Naar inhoud springen

Russische invasie van Oekraïne sinds 2022

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Russische invasie van Oekraïne
Onderdeel van de Russisch-Oekraïense Oorlog
Kaart van Oekraïne (situatie 11 mei 2026)  ■ Gebieden onder Oekraïense controle ■ Door Rusland bezette gebieden ■ Door Oekraïne heroverde gebieden
Kaart van Oekraïne (situatie 11 mei 2026)
 Gebieden onder Oekraïense controle
 Door Rusland bezette gebieden
 Door Oekraïne heroverde gebieden
Datum 24 februari 2022 - heden
Locatie Oekraïne
Strijdende partijen
Vlag van Rusland Rusland

Steun:
Vlag van Wit-Rusland Wit-Rusland
Vlag van Noord-Korea Noord-Korea

Vlag van Oekraïne Oekraïne
Leiders en commandanten
Vladimir Poetin
Vlag van Rusland Michail Misjoestin
Vlag van Rusland Andrej Belooesov
Vlag van Rusland Valeri Gerasimov
Volodymyr Zelensky
Vlag van Oekraïne Joelia Svyrydenko
Vlag van Oekraïne Roestem Oemjerov
Vlag van Oekraïne Mykhailo Fedorov
Vlag van Oekraïne Oleksandr Syrsky
Vlag van Oekraïne Andriy Hnatov
Troepensterkte
Vlag van Rusland
1.330.000 krijgsmacht, reservisten en paramilitair[1]
Vlag van Oekraïne
500.000 (krijgsmacht), reservisten en paramilitair[1]
Verliezen
Vlag van Rusland
Volgens Rusland
(10 april):

219.000 doden[2]
Volgens Oekraïne
(14 april):

1.312.960 doden en gewonden[3]

Volgens westerse experts
(27 januari):

1.200.000 doden en gewonden[1]


Materiële verliezen
Rusland:
Volgens Oekraïne
(14 april):

11.863 tanks
33 schepen
350 helikopters
435 vliegtuigen
24.389 gepantserde voertuigen
39.953 kanonnen
237.853 drones[3]

Vlag van Oekraïne
Volgens Oekraïne
(4 februari 2026):

435.000 doden en gewonden[4]
Volgens Rusland
(24 februari):

1.500.000 doden en gewonden[5]


Volgens westerse experts
(27 januari):

500.000 doden en gewonden[1]


Materiële verliezen
Oekraïne:
Volgens Rusland
(24 februari):

27.835 gepantserde voertuigen, waaronder tanks
670 vliegtuigen
283 helikopters
116.804 drones[6]

Aantal burgerslachtoffers volgens de OHCHR (10 april):

>15.578 burgerdoden (reële cijfers zijn naar schatting aanzienlijk hoger)[7]
Aantal Oekraïense vluchtelingen wereldwijd geregistreerd volgens de UNHCR
(30 april):

5.762.290 vluchtelingen[8] Waarvan aantal binnen Europa geregistreerde Oekraïense vluchtelingen volgens de UNHCR
(30 april):

5.213.200 Oekraïners sinds 24 februari 2022[8]

Portaal  Portaalicoon   Oekraïne

De Russische invasie van Oekraïne is een grootschalige militaire invasie van Rusland in Oekraïne, begonnen op 24 februari 2022. De invasie wordt door een groot deel van de internationale gemeenschap beschouwd als een aanvalsoorlog en vormt een grote escalatie van de Russisch-Oekraïense Oorlog die sinds 2014 gaande is.

De invasie leidde tot de grootste vluchtelingencrisis in Europa sinds de Tweede Wereldoorlog. Meer dan 6,5 miljoen Oekraïners werden als vluchteling geregistreerd en ongeveer 3,7 miljoen mensen raakten binnen Oekraïne ontheemd.[9] Volgens de Verenigde Naties zijn sinds het begin van de invasie tot februari 2026 meer dan 15.000 burgers om het leven gekomen.[7]

De Russische president Poetin kondigde bij het begin van de invasie een 'speciale militaire operatie' aan, die volgens de Russische regering gericht was op het 'demilitariseren' en 'denazificeren' van Oekraïne.[10] Oekraïne en westerse landen verwierpen deze rechtvaardiging en beschouwden de invasie als een schending van het internationaal recht.

Russische troepen rukten aanvankelijk snel op richting meerdere grote steden, maar stuitten bij de hoofdstad Kiev op hevig verzet. Oekraïense troepen wisten de Russische opmars vervolgens gedeeltelijk terug te dringen. Vanaf medio 2023 stabiliseerde het front grotendeels, waarbij Rusland een groot deel van het zuidoosten van Oekraïne bezet hield en deze gebieden eenzijdig annexeerde. Medio december 2023 besloeg het bezette gebied ongeveer 108.000 km².[11]

De internationale gemeenschap veroordeelde de invasie breed en legde uitgebreide sancties op aan Rusland, wat onder meer leidde tot het vertrek van westerse bedrijven.[12] Wereldwijd vonden protesten plaats tegen de oorlog, ook in Rusland zelf, waar demonstranten werden gearresteerd en onafhankelijke media verder onder druk kwamen te staan.[13][14] Rusland probeerde de sancties gedeeltelijk te omzeilen via parallelle import en schakelde zijn economie steeds meer over op een oorlogseconomie.[15] Oekraïne spande in februari 2022 een zaak aan tegen Rusland bij het Internationaal Gerechtshof, dat Rusland opdroeg de militaire operaties te staken. Rusland gaf hier geen gehoor aan.[16][17]

Achtergrond en aanloop

[bewerken | brontekst bewerken]

Uiteenvallen van de Sovjet-Unie en Europese veiligheid

[bewerken | brontekst bewerken]
Zie Die Wende en Uiteenvallen van de Sovjet-Unie voor de hoofdartikelen over dit onderwerp.

Na de val van de Berlijnse Muur in 1989 en de daaropvolgende Duitse hereniging ontstond een nieuwe veiligheidssituatie in Europa. De Sovjetleider Michail Gorbatsjov verzette zich aanvankelijk tegen NAVO-lidmaatschap voor het herenigde Duitsland, maar trok zijn bezwaren in na afspraken over de veiligheidssituatie en financiële steun.[18]

De opheffing van het Warschaupact en het Uiteenvallen van de Sovjet-Unie in 1991 leidden tot een geopolitieke heroriëntatie in Oost-Europa. Voormalige Oostbloklanden en Sovjetrepublieken zochten toenadering tot westerse structuren zoals de NAVO. Rusland verzette zich tegen deze ontwikkeling en beschouwde verdere uitbreiding van de NAVO als een bedreiging voor zijn veiligheid.[18]

[bewerken | brontekst bewerken]

Vanaf 1999 traden meerdere Oost-Europese landen toe tot de NAVO, waaronder Polen, Tsjechië en Hongarije, gevolgd door verdere uitbreidingen in 2004. Deze uitbreiding werd door Rusland gezien als een verschuiving van de militaire machtsbalans in Europa.

De Russische president Vladimir Poetin noemde het uiteenvallen van de Sovjet-Unie in 2005 de 'grootste geopolitieke catastrofe van de twintigste eeuw'.[19] Tijdens de veiligheidsconferentie van München in 2007 bekritiseerde hij de NAVO-uitbreiding en stelde hij dat het Westen eerdere toezeggingen niet was nagekomen.[20] Op de Top van Boekarest in 2008 werd vastgesteld dat Oekraïne en Georgië op termijn lid zouden kunnen worden van de NAVO, hoewel concrete stappen uitbleven. Rusland reageerde afwijzend en beschouwde dit als een directe bedreiging..[21]

Oekraïne tussen Rusland en het Westen

[bewerken | brontekst bewerken]
Zie Oranjerevolutie voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

De geopolitieke positie van Oekraïne tussen Rusland en het Westen leidde tot terugkerende politieke spanningen. In 2004 resulteerden betwiste presidentsverkiezingen in de Oranjerevolutie, waarbij de pro-westerse kandidaat Viktor Joesjtsjenko uiteindelijk aan de macht kwam.

Rusland probeerde invloed uit te oefenen op de Oekraïense politiek, onder meer door steun aan pro-Russische kandidaten zoals Viktor Janoekovytsj.[22] Onder het presidentschap van Janoekovytsj werd toetreding tot de NAVO voorlopig opgeschort.[23]

Euromaidan en begin van het conflict (2014)

[bewerken | brontekst bewerken]

In 2013–2014 leidden pro-westerse protesten, bekend als Euromaidan, tot de afzetting van president Janoekovytsj. Kort daarna annexeerde Rusland de Krim en brak in Oost-Oekraïne een gewapend conflict uit tussen Oekraïense troepen en door Rusland gesteunde separatisten.

De annexatie van de Krim werd internationaal gezien als een schending van het Memorandum van Boedapest (1994), waarin Oekraïne veiligheidsgaranties had gekregen in ruil voor het opgeven van zijn kernwapens.[24]

In Oost-Oekraïne ontstonden de zelfverklaarde volksrepublieken Donetsk en Loehansk, waarbij Rusland betrokkenheid ontkende maar wel steun verleende aan separatistische groeperingen. Het conflict ontwikkelde zich tot een langdurige oorlog met duizenden slachtoffers en een grotendeels statische frontlijn.[21]

In juli 2021 publiceerde Poetin het essay Over de historische eenheid van Russen en Oekraïners, waarin hij het bestaansrecht van Oekraïne als onafhankelijke staat ter discussie stelde. Deze visie werd gezien als onderdeel van de ideologische rechtvaardiging voor latere Russische acties tegen Oekraïne.

