Schatkamer van de Onze-Lieve-Vrouwebasiliek (Maastricht)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Schatkamer van de Onze-Lieve-Vrouwebasiliek
0OLVSchatkamer01 Zuid.jpg
Locatie Plankstraat 9 / Onze-Lieve-Vrouweplein 9, Maastricht
Type Religieuze kunst en kunstvoorwerpen, textilia
Opgericht ca. 1204 of eerder
Website
Portaal  Portaalicoon   Kunst & Cultuur

De schatkamer van de Onze-Lieve-Vrouwebasiliek is een museum van religieuze kunst en kunstvoorwerpen in de Basiliek van Onze-Lieve-Vrouw te Maastricht.

Geschiedenis van de kerkschat[bewerken]

Overzicht schatkamer

De Onze-Lieve-Vrouwebasiliek bezit een belangrijke kerkschat, die in de loop der eeuwen door het kapittel en later door het parochiebestuur is bijeengebracht. Een van de eerste en tevens belangrijkste aanwinsten moet het zogenaamde 'patriarchaal kruis' zijn geweest, met daarin een vijftal grote kruisrelieken. Het mogelijk door kruisvaarders uit Constantinopel meegebrachte kruis werd in 1204 of 1206 door Rooms-Duits koning Filips van Zwaben aan de kerk geschonken.[1] De oudste vermelding van het gebruik van relieken in de liturgie dateert uit 1286. Een aparte schatkamer als bewaarplaats voor de kerkschat wordt voor het eerst genoemd in het Liber Ordinarius uit het derde kwart van de 14e eeuw, maar bestond waarschijnlijk al eerder. In diezelfde ordinarius wordt ook het ambt van thesaurius (schatbewaarder) genoemd.[2]

Toningsformulier reliekenschat

In de Middeleeuwen bestond er een grote rivaliteit tussen de twee Maastrichtse kapittelkerken. Het kapittel van Sint-Servaas was verreweg het grootste en rijkste kapittel van de stad. De kanunniken van de Sint-Servaaskerk beklaagden zich er meermaals over dat in de Onze-Lieve-Vrouwekerk relieken in het openbaar getoond werden – een voorrecht waarvan men meende dat het aan hun kerk was voorbehouden. Op die manier zouden die van Onze-Lieve-Vrouwe pelgrims proberen weg te snoepen uit de Sint-Servaas.[3] In de schatkamer van de Onze-Lieve-Vrouwebasiliek wordt een koperen gravureplaat uit omstreeks 1600 bewaard, die gebruikt werd om toningsformulieren af te drukken. Deze werden als souvenir aan bedevaartgangers aangeboden.

Door grote verliezen in de Franse Tijd is de kerkschat nog slechts een fractie van wat het ooit was. Maastricht werd in 1794 bezet door Franse revolutionaire troepen en kort daarna ingelijfd bij de Eerste Franse Republiek. De opheffing van het kapittel in 1797 werd voorafgegaan door een periode van zware oorlogsbelastingen, waardoor het kapittel zich genoodzaakt zag een groot deel van de goud- en zilverschat om te laten smelten. Ook later in de 19e en zelfs nog in de 20e eeuw zijn voorwerpen verloren gegaan doordat de kunsthistorische waarde ervan niet werd ingezien, of door diefstal. Vooral het verlies van het Byzantijns patriarchaal kruis en het 'kruisje van Constantijn' in 1837 wordt in Maastricht betreurd. Beide kruisreliekhouders werden door een overijverige ex-kanunnik aan de paus geschonken en bevinden zich sedertdien in de schatkamer van de Sint-Pietersbasiliek in Vaticaanstad. In sommige gevallen zijn de reliekhouders verdwenen, maar bleven de relieken zelf bewaard. Van de zogenaamde 'gordel van Maria' bleef het eigenlijke relikwie met een fragment van de oorspronkelijke reliekhouder bewaard. De bijbehorende verguld zilveren beelden van Maria en twee engelen, die het reliek droegen, werden in 1794 vrijwel zeker omgesmolten.[4] Hetzelfde gebeurde met de zilveren reliekbustes van de heiligen Catharina, Maria Magdalena en Hubertus, en diverse armreliekhouders.[5]

Een belangrijk keerpunt in de herwaardering van de kerkschat was de publicatie in 1872 van een studie van de Akense kanunnik en kunsthistoricus Franz Bock, in samenwerking met de kapelaan van de Sint-Servaaskerk, Michaël Willemsen.[6]

Huisvesting[bewerken]

De schatkamer van de Onze-Lieve-Vrouwebasiliek is in de loop der eeuwen op verschillende plekken in het gebouw gehuisvest geweest. Een aparte ruimte voor de relieken wordt voor het eerst genoemd in de 14e eeuw. In de 17e eeuw was dit een ruimte in de Barbaratoren, de zuidoostelijke koortoren, alwaar ook de archieven en maten van de stad werden bewaard. Een custos (bewaarder) of officium thesauraii (ambt van schatbewaarder) hield toezicht op de kostbaarheden. In 1933 werd de kerkschat overgebracht naar de oostelijke kloostergang.

De schatkamer is sinds 1968 gevestigd in een nieuw pand aan de Plankstraat 9. Dit pand grenst aan de kruisgang, alwaar zich ook de ingang bevindt (toegankelijk vanaf het noordelijk transept van de kerk).

