Schoonoord (plantage)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Schoonoord is een voormalige suikerrietplantage in Suriname. De plantage ligt aan de Hooikreek, grenzend stroomopwaarts aan de suikerplantage Hooiland en stroomafwaarts aan de koffieplantage Nieuw-Roeland. Aan de overzijde van de kreek ligt de plantage Lustrijk.

Familie De Rayneval[bewerken]

De eerste concessie van de plantage Schoonoord werd in 1702 verstrekt. De concessionaris was François Anthoine compte de Rayneval, uit Raineval in Picardië. Hij was in 1685 reeds in Suriname als luitenant aanwezig tijdens de moordaanslag op Van Sommelsdijck. Naast zijn militaire loopbaan heeft François de Rayneval geïnvesteerd in plantages. Naast Schoonoord bezat hij ook Maagdenburg aan de Surinamerivier, evenals de plantages Ponthieu en Picardië. Op de kaart van Lavaux uit 1737 blijkt dat de plantage 1253 akkers is. Als eigenaar worden de erfgenamen van De Rayneval genoemd.

Familie Cellier[bewerken]

Jean David Cellier huwde in 1735 met de dochter van François, Hester Cornelia de Rayneval. Hij liet de koffieplantage Welgelegen, naast Katwijk, aanleggen. Ook de plantage Constantia aan de Matapicakreek werd door hem aangelegd. Van de familienaam Cellier komt de volksnaam Salie. De plantage Schoonoord moet in die tijd een van de mooiste van Suriname zijn geweest, en werd regelmatig bezichtigd door hoge gasten. In 1748 hertrouwde Cellier met Constantia Maria Pichot. Zij is de zuster van Samuel Paulus Pichot, eigenaar van Mon Trésor. Uit dit huwelijk zijn twee kinderen bekend: David Martinus Lodewijk Cellier, en Jean François Cellier.

In 1750 was de plantage 1760 akkers groot. Behalve de suikerrietvelden waren er kostgronden, moestuinen, weidegronden, schapen, geiten, en varkens. Op de plantage woonden en werkten 167 slaven. Jean François Cellier, de zoon van Jean David Cellier, trouwde met Adriana Elisabeth Benelle. Zij kregen één dochter: Anne Constance Cellier. Zij huwde Carrion de Nizas en werd na de dood van haar vader erfgename van diens bezittingen. Er zijn geen aanwijzingen dat zij in Suriname woonde. Haar grote plantages werden beheerd door administrateurs.

Familie Vereul[bewerken]

In 1843 was de suikerplantage 1738 akkers groot met een slavenmacht van 248 mensen. Eigenaar was de familie Vereul, die de plantage vermoedelijk in bezit kreeg door aankoop van de weduwe Nizas. Na de emancipatie in 1863 bezat Nicolette Jeane Vereul 2/3 aandeel. Zij was ook eigenaresse van plantages Vriendsbeleid en Ouderzorg en aandeelhoudster van de plantages Nieuwzorg, alsmede de gronden La Solitude en Oosterhuysen, Meerzorg, Lankmoedigheid, Voorzorg, Beninenburg en Genoodzaakt (alle 168/960 aandeel). In de Surinaamsche Almanak van 1843 wordt zij bovendien als eigenaresse van de plantage Cornelia’s burg genoemd.

In 1873 wordt H. Wright als eigenaar genoemd. Hij bezit ook de plantages Alkmaar in het district Commewijne en de plantage Hazard in het district Nickerie. Daarna werd de familie Samuels eigenaar van de plantage. Deze familie was ook eigenaar van de plantage Boxel. In 1916 vindt een openbare verkoop van de plantage plaats. Hij telt dan 1300 akkers, waarvan 175 akkers beplant met cacao en 10 akkers met Liberia-koffie. In 2000 koopt dhr. Dahoe de plantage van dhr. Van der Schroef. Hij doet echter niets met het bezit en de plantage is nu overgroeid met secundair bos.