Aanloop naar de invasie

[bewerken | brontekst bewerken]
De Russische troepenopbouw in de Russisch-Oekraïense grensstreek op een kaart van de Amerikaanse inlichtingendiensten, begin december 2021. De VS schatten de Russische troepensterkte op dat moment op 70.000 militairen.

Russische troepenopbouw en oplopende spanningen

[bewerken | brontekst bewerken]
Zie Aanloop tot de Russische invasie van Oekraïne in 2022 voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Vanaf 2021 breidde Rusland zijn militaire aanwezigheid langs de grens met Oekraïne verder uit. Amerikaanse inlichtingendiensten schatten de Russische troepensterkte begin december 2021 op ongeveer 70.000 militairen.[25] Tussen oktober 2021 en februari 2022 volgde een tweede grootschalige troepenopbouw in Rusland en Wit-Rusland. Rusland ontkende herhaaldelijk dat het een invasie voorbereidde.[26]

De Verenigde Staten maakten in december 2021 inlichtingen openbaar die wezen op een geplande Russische aanval op Oekraïne, waaronder satellietfoto's van troepenconcentraties.[25] Rusland stelde in dezelfde periode veiligheidseisen aan de Verenigde Staten en de NAVO, waaronder een juridisch bindende garantie dat Oekraïne geen lid van de NAVO zou worden.[27] Deze eisen werden vergezeld van dreigementen over een militaire reactie indien de NAVO en de Verenigde Staten hun koers niet zouden wijzigen.[28][29]

In februari 2022 namen de spanningen in de Donbas verder toe. De zelfverklaarde volksrepublieken Donetsk en Loegansk kondigden evacuaties aan, stellende dat een Oekraïense aanval ophanden was. Onder meer Bellingcat en andere waarnemers beschouwden een deel van deze incidenten als geënsceneerde voorwendsels om een Russische interventie te rechtvaardigen.[30][31]

Erkenning van Donetsk en Loegansk

[bewerken | brontekst bewerken]
President Poetin, Denis Poesjilin en Leonid Pasetsjnik signeren de verklaringen van onafhankelijkheid van de zelfverklaarde volksrepublieken Donetsk en Loegansk op 21 februari 2022.

Op 21 februari 2022 erkende president Poetin officieel de onafhankelijkheid van de zelfverklaarde volksrepublieken Donetsk en Loegansk.[32] Kort daarna kondigde hij de inzet van Russische troepen in deze gebieden aan onder het mom van een 'vredesmissie'.[33] Deze stap werd internationaal veroordeeld.[34]

Op 22 februari gaf de Federatieraad van Rusland Poetin unaniem toestemming om militair geweld buiten Rusland te gebruiken.[35] Oekraïne reageerde met het oproepen van reservisten, het afkondigen van de nationale noodtoestand en voorbereidingen op verdere mobilisatie.[36][37]

Tegelijkertijd vonden cyberaanvallen plaats op Oekraïense overheids- en bankwebsites, die werden toegeschreven aan door Rusland gesteunde actoren.[38][39]

Laatste diplomatieke en politieke stappen

[bewerken | brontekst bewerken]

In de nacht van 23 februari 2022 hield de Oekraïense president Volodymyr Zelensky een toespraak in het Russisch, gericht aan het Russische volk, waarin hij opriep een oorlog te voorkomen.[40][41] Oekraïne verzocht daarnaast om een spoedvergadering van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties, die dezelfde dag plaatsvond. Ondanks oproepen van VN-secretaris-generaal António Guterres om escalatie te voorkomen, zette Rusland zijn voorbereidingen voort.[42]

Aankondiging van de 'speciale militaire operatie'

[bewerken | brontekst bewerken]
President Poetin tijdens zijn toespraak op 24 februari 2022 waarin hij de 'speciale militaire operatie' in Oekraïne aankondigde

Op 24 februari 2022, kort voor 06.00 uur plaatselijke tijd, maakte Poetin bekend dat Rusland een 'speciale militaire operatie' in Oekraïne zou beginnen. Volgens hem was deze operatie bedoeld om de bevolking in de Donbas te beschermen en Oekraïne te 'demilitariseren' en 'denazificeren'.[43][44][45]

Binnen enkele minuten na de aankondiging werden explosies gemeld in onder meer Kiev, Charkiv, Odessa en de Donbas.[46] Kort daarop kondigde president Zelensky de staat van beleg af.[47] Later die dag volgde een algehele mobilisatie van reservisten en van Oekraïense mannen tussen 18 en 60 jaar, die het land niet meer mochten verlaten.[48][49]

Verloop van de invasie

[bewerken | brontekst bewerken]

Beginfase (februari-april 2022)

[bewerken | brontekst bewerken]

In de vroege ochtend van 24 februari 2022 viel Rusland Oekraïne binnen vanuit meerdere richtingen: vanuit Wit-Rusland richting Kiev, vanuit Rusland richting Charkiv en de Donbas, en vanuit de Krim richting Zuid-Oekraïne. De invasie ging gepaard met luchtaanvallen en raketaanvallen op militaire en infrastructurele doelen in grote delen van het land.[50] Rusland probeerde in de openingsfase snel door te stoten naar Kiev en tegelijk terrein te winnen in het noorden, oosten en zuiden van Oekraïne. Die opzet slaagde slechts gedeeltelijk: in het zuiden boekten Russische troepen aanvankelijk de grootste terreinwinst, terwijl de opmars naar Kiev en in het noorden vastliep door Oekraïens verzet, logistieke problemen en zware verliezen.[51]

Eind maart 2022 verklaarde Rusland de eerste fase van de invasie voltooid. Begin april trokken Russische troepen zich terug uit Noord-Oekraïne en verlegden zij het zwaartepunt van de oorlog naar de Donbas en het zuiden van Oekraïne.[52]

De gevechten in deze fase ontwikkelden zich langs meerdere fronten, die elk een eigen verloop kenden.

Noordfront: Kiev en omgeving

[bewerken | brontekst bewerken]
Russische controle rond Kiev tot 2 april 2022
Vernietigde Russische tanks in de hoofdstraat van Boetsja, 6 april 2022

De Russische opmars naar Kiev verliep vanuit Wit-Rusland langs de westelijke oever van de Dnipro, ondersteund door aanvalsassen via Chernihiv en Soemy aan de oostzijde van de rivier.[50] In de eerste dagen van de invasie veroverden Russische troepen de omgeving van Tsjernobyl en probeerden zij via Hostomel en omliggende plaatsen een snelle inname van de hoofdstad mogelijk te maken.[50]

De aanval op luchthaven Hostomel en de verdere opmars naar Kiev stuitten echter op zwaar Oekraïens verzet. Russische troepen slaagden er niet in de stad snel te omsingelen, terwijl logistieke problemen en Oekraïense tegenmaatregelen de opmars verder vertraagden. Ook de westelijke opmars via plaatsen als Boetsja, Hostomel en Irpin liep uiteindelijk vast.[53]

In maart 2022 begonnen Oekraïense troepen tegenaanvallen rond Kiev. Eind maart en begin april trokken Russische troepen zich volledig terug uit Noord-Oekraïne, waarna de strijd zich verplaatste naar de Donbas en Zuid-Oekraïne.[54]

Noordoostfront: Chernihiv en Soemy

[bewerken | brontekst bewerken]

Het offensief in Noordoost-Oekraïne begon op 24 februari 2022 en was gericht op de oblasten Chernihiv en Oblast Soemy. Ook in de regio rond Charkiv vonden vanaf de eerste dag gevechten plaats. Russische troepen probeerden snel door te stoten richting deze steden, maar stuitten op aanzienlijk Oekraïens verzet.

De stad Chernihiv werd omsingeld en zwaar gebombardeerd, maar niet ingenomen.[55] Ook in de oblast Soemy en de stad Soemy zelf vonden hevige gevechten plaats, waarbij Oekraïense troepen erin slaagden de Russische opmars te vertragen en belangrijke posities te behouden.[55] In Charkiv leidde de Russische aanval tot zware gevechten en bombardementen, maar de stad bleef onder Oekraïense controle. Ondanks aanvankelijke terreinwinst slaagden Russische troepen er niet in een doorbraak te forceren in het noordoosten van Oekraïne. Begin april 2022 trokken Russische troepen zich terug uit de regio’s Chernihiv en Soemy, waarna het zwaartepunt van de oorlog verschoof naar de Donbas en Zuid-Oekraïne.[54]

Zuidfront: Cherson, Mykolaiv, Mariupol en Zaporizja

[bewerken | brontekst bewerken]

Al op 24 februari 2022 veroverden Russische troepen vanuit de Krim het Noord-Krimkanaal, waarmee de watertoevoer naar het schiereiland werd hersteld.[56] Diezelfde dag begon ook een aanval op Slangeneiland, waarmee de Russische opmars langs de zuidelijke kuststrook werd ingeluid.[57]

De Russische strategie in het zuiden was gericht op het creëren van een landverbinding tussen de Krim en de door Rusland gecontroleerde gebieden in de Donbas. In dit kader rukten troepen oostwaarts op langs de Zee van Azov en veroverden zij onder meer Berdiansk en Melitopol.[58] Op 26 februari 2022 begon het beleg van Marioepol, een strategische stad die deze landcorridor moest verbinden. Tegelijkertijd vond een tweede opmars plaats in noordelijke richting. Russische troepen bereikten begin maart Cherson en namen deze in, waarmee zij een bruggenhoofd aan de westzijde van de Dnipro vestigden.[59] Vanuit daar werd opgerukt richting Mykolaiv, maar verdere doorbraak richting Odessa werd verhinderd na hevige gevechten, onder meer bij de stad Voznesensk. Een derde aanvalsas richtte zich op het noorden van de regio, waar Russische troepen de Kerncentrale Zaporizja innamen. De controle over deze centrale en de loop van de Dnipro gaven Rusland een strategisch voordeel, aangezien de rivier een natuurlijke barrière vormt in het gebied. Begin maart werd Mariupol volledig omsingeld. De stad werd zwaar getroffen door bombardementen en belegering, wat leidde tot een ernstige humanitaire crisis. In de weken daarna vonden grootschalige verwoestingen plaats en vielen duizenden slachtoffers.[60] (zie ook Slag om Marioepol (2022)). Na de terugtrekking van Russische troepen uit Noord-Oekraïne begin april intensiveerde Rusland zijn operaties in het zuiden, met verdere aanvallen op onder meer Mykolaiv en de regio rond Zaporizja.

