Scopa (kaartspel)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Napolitaanse speelkaarten (Carte napoletane)

Scopa is een Italiaans kaartspel, gespeeld met een standaard Italiaans 40-kaarten spel. Over het algemeen wordt het gespeeld met twee spelers of twee teams van twee spelers elk. Het kan echter ook met 3, 4 of 5 individuele spelers worden gespeeld.

De kaarten[bewerken]

Een Italiaans kaartspel bestaat uit 40 kaarten, ingedeeld in 4 "kleuren": munten, kelken (bekers), sabels en knuppels. De waarde van de kaarten lopen op van 1 tot en met zeven, plus drie andere kaarten per kleur: Boer (waarde 8), Ridder (waarde 9) en de Koning (waarde 10). De boer is een staande man, de ridder een ruiter en de koning een gekroonde man.

Het spel[bewerken]

De spelers zitten aan de speeltafel. Als er in teams gespeeld wordt, zitten teamleden tegenover elkaar. Eén speler is de deler.

Beginnende met de speler aan zijn/haar rechterkant van de deler, verder tegen de klok in, deelt drie kaarten aan elke speler, steeds één tegelijk. Tijdens het delen worden er eveneens vier kaarten open op tafel gelegd.

Als drie of vier van de open tafelkaarten koningen zijn, is het delen niet geldig. Er wordt opnieuw geschud en de deler begint opnieuw.

De speler rechts van de deler opent het spel. Deze speler heeft twee opties: Ofwel een kaart op tafel spelen, ofwel een slag maken. Een slag wordt gemaakt door een kaart uit de hand te passen bij een kaart van dezelfde waarde die al op tafel ligt, óf door een kaart uit de hand te passen bij de som van waardes van twee of meerdere kaarten op tafel. In beide gevallen worden zowel de kaart uit de hand van de speler als de bijgepaste kaart(en) verwijderd en gedekt voor de speler op tafel gelegd. Deze kaarten zijn nu uit het spel en blijven dat tot de score wordt opgemaakt aan het eind van de ronde.

Voorbeeld: De speler heeft op zijn/haar hand: de 2 van munten, de 5 van zwaarden, en de 7 knuppels. Op tafel liggen de 1 van munten, de 5 van kelken en de 6 van zwaarden. De spelers mogelijkheden zijn: Hij/zij:

  • Speelt de 2 van munten op tafel. Die wordt open neergelegd bij de andere open kaarten.
  • Maakt een slag door de 5 van zwaarden te passen bij de 5 van Kelken, en legt beide kaarten gedekt voor hem/haar op tafel.
  • Maakt een slag door bij de 6 van Zwaarden en de 1 van Munten, uit de hand de 7 van Kelken te passen, en legt de drie kaarten gedekt voor zich op tafel.

Nota bene: Het is niet toegestaan een kaart te spelen (open op tafel leggen) waarmee een slag gemaakt kan worden. Als, bijvoorbeeld, een 2 en 4 op tafel liggen, en de speler heeft een 6 op de hand, dan moet die speler ofwel daarmee de slag maken, ofwel een andere kaart uit de hand spelen.

Mocht het mogelijk zijn om een kaart bij te passen bij ofwel één kaart, ofwel meerdere kaarten, dan is de speler verplicht de slag te maken op de ene kaart. Voorbeeld: Als er op tafel een 1, 3, 4 en een 8 (boer) liggen en de speler heeft een boer op de hand, dan mag hij/zij de boer niet bijpassen bij de 1,3 en 4, ook al zijn die samen 8 punten waard. Wel mag hij/zij de boer bij de boer passen.

Als alle spelers hun drie handkaarten hebben gespeeld, deelt de deler weer drie kaarten per speler, weer beginnend bij de speler rechts van de deler. Die speler begint wederom. Er worden geen extra kaarten op tafel gedeeld. Dit gaat zo door tot er geen kaarten meer in het spel zitten.

Nadat de deler de laatste kaart uit de laatste hand van de ronde heeft gespeeld, krijgt die speler die als laatste een slag maakte de overblijvende openliggende kaarten toebedeeld.

Na de laatst gespeelde kaart worden de punten geteld (zie onder). Als geen van de spelers of team het spel nu gewonnen heeft, wordt diegene deler die in de vorige ronde rechts van de deler zat. De nieuwe deler schudt en deelt opnieuw. De nieuwe ronde werkt als boven beschreven.

De puntentelling[bewerken]

De punten worden geteld na elke ronde (als alle kaarten uit het spel zijn gespeeld). Als er in teams wordt gespeeld, leggen de teamleden al hun gewonnen kaarten bij elkaar voor er wordt geteld.

Basispuntentelling[bewerken]

Eén punt wordt gegeven aan elke speler of team die/dat:

  • De meeste kaarten heeft weten te bemachtigen
  • De meeste kaarten van Munten in bezit heeft
  • De "sette bello" ("mooie zeven") heeft: De 7 van Munten
  • De hoogste "Primiera" bezit (soms foutief "de meeste zevens" genoemd) - Zie onder.

Als beide teams of spelers evenveel kaarten hebben, hetzelfde aantal Munten, of dezelfde prime-waarde, worden die resultaten niet beloond met punten.

Primiera[bewerken]

De "primiera" voor elk team wordt bepaald door de "beste" kaarten van het team in elk van de vier kleuren te nemen, en de waardes van die vier kaarten op te tellen. Om de "primiera" te berekenen is de volgende waardetabel van toepassing:

  • Zeven = 21 punten
  • Zes = 18 punten
  • Eén = 16 punten
  • Vijf = 15 punten
  • Vier = 14 punten
  • Drie = 13 punten
  • Twee = 12 punten
  • Koning, Ridder, en boer = 10 punten elk

Als één team bijvoorbeeld de 7 Munten, 7 Kelken, de 6 Knuppels en de 1 Zwaarden heeft, dan is de primiera van dat team: 21+21+18+16 = 76.

NB: De volgorde van de "beste" kaarten om de "primiera" te bepalen is dus niet hetzelfde als de waarde van de kaarten in het spel!


Het mag duidelijk zijn dat de zeven van Munten de waardevolste kaart uit het spel is, aangezien het bijdraagt aan 3 van de vier te behalen punten.


Scopa[bewerken]

Aanvullend op de vier standaardpunten, kunnen de teams of spelers punten krijgen voor elke "scopa" die ze trokken tijdens het spel. Een scopa wordt gegeven wanneer een team of speler alle kaarten van tafel weet te spelen. Bijvoorbeeld: Als op tafel alleen een 2 en een 4 liggen, en een team of speler speelt een 6, dan wordt een scopa toebedeeld. (de 2 en de 4 worden met de 6 samen uit het spel op de stapel van betreffende speler gelegd) Volgens de traditie wordt één van de kaarten uit deze slag open op de stapel gewonnen kaarten gelegd, om bij de puntentelling de scopa te herinneren. De tafel leegspelen met het laatste spel van de laatste hand van de ronde telt niet als een scopa.

Einde van het spel[bewerken]

Het spel wordt gespeeld tot één team of speler ten minste 11 punten heeft en een groter totaal aantal punten dan welke andere speler of team.

Alleen aan het eind van een ronde worden er punten berekend, dus niet tijdens een ronde, ook niet de scopa-punten. Als de score tijdens het spel 10 tegen 9 is, en het bovenliggende team behaalt de 7 Munten of een scopa, kan dat team nog geen winst claimen. Het is nog steeds mogelijk dat het andere team een gelijk aantal punten, of zelfs meer weet te behalen, wanneer de uiteindelijke puntentelling plaatsvindt.