straßlach Beschieting van Siemens-manager Karl Heinz Beckurts en bestuurder Eckhard Groppler
30-11-1989 Bad Homburg vor der Höhe Bomaanslag op bankier Alfred Herrhausen Zaak onopgelost
01-04-1991 Düsseldorf Beschieting Detlev Karsten Rohwedder, chef van de Treuhandanstalt, in zijn huis in Düsseldorf
(De Treuhandanstalt regelde na de eenwording van Duitsland de privatisering van ondernemingen uit de voormalige DDR)
Zaak onopgelost
27-03-1993 Weiterstadt Aanslag met explosieven op de nieuwbouw van een gevangenis Zaak onopgelost, geen gewonden, schade: 123 miljoen DM

Lijst van RAF-leden[bewerken]

Hieronder een (onvolledige) lijst van RAF-leden. Sommigen werden pas na hun lidmaatschap opgepakt en veroordeeld. Enkele anderen worden nog gezocht.[6]

Naam Geboren / overleden Band met de RAF / bijzonderheden Veroordelingen
Susanne Albrecht 1951 Moord op Ponto en aanslag op Alexander Haig 1990: 12 jaar, voorwaardelijk vrij in 1996
Andreas Baader 1943 - 1977 Een van de oprichters 1968: 3 jaar
1977: levenslang
Sigurd Debus 1942 - 1981 Lidmaatschap in RAF werd nooit bewezen. 1974: gearresteerd bij een bankoverval. Tot 15 jaar veroordeeld. Overleed aan gevolgen dwangvoeding tijdens hongerstaking
Christine Dümlein 1949 Verdacht van lidmaatschap 1990: verjaard
Gudrun Ensslin 1940 - 1977 Een van de oprichters 1968: 3 jaar
1977: levenslang
Knut Folkerts 1952 1978: tweemaal levenslang, in 1995 voorwaardelijk vrijgelaten, in 2001 definitief
Justitie in Nederland heeft om uitlevering gevraagd wegens een nog openstaande veroordeling tot 20 jaar cel
Burkhard Garweg 1968 (derde generatie) Voortvluchtig
Siegfried Haag 1944 Kopstuk (tweede generatie). Advocaat van Andreas Baader en Holger Meins Op 30 november 1976 opgepakt, in 1979 wegens medeplichtigheid aan moord en andere strafbare feiten tot 15 jaar cel veroordeeld. In februari 1987 vervroegd vrijgelaten, de rest van de straf werd in een voorwaardelijke straf omgezet.
Eva Haule 1954 (derde generatie) 1988: 15 jaar, zat sinds 1986 en werd op 17 augustus 2007 voorwaardelijk vrijgelaten.
Rolf Heissler 1948 1982: levenslang, in oktober 2001 voorwaardelijk vrijgelaten.
Birgit Hogefeld 1956 Leidster (derde generatie) 1996: levenslang, in juni 2011 vrijgelaten
Christian Klar 1952 (tweede generatie) 1985: vijfmaal levenslang, werd op 19 december 2008 na 26 jaar gevangenisstraf voorwaardelijk vrijgelaten.
Daniela Klette 1958 (derde generatie) Voortvluchtig
Andrea Klump 1957 Aanklacht: lidmaatschap aan een terroristische organisatie 2004: 12 jaar, zit vast sinds 2001.
Michael Knoll 1957 - 1978 Overleden aan verwondingen na vuurgevecht met politie
Petra Schelm 1950 - 1971 Overleden aan verwondingen na vuurgevecht met politie
Friederike Krabbe 1950 Verdacht van lidmaatschap (tweede generatie) Voortvluchtig
Hanna Krabbe 1945 1975: levenslang, zat vanaf 1975 en werd in 1996 vrijgelaten
Werner Lotze 1952 (tweede generatie) 1991: twaalf jaar
Horst Mahler 1936 Een van de oprichters (jurist) 1968: 10 maanden,
1974: 14 jaar, in 1980 vrijgelaten
Ulrike Meinhof 1934 - 1976 Een van de oprichters (journaliste) 1974: acht jaar
Holger Meins 1941 - 1974 (eerste generatie) Nooit veroordeeld. Verhongerde zich tijdens hongerstaking.
Barbara Meyer 1956 Verdacht van lidmaatschap Niet veroordeeld wegens verjaring.
Horst Ludwig Meyer 1956 - 1999 Verdacht van lidmaatschap Nooit veroordeeld. Gedood door Oostenrijkse politie bij een schietpartij.
Brigitte Mohnhaupt 1949 Leidster (tweede generatie) 1972: veroordeeld, 1977 vrijgelaten
1985: vijfmaal levenslang plus 15 jaar, werd na 24 jaar op 25 maart 2007 vrijgelaten.
Irmgard Möller 1947 1976: levenslang, in 1995 vrijgelaten
Jan-Carl Raspe 1944 - 1977 (eerste generatie) 1977: levenslang
Gert Schneider 1949 (tweede generatie) 1980: 15 jaar, in 1987 voorwaardelijk vrijgelaten
Adelheid Schulz 1955 Deelname aan de ontvoering van Schleyer 1985: levenslang, in 1998 voorlopig vrijgelaten, kreeg op 1 februari 2002 gratie. Schulz genoot al sinds oktober 1998 van een onderbreking van haar gevangenisstraf in verband met haar gezondheidstoestand.
Günter Sonnenberg 1954 Zat vast sinds 1978, voorwaardelijk vrijgelaten in 1992
Angelika Speitel 1952 Deelname aan de ontvoering van Schleyer Zat vast sinds 1978, voorwaardelijk vrijgelaten in 1989
Ernst Volker Staub 1954 (derde generatie) Voortvluchtig
Willy Peter Stoll 1950 - 1978 Vermoedelijke deelname aan Schleyer-ontvoering Gedood door Duitse politie toen hij zijn wapen trok om aan arrestatie te ontkomen.
Christof Wackernagel 1951 (tweede generatie; acteur en schrijver) 1980: 15 jaar, in 1987 voorwaardelijk vrijgelaten
Rolf Clemens Wagner 1951 Voornamelijk in de jaren zeventig actief voor de RAF Op 9 december 2003 na 24 jaar gevangenis vrijgelaten
Ulrich Wessel 1946 - 1975 Overleden toen bom te vroeg afging

Literatuur[bewerken]

  • (de) Sven Felix Kellerhoff: Was stimmt? RAF - Die wichtigsten Antworten / Verlag Herder, ISBN 978-3-451-05771-7

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. (de) Die Bedeutung des Namens "Rote Armee Fraktion", Bundeszentrale für politische Bildung
  2. (de) Baader-Meinhof international?, Bundeszentrale für politische Bildung
  3. Ontvoerdershuis RAF onlangs verkocht
  4. NRC Handelsblad Dinsdag 13-05-1997 - RAF verborg Hanns Schleyer in Scheveningen
  5. Jacco Pekelder: Sympathie voor de RAF, Amsterdam: Mets & Schilt, 2007
  6. (de) Die verschwundenen Terroristen, Welt Online, 15 februari 2007