Oostfront: Charkiv en Donbas in de openingsfase

[bewerken | brontekst bewerken]
Russisch bombardement in een buitenwijk van Charkiv, 1 maart 2022

Vanaf het begin van de invasie op 24 februari 2022 vormde het oosten van Oekraïne een belangrijk strijdtoneel. Russische troepen probeerden vanuit het noordoosten de stad Charkiv snel in te nemen, maar stuitten op hevig Oekraïens verzet. De stad werd gedurende weken zwaar beschoten, waarbij grootschalige schade ontstond en burgerslachtoffers vielen. Ondanks aanhoudende aanvallen bleef Charkiv onder Oekraïense controle.[61]

Tegelijkertijd intensiveerden Russische en pro-Russische separatistische troepen hun offensief in de Donbas, met name in de oblasten Donetsk en Loehansk. In deze regio, waar sinds 2014 al een gewapend conflict gaande was, vonden zware gevechten plaats rond steden als Volnovakha, Sieverodonetsk en Horlivka. De frontlijn bleef aanvankelijk grotendeels stabiel, hoewel beide partijen lokaal terreinwinst boekten.[62] Halverwege maart wisten Russische troepen de strategisch gelegen stad Izium in te nemen, waarmee zij een belangrijke positie verwierven voor verdere operaties richting Sloviansk en Kramatorsk. Tegelijkertijd voerden beide zijden aanvallen uit op logistieke en militaire doelen, ook over de grens, zoals in de Russische stad Belgorod. Eind maart en begin april trokken Russische troepen zich terug uit het noorden van Oekraïne en verlegden zij hun focus naar het oosten.[63] Er vond een grootschalige troepenopbouw plaats met het oog op een nieuw offensief in de Donbas, waarbij Oekraïense autoriteiten de bevolking opriepen om het gebied te evacueren. Deze ontwikkelingen markeerden de overgang naar een volgende fase van de oorlog, waarin de strijd zich concentreerde op Oost-Oekraïne.[64]

Heroriëntatie en offensief in de Donbas (april – zomer 2022)

[bewerken | brontekst bewerken]
Russische invasie van Oekraïne fase 2 van 7 april tot 5 september 2022.

Eind maart 2022 stelde Rusland zijn oorlogsdoelen bij, nadat de opmars in Noord-Oekraïne was vastgelopen en het er niet in was geslaagd Kiev in te nemen of de Oekraïense regering ten val te brengen.[65] De Russische militaire inspanningen werden vervolgens geconcentreerd op de Donbas en op het behoud en de uitbreiding van de bezette gebieden in Zuid-Oekraïne. Vanaf 8 april 2022 werden de Russische operaties in Zuidoost-Oekraïne onder bevel geplaatst van generaal Aleksandr Dvornikov.[66]

Op 19 april 2022 meldde The New York Times dat Rusland een nieuw offensief in Oost-Oekraïne was begonnen, door Oekraïne en westerse media vaak omschreven als de "slag om de Donbas".[67] De gevechten in deze fase verschilden sterk van de eerste weken van de invasie. In plaats van snelle opmarsen over meerdere fronten ontwikkelde de oorlog zich in het oosten tot een uitputtingsslag, gekenmerkt door grootschalige artilleriebeschietingen, beperkte terreinwinst en zware verliezen aan beide zijden.[68]

In de Donbas richtte Rusland zijn offensief vooral op de oblasten Donetsk en Loehansk. De stad Sieverodonetsk werd een van de belangrijkste doelwitten van het Russische leger. Oekraïne koos er in deze fase vaak voor om zich geleidelijk terug te trekken uit kwetsbare posities, terwijl het de oprukkende Russische troepen zo veel mogelijk probeerde uit te putten. In juni 2022 vonden zware gevechten plaats in en rond Sieverodonetsk en de chemische fabriek Azot.[69] Kort daarop trokken de laatste Oekraïense troepen zich terug uit de stad en vervolgens ook uit Lysytsjansk, waardoor Rusland begin juli vrijwel de gehele oblast Loehansk in handen kreeg.[70]

Ook in Zuid-Oekraïne probeerde Rusland zijn positie te consolideren. De regio rond Cherson was van groot strategisch belang, omdat deze een landverbinding vormde tussen de Krim en de bezette gebieden in het oosten en kon dienen als uitvalsbasis voor verdere operaties richting Mykolaiv en Odessa (stad).[71] Tegelijkertijd bleef Rusland raketaanvallen uitvoeren op steden als Mykolaiv, Odessa, Dnipro en Zaporizja.

De belegering van Mariupol werd in deze periode voltooid. Nadat Russische troepen de stad grotendeels hadden ingenomen, trokken de laatste Oekraïense verdedigers zich terug in de Azovstal-staalfabriek. Na weken van belegering en evacuaties van burgers eindigde het georganiseerde Oekraïense verzet in mei 2022 en kwam de stad volledig onder Russische controle.[72]

Hoewel Rusland in de zomer van 2022 terreinwinst behaalde in Loehansk, verliep het offensief trager dan gehoopt en tegen hoge kosten. De oorlog ging daarmee over in een langduriger conflict, waarin Rusland zich concentreerde op geleidelijke opmars in het oosten en op het vasthouden van zijn posities in het zuiden.

Oekraïense tegenoffensieven (2022-2023)

[bewerken | brontekst bewerken]
Zie Oekraïens tegenoffensief in Zuid-Oekraïne 2022 voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Vanaf juli 2022 voerde het Oekraïense leger steeds meer tegenaanvallen uit in de grotendeels door Rusland bezette oblasten Oblast Zaporizja en Oblast Cherson. Op 12 juli 2022 meldden Oekraïense autoriteiten dat zij een Russische wapenopslagplaats in Nova Kachovka hadden getroffen.[73] Rusland verplaatste vervolgens troepen en materieel van de Donbas naar het zuiden om het verwachte offensief op te vangen.[74]

Een belangrijk onderdeel van het Oekraïense offensief in het zuiden was het verstoren van Russische logistiek. Vanaf 19 juli 2022 werd de strategische Antonivkabrug over de Dnipro herhaaldelijk aangevallen met HIMARS-raketten, waardoor zij zwaar beschadigd raakte.[75] Tegen 23 juli waren ook andere overgangen over de rivier beschadigd geraakt, wat de Russische bevoorrading bemoeilijkte en de aanleg van pontonbruggen noodzakelijk maakte.[76][77]

Op 29 augustus 2022 begon Oekraïne een grootschalig tegenoffensief in Zuid-Oekraïne met aanvallen langs een breed front.[78] In de dagen daarna meldde Oekraïne terreinwinst in de oblasten Mykolaiv en Cherson, waaronder bij Vysokopillia.[79][80] Het offensief was gericht op het verzwakken van de Russische troepen en het ontregelen van hun logistiek.[81]

Het Russische leger begon in oktober 2022 met een terugtrekking van de rechteroever van de Dnipro bij Cherson.[82] Op 9 november kregen de Russische troepen officieel bevel zich uit Cherson terug te trekken, waarna Oekraïne de stad op 11 november 2022 heroverde.[83]

Zie Oekraïens tegenoffensief in Noordoost-Oekraïne 2022 voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Op 6 september 2022 zette Oekraïne ook een verrassend tegenoffensief in ten zuidoosten van Charkiv, waar Russische troepen waren uitgedund door verplaatsingen naar het zuiden.[84] Oekraïense troepen omsingelden Balaklija en veroverden de stad op 8 september.[85] Daarna rukten zij snel op naar Kupiansk en Izium, belangrijke Russische logistieke knooppunten. Volgens president Zelensky had Oekraïne begin september in enkele dagen tijd honderden vierkante kilometers heroverd.[86]

Op 10 september heroverde Oekraïne Bilohorivka, waarmee Loehansk niet langer volledig onder Russische controle stond. Op 11 september meldden westerse analisten dat Oekraïne in vijf dagen ongeveer 3.000 km² had heroverd.[87] Tegen het einde van september rukten de Oekraïense troepen verder op in de richting van Lyman, dat op 1 oktober 2022 werd heroverd.[88]

Zie Oekraïens tegenoffensief 2023 voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

In juni 2023 begon Oekraïne na maanden van voorbereiding aan een nieuw grootschalig tegenoffensief langs meerdere fronten.[89] Hoewel Oekraïne in de eerste weken enkele dorpen heroverde, bleef een doorbraak door de belangrijkste Russische verdedigingslinies uit.[90] De gevechten concentreerden zich onder meer ten zuiden van Velyka Novosilka en in de richting van de zwaar versterkte Russische verdedigingsgordels in Zuid-Oekraïne.[91]

Uitputtingsoorlog (2022-2024)

[bewerken | brontekst bewerken]

Russisch winteroffensief

[bewerken | brontekst bewerken]

Na de Oekraïense tegenoffensieven in het najaar van 2022 stabiliseerde het front grotendeels. Het Russische leger trok zich in november 2022 terug uit de stad Cherson en hergroepeerde zijn troepen aan de linkeroever van de Dnipro. Hierdoor kwamen eenheden vrij voor inzet op andere fronten.