Collecties[bewerken]

De schat van de Onze-Lieve-Vrouwebasiliek bestaat uit drie afdelingen: relieken en reliekhouders, liturgische voorwerpen en textilia. De schatkamer bezit verder een collectie beelden, schilderijen, prenten, boeken, oorkonden en devotionalia, die echter meestal niet tot de historische kerkschat worden gerekend.

Relieken en reliekhouders[bewerken]

Reliekhouder met de gordel van Maria

Een belangrijk onderdeel van de kerkschat van de O.L.-Vrouwebasiliek is de verzameling kostbare reliekhouders, waarvan een aantal uit de middeleeuwen stammen. De belangrijkste relieken en reliekhouders zijn:

  • Reliekhouder voor de gordel van Maria (19e eeuw; slechts een klein deel van de 14e-eeuwse houder is bewaard gebleven)[7]
  • Reliektorentje met reliek van de Heilige Barbara (Maastricht?, 16e eeuw; het beeld zelf is in 1795 omgesmolten)
  • Drie reliekhoorns: één van runderhoorn met verzilverd loodbeslag (Scandinavië, 10e eeuw), één van ivoor met roodkoperbeslag (Zuid-Europa, 14e/15e eeuw) en één van hout (Duitsland, 15e eeuw)[8]
  • Drie ivoren reliekkistjes (Zuid-Italië of Spanje, 12e/13e eeuw)[9]
  • Reliekschrijntje van bergkristal en verguld koper (Frankrijk, vroege 13e eeuw)[10]
  • Twee zilveren ostensoria (beide Maas-Rijngebied, 14e en 15e eeuw)[11]
  • Houten armreliekhouder van de heilige Tranquillus, een van de martelaren van het Thebaanse Legioen (Maaslands, 15e eeuw)

Liturgische voorwerpen[bewerken]

Een belangrijk deel van de schatkamer is gereserveerd voor liturgisch vaatwerk en andere voorwerpen die bij de Rooms-katholieke liturgie worden gebruikt, zoals kelken, cibories, patenen, monstransen, wierookvaten, wierookscheepjes, kandelaars en processiekruisen. Dit is het deel van de kerkschat dat het meest geleden heeft onder de secularisering tijdens de Franse tijd. Veel gouden en zilveren voorwerpen werden toen omgesmolten om aan de heffingen te voldoen, die aan het kapittel waren opgelegd. Toch bleven nog enkele gotische en relatief veel barokkelken en -monstransen bewaard.

Textielschat[bewerken]

Ladekast met paramenten

De textielschat van de Onze-Lieve-Vrouwekerk geldt als één van de belangrijkste verzamelingen van historische stoffen en liturgische gewaden (paramenten) van Nederland. Hoewel dit deel van de kerkschat wellicht minder heeft geleden in de Franse tijd, is daarna door slordigheid veel verdwenen of vernield. In 1805 werden de overgebleven paramenten van het toen al enkele jaren opgeheven kapittel overgedragen aan de Sint-Nicolaaskerk en de Sint-Martinuskerk. Op de inventarislijst komen diverse rijkgeborduurde koorkappen voor, waarvan sindsdien elk spoor ontbreekt. In 1902 (en wellicht nog in 1938) bezat de kerk maar liefst zeven middeleeuwse reliekbeurzen van linnen, zijde of fluweel, waarvan er thans nog maar één overgebleven is.[12] De belangrijkste textilia zijn:

  • Zgn. "kleed van Lambertus" (Centraal-Azië, 10e-13e eeuw?)[13]
  • Restanten van een middeleeuwse albe
  • Roodfluwelen bursa of reliekbeurs (Frankrijk, 15e eeuw)[14]
  • Dalmatiek van geschoren rode brokaat (17e eeuw) met geborduurde aurifrisen uit ca 1520
  • Koorkap van witte zijde met goudborduursels met het wapen van deken Petrus van Loon (late 17e eeuw)[15]
  • Antependium van witte zijde met goudborduursels (late 17e eeuw)[16]
  • Hongerdoek (velum quadragesimale) van geborduurde zijde (late 18e eeuw)[17]

Kunstcollectie, boeken, oorkonden, devotionalia[bewerken]

De kunstcollectie van de schatkamer van de Onze-Lieve-Vrouwebasiliek bestaat uit een bescheiden verzameling schilderijen, etsen en gravures en houten beelden. De belangrijkste schilderijen en beelden zijn: een houten paneel met De droom van Jakob (Vlaams, ca. 1500-50), twee 17e-eeuwse doeken toegeschreven aan Erasmus Quellinus II: één met de H. Caecilia en één met de H. Agnes, een portret van een franciscaner monnik (wellicht pater Vink), een 15e-eeuws Mariabeeld met inktkoker en een 17e-eeuws beeld van Catharina van Siena. De collectie in de schatkamer vormt een geheel met de schilderijen en beelden elders in de kerk. De afdeling devotionalia, beheerd door de Stichting "Santjes en Kantjes", is in feite een museum in een museum, met een grote collectie historische devotieprentjes, bedevaartvaantjes, bidprentjes, rozenkransen en rooms kinderspeelgoed.

Zie ook[bewerken]

Externe link[bewerken]