Schemering

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Nuvola single chevron right.svg Voor het gelijknamige hoorspel, zie Schemering (hoorspel).
De schemering bij middernacht in Lapland
Schemering
Schemering

Schemering of deemstering is een toestand waarbij de overgang van licht naar donker plaats vindt. Dit gebeurt zowel bij dageraad (ochtendgloren) als bij zonsondergang (valavond). Tijdens de schemering is de hemel enigszins verlicht, maar bevindt de zon zich onder de horizon.

Er zijn verschillende gradaties van schemering:

  • de burgerlijke schemering als het middelpunt van de zon minder dan 6° onder de horizon staat.
  • de zeevaartkundige/nautische schemering als het middelpunt van de zon 6° tot 12° onder de horizon staat.
  • de astronomische schemering als het middelpunt van de zon 12° tot 18° onder de horizon staat.

Daardoor is op een zeker moment geen verstrooiing van het zonlicht meer te zien. In de zomer staat de zon op breedtes van meer dan ongeveer 48°N 's nachts zo dicht onder de horizon dat de astronomische avondschemering meteen overgaat in de ochtendschemering en het niet echt donker wordt. Dit komt doordat de zon dan minder dan 18° onder horizon staat. Nautische schemeringen brengen vaak in juni en juli lichtende nachtwolken met zich mee.

Duur schemering[bewerken]

De schemering duurt langer op hogere breedtegraden. In zuidelijke landen zoals Spanje of Italië duurt de schemering veel korter dan in noordelijke landen als Nederland of België. Het wordt daarom in zuidelijke landen 's avonds na zonsondergang veel sneller donker. Nog sterker is dit effect aan de evenaar. Dit komt doordat de zon recht onder de horizon verdwijnt. Ver ten noorden of ten zuiden van de evenaar beschrijft de zon een andere baan aan de hemel en gaat deze onder een kleinere hoek t.o.v. de horizon onder, waardoor de schemering langer duurt. Binnen Nederland levert dit al verschillen op; zo duurt de burgerlijke schemering op 20 juni op Rottum het langst en in Maastricht het kortst (resp. 52 en 47 minuten).

Voorbeelden duur burgerlijke schemering op 20 juni:

Reykjavik constant
Oslo 105 min.
Amsterdam 49 min.
Wenen 41 min.
Madrid 33 min.
Miami 26 min.
Jakarta 23 min.

Verlichtingstijden[bewerken]

Met betrekking tot schemering is een aantal tijden gedefinieerd die de grenzen tussen de verschillende soorten schemering aangeven. Dit is bijvoorbeeld van belang in de zeevaart of bij militaire operaties. De afkortingen zijn (in chronologische volgorde):

BNMS: begin nautische morgenschemering
ENMS: einde nautische morgenschemering
BCMS: begin civiele morgenschemering
ECMS: einde civiele morgenschemering

BCAS: begin civiele avondschemering
ECAS: einde civiele avondschemering
BNAS: begin nautische avondschemering
ENAS: einde nautische avondschemering

DNS: duur nautische schemering
DCS: duur civiele schemering

De ENMS en de BCMS duiden uiteraard hetzelfde tijdstip aan, evenals ECAS en BNAS. ECMS is zonsopkomst en BCAS is zonsondergang. Een schema van bovengenoemde afkortingen met de specifieke tijden voor een aantal data heet een verlichtingstabel.

Waarneming[bewerken]

Civiele schemering: Het menselijk oog is in staat zonder inspanning gedrukt schrift te lezen. Doelen kunnen worden waargenomen, richten is mogelijk en er zijn weinig of geen belemmeringen voor militaire operaties.

Nautische schemering: Omtrekken van objecten die boven de horizon uitsteken kunnen worden waargenomen. De horizon is duidelijk zichtbaar. Bewegende voorwerpen kunnen op ca. 300 meter worden waargenomen. Navigatiesterren zijn zichtbaar.

Astronomische schemering: Visuele waarneming is niet mogelijk. Het verschil tussen astronomische schemering en volledige duisternis is slechts aan te geven in de waarnemingsmogelijkheid van bepaalde sterren.

Bewolking[bewerken]

Schemering

Tijdens de schemering in de vroege ochtend bereikt het zonlicht niet direct het aardoppervlak. Het zonlicht reflecteert tegen hoge wolken. Dat zijn meestal de cirrus-groepen (hoge groep), als de zon dichter bij de horizon komt wordt vervolgens de alto-groepen (middengroep) en daarna de stratus-groepen (lage groep).

Als eenmaal de zonnestralen de stratusgroepen beschijnen, komt ook de eerste zonnestraal op de Aarde. Bij de zonsopgang zelf wordt ten laatste de stratus-groep beschenen zoals nimbostratus, stratocumulus. Dat komt doordat deze wolken zich vaak laag boven de grond bevinden.

In tegenstelling tot de situatie bij zonsopgang krijg je bij zonsondergang eerst de stratus-groepen, daarna de alto-groepen en vervolgens de cirrus-groepen, waarna het astronomisch donker is. Tijdens de inzet van de schemering zijn alleen de allerhelderste objecten aan de hemel zichtbaar, zoals de Maan die ook overdag zichtbaar kan zijn, en de Avondster ofwel de planeet Venus.

Bij dichte bewolking kan men niet waarnemen dat het zonlicht tegen bewolking reflecteert, omdat het zonlicht boven het wolkendek reflecteert. We zien bij dichte bewolking wel dat het in de ochtend langzaam lichter wordt en in de avond langzaam weer donkerder.

Helder[bewerken]

Als het schemerig is bij helder weer krijg je vaak eerst een gele gloed, de zon bevindt zich dan net onder de horizon.

Naarmate de zon steeds een grotere hoek maakt, wordt het steeds donkerder. De hemel wordt dan rood tot vermiljoen tot dat de zon steeds een grotere hoek maakt. Daarna is het bij helder weer al snel ook astronomisch donker. Soms zie je onder de horizon een lichtblauwe gloed boven de horizon hangen, dan is er weinig vocht aanwezig. Dit verschijnsel komt alleen bij zeer droog weer voor, zoals in de zomer. Dit treedt vooral op als er veel stof aanwezig is, stof verstrooit het zonlicht beter.

Schemeren[bewerken]

De lange schemering wordt in Nederland vaak gezellig gevonden[bron?]. Mensen steken dan nog geen of zuinig het licht op. Dit wordt schemeren genoemd. Er bestaat zelfs een speciale term voor de lamp die het eerst in de woonkamer wordt ontstoken, dat is de schemerlamp.

Externe links[bewerken]