Met de inzet van gemobiliseerde reservisten hervatte Rusland vanaf eind 2022 offensieve operaties, met als doel het heroveren van verloren gebied en het forceren van een doorbraak in de Donbas. Het zwaartepunt van deze aanvallen lag bij steden als Bachmoet, Soledar en Vuhledar. Vuhledar was daarbij van strategisch belang vanwege de ligging nabij belangrijke logistieke verbindingen tussen de Donbas en Zuid-Oekraïne.[92]

In januari en februari 2023 intensiveerde Rusland zijn aanvallen in Oost-Oekraïne.[93] Hoewel Russische troepen op sommige plaatsen beperkte terreinwinst boekten, gingen deze offensieven gepaard met zeer hoge verliezen aan manschappen en materieel. Pogingen om strategische posities, zoals bij Vuhledar, te veroveren liepen vast op zware Oekraïense verdediging en leidden tot aanzienlijke verliezen.[94]

Het winteroffensief slaagde er niet in een beslissende doorbraak te forceren. In plaats daarvan ontwikkelde de oorlog zich geleidelijk tot een uitputtingsoorlog, waarbij beide partijen zware verliezen leden zonder significante verschuivingen van de frontlinie.[95]

Bachmoet en Soledar

[bewerken | brontekst bewerken]
Situatie omgeving van Bachmoet na de Slag om Bachmoet, 26 november 2022
Zie Slag om Bachmoet voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

De stad Bachmoet werd eind 2022 / begin 2023 het doel van een hevig Russisch militair offensief. Dit offensief werd grotendeels uitgevoerd door de Wagnergroep en vormde in het najaar van 2022 het belangrijkste offensief. Toen de inname van Bachmoet moeizaam verliep, richtten Russische troepen zich tijdelijk op de nabijgelegen stad Soledar, waarvan de inname in januari 2023 werd geclaimd.[96] De gevechten gingen gepaard met grote verliezen, vooral aan Russische zijde.[97] Oekraïne koos ervoor om Bachmoet te blijven verdedigen, mede omdat de stedelijke gevechten het mogelijk maakten om Russische elite-eenheden uit te putten.[98]

In het voorjaar van 2023 intensiveerde Rusland de aanvallen met grootschalige lucht- en artillerieaanvallen, grote delen van de stad werden verwoest.[99] In mei 2023 claimde Rusland de volledige verovering van Bachmoet, al werd dit door Oekraïne betwist.[100]

Avdiivka en verdere Russische druk

[bewerken | brontekst bewerken]

In oktober 2023 begon het Russische leger een grootschalig offensief rond Avdiivka, een stad in Donetsk.[101] Bij dit offensief, gericht op de omsingeling van de stad, werd de luchtmacht intensief ingezet. Ook werden geleidebommen en gepantserde voertuigen gebruikt.

Situatie in Avdijivka op 3 januari 2024

Binnen drie dagen werd ongeveer 4,5 km² rond Avdijivka veroverd, maar deze vooruitgang ging gepaard met zware verliezen: bijna 3.000 Russische militairen en meer dan honderd tanks. De stad, al grotendeels in puin en vrijwel verlaten sinds het begin van de oorlog,[102] bleef een strategisch doelwit ondanks de minimale terreinwinst en zware verliezen aan Russische zijde.[103]

Na maanden van gevechten en een geleidelijke omsingeling trokken Oekraïense troepen zich in februari 2024 terug uit de stad om volledige omsingeling te voorkomen. Vervolgens claimde Rusland de controle over Avdiivka. Na de inname van Avdiivka zette Rusland de druk op het front voort, met name in de regio Donetsk. Hoewel Russische troepen op meerdere plaatsen terreinwinst boekten, bleef een grootschalige doorbraak uit en gingen de offensieven gepaard met aanhoudend hoge verliezen.

Ten westen van Bachmoet werd in juni 2024 zwaar gevochten. Het Russische leger probeerde het hoger gelegen en strategisch belangrijke stadje Chasiv Yar te veroveren, dat maandenlang werd belaagd door een grote Russische overmacht.[104] Na wekenlange artilleriebeschietingen en luchtaanvallen met zware glijbommen was er vrijwel niets van de stad over.

In de regio rond Charkiv wisten Oekraïense troepen de Russische opmars te stuiten.[105] Volgens de Oekraïense generale staf verloor het Russische leger op 5 juni 2024 1.270 soldaten, een van de hoogste dagverliezen sinds het begin van de invasie.[106] Ook rond Charkiv en Belgorod namen grensoverschrijdende aanvallen toe.

In juli 2024 leek het Russische offensief langzaam in kracht af te nemen. Ondanks een grote overmacht slaagden Russische troepen er in de eerste helft van 2024 niet in een doorbraak te forceren. Westerse inlichtingendiensten concludeerden dat Rusland zware verliezen leed. Volgens Oekraïense bronnen waren er in 2024 tot dan toe ruim 180.000 Russische militairen uitgeschakeld, wat neerkwam op gemiddeld circa 360 slachtoffers per veroverde vierkante kilometer.[107]

Op 8 juli 2024 voerde Rusland een grootschalige raketaanval uit op meerdere Oekraïense steden, waaronder Kiev, Dnipro en Kryvy Rih. Daarbij vielen tientallen doden en werd onder meer het kinderziekenhuis Ochmatdyt in Kiev getroffen.[108]

Patstelling en verliezen

[bewerken | brontekst bewerken]

In november 2023 stelde de toenmalige Oekraïense opperbevelhebber Zaloezjny dat de oorlog in een impasse was geraakt.[109] In een essay benadrukte hij het toenemende belang van technologie in deze stellingenoorlog.[110]

Eind november 2023 verergerden winterse omstandigheden de situatie aan het front, vooral voor de Oekraïense troepen. Lage bewolking bemoeilijkte het gebruik van drones, terwijl Russische troepen ondanks de omstandigheden bleven aanvallen en geleidelijk terrein wonnen rond Avdiivka. De verliezen aan Russische zijde bleven hoog, met naar verluidt tot duizend doden per dag in de laatste week van november, terwijl ook de Oekraïense verliezen aanzienlijk waren.[111]

Op 28 december 2023 veroverden Russische troepen het strategisch gelegen dorp Marinka, ten westen van Donetsk. Deze inname werd door de BBC omschreven als het eerste grote Russische succes sinds de val van Bachmoet in mei 2023 en gaf Rusland meer controle over het omliggende gebied.[112]

Deze ontwikkelingen bevestigden het beeld van een langdurige uitputtingsoorlog, waarin beperkte terreinwinst gepaard ging met hoge verliezen.

Verdere ontwikkelingen (2024-2026)

[bewerken | brontekst bewerken]

Koersk-offensief

[bewerken | brontekst bewerken]
Zie Koersk-offensief 2024 voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

In augustus 2024 voerde Oekraïne een verrassingsaanval uit op Russisch grondgebied in de regio Koersk. Oekraïense eenheden drongen daarbij tot tientallen kilometers Rusland binnen. Volgens berichtgeving in internationale media en analyses van onder meer het Institute for the Study of War was de operatie mede gericht op het verplaatsen van Russische troepen en het verstoren van de Russische oorlogsvoering.[113][114]

Tegen eind augustus 2024 bleef de Oekraïense terreinwinst beperkt en had de operatie geen significante veranderingen tot gevolg aan de frontlijn in Oost-Oekraïne.[114]

Situatie eind 2024

[bewerken | brontekst bewerken]

In 2024 boekten Russische troepen op meerdere plaatsen terreinwinst, waaronder bij Avdiivka en Vuhledar, zonder dat dit leidde tot een doorbraak in de Oekraïense verdediging. De gevechten gingen gepaard met hoge verliezen en aanhoudende druk op manschappen en materieel.[115]

Russisch voorjaarsoffensief (2026)

[bewerken | brontekst bewerken]

In het voorjaar van 2026 intensiveerde Rusland zijn offensieve operaties in het oosten en zuiden van Oekraïne, met een zwaartepunt in de regio Donetsk. De aanvallen bestonden uit grootschalige inzet van infanterie en gepantserde eenheden. Volgens berichtgeving werden deze operaties op verschillende plaatsen vertraagd of gestopt door Oekraïense verdediging met drones, artillerie en mijnenvelden.[116][117]

Het offensief was onder meer gericht op het veroveren van resterende Oekraïense bolwerken in Donetsk, zoals Sloviansk en Kramatorsk. Volgens diverse bronnen gingen de aanvallen gepaard met hoge verliezen aan Russische zijde, terwijl Oekraïne lokaal tegenaanvallen uitvoerde en beperkt terrein wist te heroveren.[116]

Informatieoorlog en propaganda

[bewerken | brontekst bewerken]
Zie Russische propaganda voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Tijdens de invasie verspreidden burgers, media en overheden via sociale media, nieuwswebsites en persoonlijke contacten zowel authentieke als misleidende beelden van het conflict. Daarbij circuleerden ook foto's en video’s uit andere oorlogen. Tegelijkertijd ontstond kritiek op de manier waarop sommige westerse media het lijden in Oekraïne anders zouden hebben benaderd dan oorlogen in onder meer Afghanistan, Ethiopië, Irak, Libië, Palestina, Syrië en Jemen.[118][119]

Oekraïense communicatiestrategieën

[bewerken | brontekst bewerken]

Oekraïense functionarissen en president Zelensky maakten actief gebruik van sociale media, videoboodschappen en toespraken tot buitenlandse parlementen om internationale steun te mobiliseren. Zelensky sprak onder meer het Europees Parlement, de NAVO en verschillende nationale parlementen toe.[120] Op 31 maart 2022 sprak hij als eerste buitenlandse staatshoofd de Nederlandse Tweede Kamer toe.[121]

