Rudolf Schock

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Rudolf Schock
Afbeelding gewenst
Algemene informatie
Volledige naam Rudolf Schock
Geboren 4 september 1915
Overleden 13 november 1986
Land Vlag van Duitsland Duitsland
Werk
Beroep opera-, liederen- en operettezanger
Zangstem lyrische tenor
Portaal  Portaalicoon   Muziek

Rudolf Johann Schock (Duisburg, 4 september 1915 - Düren, 13 november 1986) was een Duitse lyrische tenor, opera-, liederen- en operettezanger.

Leven en werk[bewerken]

Rudolf Schock werd in een muzikaal arbeidersgezin in Duisburg-Hochfeld, een wijk aan de Rijn, geboren. Hij zong van jongs af aan in verschillende zangkoren. Na de vroege dood van zijn vader in 1923 ondersteunden hij en zijn broers en zusters, die later allen beroepszangers werden, hun moeder financieel door bij feesten in zaaltjes op te treden en daar volksmuziekliederen en operettemelodieën te zingen.

In 1932 kregen hij en met zijn zuster Elfriede, nog als amateurs, kleine bijrollen in het operakoor van het Duisburger stadstheater. Toen hij met zijn zangstudie bij Gustavr Pilken begonnen was, werden hem ook kleine solorollen toebedeeld. In 1936 werd hij eerste koortenor bij de "Bayreuther Festspiele" en kreeg daar les van de heldentenor Laurenz Hofer. Bij het Landstheater in Braunschweig kreeg hij in 1937 zijn eerste solistencontract aangeboden. Daar leerde hij de danseres Gisela Behrends kennen, met wie hij in 1940 in het huwelijk trad. Ze kregen twee dochters, Isolde en Dagmar.

Spoedig daarna verwierf hij ook contracten bij de Weense Staatsopera en bij de Berliner Städtischen Oper (tegenwoordig Deutsche Oper Berlin). In 1939 werd zijn loopbaan door de Tweede Wereldoorlog onderbroken. Hij werd tot 1945 bij de Wehrmacht ingelijfd. Na de oorlog verdiende hij de kost voor zijn gezin als landarbeider in de Harz. Op aandringen van de intendant van de opera van Hannover keerde hij terug op het operatoneel en in de concertzaal.

Schock heeft vanaf 1947 ontelbare grammofoonplaatopnamen gemaakt voor Electrola/EMI, die hem wereldberoemd maakten. Hij zong met onder anderen Anneliese Rothenberger, Elisabeth Schwarzkopf, Anna Moffo, Christa Ludwig, Erika Köth en Dietrich Fischer-Dieskau. In 1949 werd hij als eerste Duitse zanger na de oorlog naar Londen gehaald om op te treden in Covent Garden. Ook maakte hij een tournee door Australië met het programma dat oorspronkelijk voor de in 1948 gestorven Richard Tauber was gepland. Vele tournees volgden, in Oostenrijk en Duitsland, maar ook in de Verenigde Staten, België en Nederland.

Een muzikaal hoogtepunt in zijn carrière vormt zijn vertolking van Walter von Stolzing in een uitvoering van Die Meistersinger von Nürnbergv an Wagner tijdens de Bayreuther Festspiele 1959. Voor Schock was dit een belangrijk keerpunt: de keuze voor een grote internationale loopbaan als heldentenor, of doorgaan als lyrische tenor en naast operarollen ook meer populair werk zingen. Zijn stem bleek volgens eigen zeggen uiteindelijk ongeschikt voor de Wagner-carrière. Wel zong hij, naast Stolzing, ook andere lyrische tenorpartijen van Wagner. Maar ook dramatisch werk, waaronder een veelgeroemde opname van Richard Strauss' Ariadne auf Naxos onder leiding van Herbert von Karajan.

Naast Duits repertoire zong hij hoofdrollen in bijna alle grote Italiaanse opera's, zowel op Europese en wereldpodia als op de plaat, veelal in Duitse vertaling. Daarnaast maakte hij populaire muziekfilms. Zo speelde hij in de muziekfilm Du bist die Welt für mich de rol van Richard Tauber. Later is hij veel gaan optreden in televisieprogramma's en -shows. Bij operetteopnames en -optredens werkte hij regelmatig samen met de componist Robert Stolz en met de sopraan Margit Schramm.

In 1976 beëindigde Schock op 60-jarige leeftijd zijn operacarrière. Hij bleef optreden met liederen en aria's. De laatste jaren van zijn leven kreeg hij drie zware klappen te verwerken, waardoor hij ettelijke optredens moest afzeggen. In 1968 overleed zijn moeder in zijn huis in Starnberg, terwijl hij in Berlijn op de planken stond. In 1969 kreeg hij een hartinfarct. Vanaf 1980 verleenden hij en zijn vrouw zo veel mogelijk steun aan hun dochter Isolde in Düren, die kanker had en in 1983 stierf.

Op 13 november 1986 overleed Rudolf Schock in Düren aan een hartaanval. Hij is hier begraven. De stad heeft in 1992 het plein voor het "Haus der Stadt" naar hem vernoemd.

Eerbewijzen[bewerken]

Schock heeft vele onderscheidingen ontvangen:

  • in 1957 werd hij in Wenen tot Kammersänger benoemd;
  • in 1961 ontving hij de gouden Electrola-ring;
  • de stad Duisburg eerde hem met de Mercator-medaille en heeft na zijn dood een straat naar hem genoemd.

Externe links[bewerken]