Russische minderheid in China

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De Russen (Chinees: 俄羅斯族, Éluósī-zú) vormen een van de 56 erkende bevolkingsgroepen van de Volksrepubliek China. Zij bezitten de Chinese nationaliteit en hebben uit hun hoedanigheid de voorrechten die de Chinese regering aan minderheden heeft toegekend. Ze wonen in het verre westen en uiterste noordoosten van China, alsmede in grotere steden als Beijing en Shanghai.

Geschiedenis[bewerken]

Toen het Russische Rijk doorbrak tot in Siberië, leidde dit vanzelfsprekend ook tot contacten met China. In 1685 gingen Russsen voor het eerst permanent in China wonen: het betrof Albazin-Kozakken die tot de keizerlijke wacht toetraden.

Toen Rusland eind 19e eeuw meer invloed in China verkreeg kwamen ook meer Russen naar China. Dit betrof echter vooral mensen die voor hun werk tijdelijk naar China moesten en na afloop terugkeerden. Na de Russische Revolutie kwam er een vrij grote influx van gevluchte anticommunisten op gang, maar voor hen was China toch vooral een tussenhalte. Men keerde vaak na verloop van tijd terug of reisde door om in een ander land (m.n. de Verenigde Staten) een bestaan op te bouwen. Van degenen die bleven werd een groot deel uiteindelijk door Mao op verzoek van Stalin naar Rusland teruggestuurd.

De Russische minderheid heden ten dage[bewerken]

Heden ten dage bedraagt het aantal Chinese Russen ongeveer 15,600 personen. Ze spreken Russisch met elkaar en bedienen zich buiten de familiekring van het Mandarijn. Ze hebben recht op vertegenwoordiging op regionaal en nationaal niveau, en genieten een aantal voorrechten zoals beperkte vrijstelling van de 1-kind politiek.

Het Yabaolu-district in Beijing wordt vandaag de dag voornamelijk door Russische handelaren bevolkt en heeft een uitgesproken Russisch karakter.