Russische censuur en propaganda

[bewerken | brontekst bewerken]

In Rusland beperkte de regering na het begin van de invasie de toegang tot niet-staatsmedia en online platforms. Toezichthouder Roskomnadzor blokkeerde onafhankelijke berichtgeving, terwijl platforms als Facebook, Instagram en Twitter ontoegankelijk werden gemaakt. Voor veel Russen bleef toegang tot onafhankelijke informatie vooral mogelijk via VPN-verbindingen.[122]

De Russische staatstelevisie en andere staatsmedia speelden een centrale rol in het verspreiden van pro-Russische narratieven. De invasie werd daarbij voorgesteld als zelfverdediging, als bescherming van Russischtaligen en als strijd tegen een vijandig Westen. Deze berichtgeving sloot aan bij bredere pogingen van de Russische regering om historische en geopolitieke narratieven rond Rusland, Oekraïne en de Tweede Wereldoorlog te beïnvloeden.[123][124]

Effecten en reacties

[bewerken | brontekst bewerken]

De combinatie van mediabeperkingen, staatspropaganda en repressie beïnvloedde de publieke informatievoorziening in Rusland. Onafhankelijke peilingen en analyses wezen erop dat een aanzienlijk deel van de Russische bevolking de officiële rechtvaardiging van de oorlog overnam of weinig toegang had tot alternatieve informatie. Tegelijkertijd was er internationaal kritiek op de Russische censuur en desinformatiecampagnes.[125]

Desinformatie verspreid door China

[bewerken | brontekst bewerken]

Naast Rusland verspreidde ook China volgens Europese onderzoekers desinformatie over de oorlog. In maart 2022 verklaarden drie wetenschappers in het Europees Parlement dat Russische beweringen over vermeende Amerikaanse biologische laboratoria in Oekraïne door Chinese kanalen werden overgenomen en versterkt. Volgens de Spaanse onderzoeker Nicolás de Pedro werden feiten vermengd met verzinsels, waaronder beweringen dat het coronavirus uit Oekraïense laboratoria afkomstig zou zijn of dat er biologische wapens werden ontwikkeld.

Het Europese initiatief EUvsdisinfo probeerde dergelijke desinformatie in verschillende talen te weerleggen. Het Europees Parlement en de Europese Unie namen daarnaast maatregelen tegen Russische staatsmedia, waaronder beperkingen voor RT en Sputnik. Onderzoekers waarschuwden echter dat desinformatie zich via andere kanalen bleef verspreiden, onder meer via Chinese media, denktanks en nepaccounts op sociale media.[126]

Militaire aspecten en strategie

[bewerken | brontekst bewerken]

Luchtoorlog en luchtverdediging

[bewerken | brontekst bewerken]

Voorafgaand aan de Russische invasie verplaatste de Oekraïense luchtmacht een groot deel van haar vliegtuigen van vaste vliegbases naar alternatieve locaties, zoals snelwegen en andere verharde oppervlakken. Hierdoor bleken Russische raketaanvallen op de eerste dag van de invasie relatief ineffectief. Van de circa 125 Oekraïense gevechtsvliegtuigen werd slechts één toestel op een luchtmachtbasis vernietigd.[127]

Op 24 februari 2022 vielen Russische troepen onder meer de luchtmachtbasis Chuhuiv aan, waar Bayraktar TB2-drones waren gestationeerd, en richtten schade aan aan brandstofopslagplaatsen en infrastructuur.[128][129]

Oekraïne voerde een dag later een tegenaanval uit op de Russische vliegbasis Millerovo met Tochka-U-raketten, waarbij meerdere vliegtuigen werden vernietigd.[130]

In de eerste weken van de invasie speelde de Russische luchtmacht een kleinere rol dan verwacht. Analisten wezen op factoren zoals het onvermogen om Oekraïense luchtverdediging uit te schakelen, beperkte precisiewapens en operationele tekortkomingen bij piloten.[131]

Raket- en droneoorlog

[bewerken | brontekst bewerken]
Russische (raket-)aanvallen op 26 maart 2022

Vanaf het begin van de invasie zette Rusland grootschalig raketaanvallen in op militaire en civiele doelen in Oekraïne. Op 27 februari 2022 werden met 9K720 Iskander-raketten aanvallen uitgevoerd op onder meer de luchthaven van Zjytomyr.[132]

In maart 2022 voerde Rusland meerdere raketaanvallen uit op doelen in West-Oekraïne, waaronder militaire trainingsfaciliteiten in Javoriv nabij de Poolse grens.[133]

Vanaf oktober 2022 escaleerde de raketoorlog verder. Na de explosie op de Krimbrug voerde Rusland grootschalige vergeldingsaanvallen uit op meerdere Oekraïense steden, waaronder Kiev, Dnipro en Zaporizhzia. Daarbij werden tientallen raketten en Iraanse HESA Shahed 136-drones ingezet.[134]

In 2023 en daarna bleef Rusland grootschalige luchtaanvallen uitvoeren, waarbij onder meer hypersonische Ch-47M2 Kinzjal-raketten werden ingezet.[135]

In oktober 2023 zette Oekraïne voor het eerst door de Verenigde Staten geleverde ATACMS-raketten in tegen Russische doelen in bezet gebied.[136] Rusland veroordeelde de levering van deze langeafstandswapens scherp.[137] In dezelfde maand meldden media ook dat Oekraïense troepen posities hadden ingenomen op de linkeroever van de Dnipro nabij Cherson, al leidde dit niet tot een strategische doorbraak.[138]

In november 2024 gebruikte Oekraïne voor het eerst Amerikaanse ATACMS-raketten en Britse Storm Shadow-kruisvluchtwapens tegen doelen op Russisch grondgebied.[139][140] Daarmee werd de oorlog verder uitgebreid tot doelen dieper op Russisch grondgebied.

In 2026 werd in internationale media bericht dat drones een centrale rol speelden in de gevechten en verantwoordelijk waren voor een groot deel van de slachtoffers op het slagveld.[141]

Aanvallen op energie- en logistieke infrastructuur

[bewerken | brontekst bewerken]
Vernietigingen rond Zaporizja na raketaanval, 29 december 2023

Vanaf het najaar van 2022 richtte Rusland zich in toenemende mate op de energie-infrastructuur van Oekraïne. Op 15 november 2022 vond een van de grootste luchtaanvallen plaats, waarbij ongeveer honderd raketten en meerdere drones werden ingezet.[142]

In december 2022 werden opnieuw grootschalige aanvallen uitgevoerd op energiecentrales en elektriciteitsnetwerken.[143]

Op 17 juli 2023 werd de Krimbrug opnieuw zwaar beschadigd bij een aanval waarvoor Oekraïne later verantwoordelijkheid opeiste.[144]

In januari 2026 werden opnieuw grootschalige aanvallen uitgevoerd op het elektriciteits- en verwarmingsnet.[145]

Oekraïense diepe aanvallen

[bewerken | brontekst bewerken]

Vanaf eind 2022 breidde Oekraïne de oorlog uit naar doelen diep in Rusland.[146][147] Westerse bronnen suggereerden dat Oekraïne hiervoor aangepaste drones gebruikte en mogelijk impliciete steun van de Verenigde Staten kreeg, terwijl Rusland reageerde met verstoring van gps-signalen.[148][149]

Begin januari 2023 voerde Oekraïne een raketaanval uit op Makiivka, waarbij volgens Oekraïense bronnen honderden Russische militairen omkwamen, terwijl Rusland lagere aantallen meldde.[150][151]

De Krimbrug in 2019

In 2023 werden tevens Russische militaire doelen op de Krim aangevallen, waaronder luchtverdedigingssystemen en het hoofdkwartier van de Zwarte Zeevloot in Sevastopol, waarbij hoge officieren omkwamen of gewond raakten.[152][153][154]

Daarnaast voerde Oekraïne in 2024 drone-aanvallen uit op doelen diep in Rusland, waaronder industriële installaties in Tatarstan, en wist het lokaal terreinwinst te boeken in de Donbas na hervatting van westerse wapenleveranties.[155][156]

In 2025 bereikte deze strategie een nieuw niveau met Operatie Spinnenweb, waarbij Oekraïne met drones meerdere Russische luchtmachtbases diep in Rusland aanviel en strategische bommenwerpers vernietigde.[157][158]

Tactieken en wapensystemen

[bewerken | brontekst bewerken]

De oorlog kenmerkte zich door een combinatie van traditionele en moderne militaire tactieken. Oekraïne maakte intensief gebruik van mobiele luchtverdedigingssystemen en Manpads om Russische vliegtuigen en drones te bestrijden. Westerse landen leverden moderne luchtverdedigingssystemen zoals de MIM-104 Patriot.[159] Daarnaast werd bericht over een snelle ontwikkeling van de Oekraïense defensie-industrie, met name op het gebied van drone- en luchtverdedigingssystemen, die zowel binnen Oekraïne als in internationale samenwerking werden ingezet.[141]

Zeeoorlog en blokkades

[bewerken | brontekst bewerken]
Postzegel: Russisch oorlogsschip, val dood, met daarop de Russische raketkruiser Moskva en een Oekraïense soldaat op Slangeneiland
Moskva, het Russische vlaggenschip van de Zwarte Zeevloot, zonk op 14 april 2022

Op 24 februari 2022, de eerste dag van de invasie, vielen Russische marineschepen het strategisch gelegen Slangeneiland aan en namen het in.[57] Het incident kreeg internationale aandacht toen Oekraïense verdedigers via de radio weigerden zich over te geven. Het voorval kreeg een symbolische betekenis in de Oekraïense communicatie over de oorlog.[160]

De zeeoorlog speelde zich in deze fase voornamelijk af in de Zwarte Zee en was gericht op het beheersen van de kust, het blokkeren van Oekraïense havens en het ondersteunen van operaties op het land.

