Saramaccaners

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Stampen van rijst in een Saramacaans dorp

De Saramaccaners (ook: Saramakaners, in het Saramaccaans: Saamaka) zijn nakomelingen van Marrons, gevluchte slaven die vooral in de tweede helft van de 17de eeuw de bossen van Suriname in trokken en zich aanvankelijk vestigden langs de Saramaccarivier.

De taal van de Saramaccaners, het Saramaccaans, wordt ook nu nog door meer dan 25.000 mensen gesproken en ontleent zijn woordenschat aan vooral het Portugees, het Engels, het Nederlands en talen uit Afrika ten zuiden van de Sahara. De taal kent ook een aantal Franse leenwoorden.

In 1762 sloot het koloniale gouvernement vrede met de Saramaccaners, een vrede die daarna nog enkele malen hernieuwing behoefde. Het vredesverdrag bevatte afspraken over het periodiek leveren van geschenken - waardevolle goederen zoals ook kruit en vuurwapens - door de Nederlanders aan de Saramaccaners en over het terugbrengen van nieuwe gevluchte slaven door de Saramaccaners aan de Nederlanders. Beide groepen deden alle moeite om via tactische manoeuvres en onderhandelingen onder deze afspraken uit te komen.

Zie ook[bewerken]