In maart 2022 werden meerdere Oekraïense en Russische schepen getroffen of vernietigd, onder meer in de haven van Berdjansk.[161] Op 14 april 2022 zonk het Russische vlaggenschip Moskva in de Zwarte Zee, naar verluidt nadat het was geraakt door Oekraïense antischeepsraketten.[162] Eind juni 2022 verlieten Russische troepen Slangeneiland, volgens Rusland als geste om de Oekraïense scheepvaart vanuit Odessa weer mogelijk te maken.[163] In 2023 heroverde Oekraïne enkele gas- en olieboorplatforms in de Zwarte Zee.[164]

Internationale dimensie

[bewerken | brontekst bewerken]

Incidenten met internationale impact

[bewerken | brontekst bewerken]

In de loop van de oorlog deden zich meerdere incidenten voor buiten het directe conflictgebied, die internationaal tot spanningen leidden en de vrees voor escalatie richting de NAVO vergrootten.

In de middag van 15 november 2022 vond er een raketinslag plaats in Przewodów, een dorp aan de Pools-Oekraïense grens, waarbij twee mensen om het leven kwamen.[165] Aanvankelijk werd gespeculeerd dat het een door Rusland afgevuurde raket betrof, wat leidde tot overleg binnen de NAVO.[166] NAVO-secretaris-generaal Jens Stoltenberg verklaarde later dat de raket waarschijnlijk afkomstig was van Oekraïense luchtafweer en geen doelbewuste aanval vormde.[167]

Locatie van neergestorte drones in Polen

In de nacht van 9 op 10 september 2025 werden meerdere drones en andere vliegende objecten boven Pools grondgebied waargenomen, vermoedelijk in het kader van aanvallen op Oekraïne.[168] Poolse en NAVO-luchtverdedigingseenheden schoten een deel van deze toestellen neer, onder meer met inzet van gevechtsvliegtuigen.[169] Polen riep naar aanleiding hiervan artikel 4 van het Noord-Atlantisch Verdrag in, dat voorziet in overleg tussen bondgenoten bij veiligheidsdreigingen.[170][171]

Deze incidenten onderstreepten de risico’s van onbedoelde escalatie en de directe betrokkenheid van NAVO-lidstaten bij de veiligheidsdynamiek rond het conflict.

Nucleaire dreigingen

[bewerken | brontekst bewerken]

De oorlog in Oekraïne leidde tot internationale zorgen over nucleaire veiligheid, met name door gevechten in de nabijheid van kerncentrales en door retoriek over mogelijke inzet van kernwapens.

Kerncentrale Tsjernobyl

[bewerken | brontekst bewerken]
Zie Slag om Tsjernobyl voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Op 24 februari 2022 veroverde het Russische leger de kerncentrale Tsjernobyl. De Oekraïense regering verloor tijdelijk de communicatie met de centrale en het personeel werd onder druk gezet.[172] Op 1 april 2022 verlieten de Russische troepen de centrale.[173]

Op 14 februari 2025 raakte een droneaanval de sarcofaag van de centrale, wat opnieuw internationale bezorgdheid opriep over nucleaire veiligheid.[174]

Kerncentrale Zaporizja

[bewerken | brontekst bewerken]
Rafael Grossi bezoekt de kerncentrale van Zaporizja

In maart 2022 werd de kerncentrale Zaporizja beschoten en vervolgens ingenomen door Russische troepen.[175] Het Internationaal Atoomenergieagentschap (IAEA) waarschuwde herhaaldelijk voor de risico’s van gevechten rond de centrale en pleitte voor een veiligheidszone.[176]

In de daaropvolgende jaren bleef de situatie instabiel, met herhaalde verstoringen van de stroomvoorziening en incidenten met beschietingen en drones.[177]

Kerncentrale Koersk

[bewerken | brontekst bewerken]

Gevechten nabij de Kerncentrale Koersk in Rusland in 2024 leidden tot nieuwe internationale zorgen over nucleaire veiligheid.[178]

Potentieel gebruik van tactische kernwapens door Rusland

[bewerken | brontekst bewerken]

Verschillende Russische functionarissen, waaronder minister van Buitenlandse Zaken Lavrov, verwezen tijdens het conflict naar de mogelijkheid van nucleaire escalatie.[179] Ook westerse inlichtingendiensten waarschuwden voor het risico dat Rusland tactische kernwapens zou kunnen inzetten.[180] Hoewel er geen kernwapens zijn ingezet, bleef de nucleaire dimensie een belangrijk element in de internationale beoordeling van het conflict.

Verzet en mobilisatie

[bewerken | brontekst bewerken]

De oorlog leidde zowel in Oekraïne als in Rusland tot uiteenlopende vormen van mobilisatie en verzet, variërend van burgerlijke tegenstand en partizanenacties tot grootschalige militaire inzet en economische omschakeling.

Burgerlijk verzet en partizanenacties

[bewerken | brontekst bewerken]
Burgers in Kiev bereiden molotovcocktails, 26 februari 2022

In bezette gebieden ontstonden vanaf het begin van de invasie vormen van burgerlijk verzet. In steden als Cherson en Melitopol gingen inwoners de straat op om te protesteren tegen de Russische aanwezigheid.[181]

Naast openlijk protest ontwikkelden zich partizanennetwerken die sabotageacties uitvoerden tegen Russische logistiek, infrastructuur en bestuur. Deze netwerken speelden met name in het zuiden en oosten van Oekraïne een rol bij het verstoren van Russische aanvoerlijnen en bestuurlijke controle.[182]

Militaire mobilisatie en interne spanningen

[bewerken | brontekst bewerken]

Oekraïne kondigde op 24 februari 2022 een algemene mobilisatie af, waarbij mannen tussen 18 en 60 jaar werden opgeroepen voor militaire dienst.[183] Vrijwilligers uit diverse landen sloten zich aan bij het Internationaal Legioen voor de Territoriale Verdediging van Oekraïne.[184]

Rusland kondigde in september 2022 een gedeeltelijke mobilisatie af, waarbij naar schatting honderden duizenden reservisten werden opgeroepen.[185] De mobilisatie ging gepaard met protesten, massale emigratie en meldingen van desertie en dienstweigering.[186] Daarnaast kwamen spanningen binnen het Russische militaire apparaat naar voren, onder meer bij de opstand van de Wagnergroep in juni 2023, die de kwetsbaarheid van de commandostructuur blootlegde.[187]

Eind juni 2023 vond de opstand van de Wagnergroep plaats. Wagner-eenheden bezetten kortstondig Rostov aan de Don en rukten op richting Moskou, maar trokken zich na bemiddeling van de Wit-Russische president Aleksandr Loekasjenko terug.[188]

Verliezen en middelen

[bewerken | brontekst bewerken]
HIMARS

Beide partijen leden aanzienlijke verliezen, hoewel exacte cijfers moeilijk te verifiëren zijn. Westerse inlichtingendiensten en onafhankelijke analyses schatten dat het totale aantal doden en gewonden aan beide zijden in de honderdduizenden loopt.[189] Daarnaast vielen er grote aantallen burgerdoden, met name als gevolg van bombardementen en gevechten in stedelijke gebieden.

De oorlog werd gekenmerkt door intensief gebruik van artillerie, raketten en drones. Rusland maakte onder meer gebruik van ballistische en kruisraketten en zette op grote schaal drones in, waaronder de Iraanse HESA Shahed 136-drones.[190]

Oekraïne combineerde eigen materieel met westerse wapensystemen, waaronder HIMARS, Leopard 2-tanks en F-16 Fighting Falcon-gevechtsvliegtuigen. Deze systemen speelden een belangrijke rol bij precisieaanvallen en het verstoren van Russische logistiek.[191]

Economische mobilisatie

[bewerken | brontekst bewerken]

In juni 2022 nam Rusland wetgeving aan die de economie in staat stelde zich aan te passen aan oorlogsomstandigheden. Bedrijven konden worden verplicht defensieorders te accepteren en arbeid flexibel in te zetten ten behoeve van de oorlogsindustrie.[192] Deze maatregelen markeerden een gedeeltelijke overgang naar een oorlogseconomie, waarbij de productiecapaciteit werd gericht op militaire behoeften.

Aanhoudende verliezen en mobilisaties legden een groeiende druk op de Russische economie, onder meer door personeelstekorten. Analisten achtten het waarschijnlijk dat verdere mobilisatie noodzakelijk zou zijn om het huidige tempo van de oorlog voort te zetten.[193]

Politieke en territoriale escalatie

[bewerken | brontekst bewerken]
De Russische invasie van Oost-Oekraïne in 2022, geanimeerde kaart fase 3 (5 september tot 11 november)

Op 23 september 2022 begonnen in de door Rusland bezette delen van de oblasten Oblast Cherson, Oblast Zaporizja, Donetsk en Loehansk referenda over aansluiting bij Rusland. Volgens Oekraïne en westerse landen vonden deze volksraadplegingen plaats onder dwang en zonder vrije, geheime stemming, en golden zij als onwettig.[194] Op 30 september 2022 ondertekende president Poetin samen met door Rusland gesteunde bestuurders uit de vier oblasten verdragen voor de opname van deze gebieden in de Russische Federatie,[195] hoewel Rusland geen van de vier oblasten volledig beheerste. Rusland beschouwde de inwoners van de bezette gebieden vervolgens als Russische staatsburgers, waardoor zij ook onder de Russische dienstplicht vielen.

Op 19 oktober 2022 kondigde Poetin in de vier geannexeerde regio's de staat van beleg af. Daarmee kregen de Russische autoriteiten en strijdkrachten verdergaande bevoegdheden in deze gebieden.[196][197]

Op 21 september 2022 had Poetin al een gedeeltelijke mobilisatie van 300.000 reservisten aangekondigd. Die maatregel leidde in Rusland tot onrust, uitvoeringsproblemen en een toename van het aantal mensen dat het land verliet om oproeping te ontlopen. Westerse analisten betwijfelden de directe militaire effectiviteit van de mobilisatie, onder meer vanwege tekorten aan opleiding, uitrusting en materieel.[198] In dezelfde toespraak verklaarde Poetin dat Rusland "alle middelen" zou gebruiken om zich te verdedigen.[199]

Buitenlandse steun en betrokkenheid

[bewerken | brontekst bewerken]

Sinds het begin van de invasie ontving Oekraïne grootschalige militaire, financiële en politieke steun van westerse landen, terwijl Rusland steun zocht bij een beperktere groep internationale partners.

Westerse militaire en financiële steun

[bewerken | brontekst bewerken]
Uitslag van de stemming over de VN-resolutie die de invasie veroordeelde.
 Voor
 Tegen
 Blanco
 Niet gestemd
 Geen lid

Westerse landen leverden op grote schaal wapens en munitie aan Oekraïne, variërend van lichte antitankwapens en luchtafweersystemen tot steeds zwaardere en geavanceerdere systemen naarmate de oorlog vorderde.[191] Daarnaast werd Oekraïne financieel ondersteund door de Europese Unie, de Verenigde Staten en internationale instellingen, onder meer om de overheid draaiende te houden en de economie te stabiliseren.[200]

Bevroren Russische tegoeden in het buitenland werden onderwerp van discussie, waarbij westerse landen onderzochten of deze middelen konden worden ingezet voor de wederopbouw van Oekraïne.[201]

Oekraïne profiteerde in juni 2024 van toestemming van de Verenigde Staten om Amerikaanse wapens beperkt in te zetten tegen doelen op Russisch grondgebied. Ook verschillende Europese landen versoepelden hun restricties. In Belgorod werd een S300/400-luchtverdedigingsbatterij vernietigd met Amerikaanse HIMARS-raketten.[202]

Rol van de Verenigde Staten

[bewerken | brontekst bewerken]

De Verenigde Staten speelden een centrale rol in de ondersteuning van Oekraïne, zowel militair als financieel. Naast wapenleveringen en training van Oekraïense troepen leverden de VS ook inlichtingen en strategische ondersteuning.[203]

In de periode 2022–2024 namen de VS het voortouw binnen de internationale coalitie die Oekraïne ondersteunde. In 2025 werd de Amerikaanse opstelling onderwerp van binnenlandse politieke discussie, wat leidde tot onzekerheid over de continuïteit van de steun.[204]

Internationale steun aan Rusland

[bewerken | brontekst bewerken]
Ontmoeting tussen Vladimir Poetin en Xi Jinping, maart 2023

Rusland ontving steun van een beperktere groep landen. China sprak formeel geen militaire steun uit, maar versterkte economische en diplomatieke banden met Rusland.[205] Daarnaast werd Iran genoemd als leverancier van drones en andere militaire middelen, terwijl Noord-Korea werd beschuldigd van het leveren van munitie.[206]

Internationale politieke reacties en diplomatie

[bewerken | brontekst bewerken]

De invasie leidde wereldwijd tot politieke reacties, waaronder veroordelingen door westerse landen en resoluties in internationale organisaties zoals de Verenigde Naties.[207] Tegelijkertijd werden verschillende diplomatieke initiatieven ondernomen om tot een staakt-het-vuren of vredesregeling te komen. Een belangrijk voorbeeld was de graandeal, die de export van Oekraïens graan via de Zwarte Zee mogelijk maakte.[208]

In 2025 werden opnieuw bemiddelingspogingen ondernomen door verschillende landen en internationale actoren, maar deze leidden niet tot een duurzame oplossing van het conflict.

Onderhandelingen en bemiddelingen

[bewerken | brontekst bewerken]
Zie Russisch-Oekraïense vredesonderhandelingen sinds 2022 voor het hoofdartikel over dit onderwerp.
Onderhandelingen tussen Oekraïne en Rusland in Istanbul, maart 2022

Kort na het begin van de invasie startten op 28 februari 2022 de eerste onderhandelingen tussen Rusland en Oekraïne in de buurt van Homel in Wit-Rusland. In de weken daarna volgden meerdere gespreksrondes in Wit-Rusland en Istanbul in Turkije. Ondanks deze diplomatieke inspanningen leidde dit niet tot een doorbraak.

Bemiddelingspogingen werden ondernomen door diverse internationale leiders en organisaties, waaronder de Oostenrijkse kanselier Karl Nehammer, VN-secretaris-generaal António Guterres, de Turkse president Recep Tayyip Erdoğan, de Saoedische kroonprins Mohammad bin Salman en paus Franciscus.

Ook in 2023 werden verschillende vredesinitiatieven voorgesteld, onder meer door China, Mexico, Indonesië, Henry Kissinger, de Braziliaanse president Lula da Silva en een Afrikaanse delegatie onder leiding van de Zuid-Afrikaanse president Cyril Ramaphosa.

Zie Graandeal voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Op 22 juli 2022 bereikten Rusland, Oekraïne, Turkije en de Verenigde Naties een overeenkomst om de export van graan via de Zwarte Zee te hervatten,[209] na een blokkade door de Russische Zwarte Zeevloot en zeemijnen.[210]

De overeenkomst werd in oktober 2022 tijdelijk opgeschort door Rusland, maar kort daarna hervat.[211] In juli 2023 trok Rusland zich opnieuw terug uit de deal, onder verwijzing naar beperkingen op de export van Russische landbouwproducten en financiële transacties.[212]

Oekraïne zette daarop een alternatieve maritieme corridor op langs de kust van Oekraïne, Roemenië, Bulgarije en Turkije om de export voort te zetten.[213]

Bemiddelingen 2025

[bewerken | brontekst bewerken]

In 2025 kwam diplomatie opnieuw in beweging, mede naar aanleiding van een voorgestelde overeenkomst tussen de Verenigde Staten en Oekraïne over de exploitatie van kritieke grondstoffen.[214]

Een geplande ondertekening in het Witte Huis tussen presidenten Trump en Zelensky mislukte echter en mondde uit in een publiek conflict over diplomatie en veiligheidsgaranties.[215]

Na zijn aantreden wijzigde de president Trump het buitenlandse beleid aanzienlijk en startte afzonderlijke onderhandelingen met zowel Rusland als Oekraïne. De Verenigde Staten namen in 2025 tweemaal een afwijkende positie in bij resoluties van de Verenigde Naties door zich niet aan te sluiten bij veroordelingen van Rusland.[216]

In november 2025 presenteerde Trump een vredesplan met 28 punten. Dit plan werd door verschillende waarnemers als pro-Russisch beschouwd[217] en volgens onderzoeksplatform The Insider was het grotendeels gebaseerd op voorstellen uit Russische kring.[218]

De Russische invasie van Oekraïne had verstrekkende humanitaire, geopolitieke, economische en ecologische gevolgen. Deskundigen voorspelden al in 2022 dat de oorlog de internationale orde in Europa ingrijpend zou veranderen en mogelijk zou uitgroeien tot het grootste militaire conflict op Europese bodem sinds de Tweede Wereldoorlog.[219] Ook werd gewaarschuwd voor het ontstaan van een langdurig of bevroren conflict,[220] een scenario waartegen zowel president Zelensky[221] als EU-Commissievoorzitter Ursula von der Leyen[222] zich uitspraken.[223]

Humanitaire gevolgen

[bewerken | brontekst bewerken]

Vluchtelingen

[bewerken | brontekst bewerken]
Zie Oekraïense vluchtelingencrisis sinds 2022 voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

De oorlog veroorzaakte een grootschalige vluchtelingencrisis. In de eerste dagen na de invasie vluchtten al honderdduizenden Oekraïners, vooral naar buurlanden als Polen en Roemenië.[224] Binnen Oekraïne werden burgers uit belegerde steden geëvacueerd, al mislukten pogingen daartoe herhaaldelijk door aanhoudende beschietingen.[225]

Daarnaast waren er meldingen dat Oekraïense burgers onder dwang naar Rusland werden overgebracht, soms naar afgelegen gebieden.[226][227]

Voedselschaarste

[bewerken | brontekst bewerken]

De oorlog had gevolgen voor de mondiale voedselvoorziening. Rusland en Oekraïne waren voor de invasie belangrijke exporteurs van tarwe en zonnebloemolie.[228] Het Wereldvoedselprogramma waarschuwde dat de oorlog bestaande voedselcrises kon verergeren.[229]

Maatschappelijke gevolgen

[bewerken | brontekst bewerken]

De oorlog leidde tot maatschappelijke spanningen en migratiebewegingen. In Rusland ontstond een uittocht van burgers die repressie en mobilisatie wilden ontlopen.[230] Tegelijkertijd werden meldingen gedaan van discriminatie tegen Russisch sprekenden in het buitenland.[231]

Geopolitieke gevolgen

[bewerken | brontekst bewerken]

Europese defensie en NAVO

[bewerken | brontekst bewerken]

De invasie leidde tot verhoogde defensie-uitgaven in Europa. Duitsland kondigde een investering van 100 miljard euro in de Bundeswehr aan.[232] Finland en Zweden traden toe tot de NAVO.[233]

Afname van Russische invloed

[bewerken | brontekst bewerken]

De oorlog verzwakte de Russische invloed in andere regio’s, onder meer zichtbaar in conflicten in de Kaukasus en Centraal-Azië.[234]

Economische gevolgen

[bewerken | brontekst bewerken]
Wisselkoers van de roebel na de invasie

Na het begin van de invasie stegen energie- en voedselprijzen aanzienlijk.[235] Sancties leidden tot een sterke devaluatie van de roebel, waarna Rusland maatregelen nam om de economie te stabiliseren.

De Europese afhankelijkheid van Russisch gas werd versneld afgebouwd, terwijl Rusland zijn energie-export verlegde naar onder meer China en India. Tegelijkertijd ontstonden verstoringen in mondiale handelsketens en nam de inflatie wereldwijd toe.

De Russische economie kromp aanvankelijk, maar bleek veerkrachtiger dan verwacht door hoge energie-inkomsten en parallelle importstromen. Westerse sancties beperkten echter de toegang tot technologie, financiële markten en investeringen, wat op langere termijn druk zette op de economische ontwikkeling.

In 2023 boekte het Russische staatsgasbedrijf Gazprom een recordverlies van 6,2 miljard euro, mede door het wegvallen van de Europese markt.[236] Op 1 januari 2025 stopte bovendien de doorvoer van Russisch gas via Oekraïne.[237]

De economische schade in Oekraïne zelf was aanzienlijk, met grootschalige vernietiging van infrastructuur, industrie en landbouwcapaciteit. De Wereldbank schatte de kosten voor wederopbouw op honderden miljarden dollars.[238]

De Oekraïense spoorwegen bleven van cruciaal belang voor evacuaties en logistiek. De verkeersleiding werd verplaatst naar mobiele commandoposten en spoorlijnen speelden een rol in militaire bevoorrading, onder meer rond Marioepol.[239][240]

De oorlog veroorzaakte aanzienlijke milieuschade.[241] De verwoesting van de Kachovkadam leidde tot grootschalige overstromingen en langdurige verstoring van de watervoorziening.[242]

Juridische implicaties

[bewerken | brontekst bewerken]

Legaliteit van de invasie

[bewerken | brontekst bewerken]

De invasie van Oekraïne door Rusland wordt algemeen beschouwd als een schending van het Handvest van de Verenigde Naties en het internationaal recht, en daarmee als het misdrijf van agressie. De militaire aanval was in strijd met het verbod op het gebruik van geweld tegen de territoriale integriteit van een staat.

Daarnaast staat de invasie op gespannen voet met het Statuut van Rome, dat agressie, militaire invasie en annexatie door geweld strafbaar stelt. Oekraïne heeft het Statuut van Rome niet geratificeerd, terwijl Rusland zijn handtekening in 2016 introk.[243]

Rechtszaken en internationale gerechtelijke acties

[bewerken | brontekst bewerken]

Oekraïne diende op 25 februari 2022 een zaak in bij het Internationaal Gerechtshof (ICJ), waarin Rusland werd beschuldigd van het voeren van een illegale oorlog onder valse voorwendselen, met name de ongefundeerde beschuldiging van genocide op de Russischtalige bevolking. Op 16 maart 2022 oordeelde het ICJ dat Rusland zijn militaire operaties onmiddellijk moest staken.[244]

Mogelijke oorlogsmisdaden

[bewerken | brontekst bewerken]

In maart 2022 opende het Internationaal Strafhof (ICC) een onderzoek naar mogelijke oorlogsmisdaden, misdaden tegen de menselijkheid en schendingen van het Verdrag inzake de voorkoming en de bestraffing van genocide.[245] Hoewel Rusland geen partij is bij het ICC, erkende Oekraïne in 2014 de rechtsmacht van het hof, waardoor onderzoek naar misdrijven op Oekraïens grondgebied mogelijk werd.[246][247]

Eind maart 2022 werd een Joint Investigation Team (JIT) opgericht door Polen, Litouwen en Oekraïne, met ondersteuning van Eurojust en het ICC, om bewijs te verzamelen en oorlogsmisdaden te onderzoeken.[248]

Op 14 juli 2022 kwamen vertegenwoordigers van circa vijftig landen bijeen in Den Haag om de vervolging van oorlogsmisdaden te coördineren. Oekraïne pleitte daarbij voor de oprichting van een speciaal tribunaal voor het misdrijf agressie. Sinds het begin van de oorlog waren er tienduizenden meldingen van mogelijke oorlogsmisdaden.[249]

Op 17 maart 2023 vaardigde het ICC arrestatiebevelen uit tegen de Russische president Vladimir Poetin en Maria Lvova-Belova, op verdenking van de onwettige deportatie van Oekraïense kinderen naar Rusland.[250] De uitvoering van deze arrestatiebevelen is afhankelijk van internationale samenwerking, aangezien het ICC niet over een eigen politieapparaat beschikt.[251]

Deze juridische procedures onderstrepen de internationale pogingen om verantwoordelijkheid vast te stellen voor schendingen van het internationaal recht, hoewel daadwerkelijke vervolging in de praktijk afhankelijk blijft van politieke en diplomatieke ontwikkelingen.[251]

Maatschappelijke reacties

[bewerken | brontekst bewerken]
De Brandenburger Tor lichtte op in de kleuren van de Oekraïense vlag tijdens een solidariteitsprotest in Berlijn, 24 februari 2022.
Pro-Oekraïense demonstratie op Trafalgar Square, Verenigd Koninkrijk, 27 februari 2022.
Protest op de Dam in Amsterdam op 27 februari 2022. Volgens lokale media waren er ongeveer 15.000 mensen aanwezig.[252]

Demonstraties en publieke steun

[bewerken | brontekst bewerken]

Vrijwel direct na het begin van de invasie vonden wereldwijd demonstraties plaats tegen Rusland en ter ondersteuning van Oekraïne.[253][254] In Europese steden als Praag, Berlijn en Keulen kwamen tienduizenden tot honderdduizenden mensen bijeen.[255][256][257] Veel demonstranten gebruikten daarbij de Oekraïense leus Slava Ukraini.[258]

Ook in tientallen Russische steden vonden anti-oorlogsprotesten plaats. De autoriteiten traden hier direct tegen op met arrestaties.[259][260] Volgens OVD-Info werden op 24 februari 2022 bijna 2.000 mensen in zestig Russische steden aangehouden; op 6 maart meldde de organisatie dat het totale aantal arrestaties was opgelopen tot meer dan 13.000.[261][262] De Russische autoriteiten waarschuwden burgers voor deelname aan niet-toegestane protesten en verwezen daarbij onder meer naar nog geldende coronabeperkingen.[263] Ook in Wit-Rusland waren protesten hoorbaar: bij stembureaus in Minsk scandeerden demonstranten tijdens het grondwettelijke referendum “Nee tegen oorlog”.[264]

Acties via Russische media

[bewerken | brontekst bewerken]

Ook binnen Russische media en cultuur klonken openlijke anti-oorlogsverklaringen, ondanks toenemende repressie. Nobelprijswinnaar Dmitri Moeratov kondigde aan dat zijn krant Novaja Gazeta in het Russisch en Oekraïens zou verschijnen. Moeratov, journalist Mikhail Zygar, regisseur Vladimir Mirzoyev en anderen ondertekenden een verklaring waarin werd gesteld dat Oekraïne geen bedreiging vormde voor Rusland en waarin Russen werden opgeroepen zich tegen de oorlog uit te spreken.[265] Journalist Elena Tsjernenko van Kommersant verspreidde een kritische open brief die door 170 journalisten en academici werd ondertekend.[266]

Op 14 maart 2022 onderbrak Marina Ovsjannikova, redacteur bij de Russische staatstelevisiezender Pervyj kanal, een live-uitzending met een protestbord tegen de oorlog en propaganda. In een vooraf opgenomen video verklaarde zij zich te schamen voor haar bijdrage aan de verspreiding van Russische propaganda en riep zij op tot protest. Ovsjannikova werd na de actie gearresteerd en kreeg later geldboetes.[267][268]

Op 9 mei 2022, de Russische Dag van de Overwinning, verschenen op de regeringsgezinde nieuwssite Lenta ongeveer twintig artikelen waarin Poetin en de oorlog in Oekraïne scherp werden veroordeeld. Het bleek een actie van journalisten Jegor Poljakov en Aleksandra Mirosjnikova, die op dat moment niet meer in Rusland waren. De teksten werden snel verwijderd, maar waren al gearchiveerd. Op dezelfde dag verscheen in menu’s van Russische smart-tv’s een anti-oorlogsbericht.[269]

Acties van techbedrijven

[bewerken | brontekst bewerken]

Techbedrijven reageerden op verschillende manieren op de invasie. Elon Musk kondigde op 26 februari 2022 aan dat de Starlink-internetdienst in Oekraïne was geactiveerd, nadat het land te maken kreeg met stroomstoringen en problemen met internetverbindingen door de Russische aanval.[270] De benodigde apparatuur arriveerde begin maart in Kiev.[271]

Op verzoek van de Oekraïense regering blokkeerde Google in Oekraïne de Android-app van de Russische staatszender RT en werden enkele Russische YouTubekanalen ontoegankelijk gemaakt. Meta Platforms blokkeerde daarnaast accounts van bepaalde Russische staatsmedia.[272]

  • Andrej Koerov, Dagboek van een invasie. Balans, 2023, ISBN 9789463822565 (ebook) / ISBN 9789463822404 (paperback)
  • Jade McGlynn, Memory Makers: The Politics of the Past in Putin's Russia (2023). xii, 234 p. Londen, New York, Oxford: Bloomsbury Academic, ISBN 978-1-350-28076-2.
  • Jade McGlynn, Russia's War (2023). 264 p. Cambridge, Hoboken: Polity Press, ISBN 9781509556779.
  • (en) Doctorow, Gilbert (24 mei 2025). War Diaries. Volume 1: The Russia-Ukraine War, 2022-2023. (in eigen beheer). ISBN 979-8284726013.
[bewerken | brontekst bewerken]
Zie de categorie 2022 Russian invasion of Ukraine van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.