Simon Johnson
| Simon Johnson | ||
|---|---|---|
Johnson in 2024 | ||
| Persoonlijke gegevens | ||
| Titelatuur/graad | Doctor of Philosophy | |
| Geboortedatum | 16 januari 1963 | |
| Geboorteplaats | Sheffield, Verenigd Koninkrijk | |
| Nationaliteit | Brits, Amerikaans | |
| Beroep | econoom, academisch docent | |
| Academische achtergrond | ||
| Alma mater | Universiteit van Oxford, Massachusetts Institute of Technology, Universiteit van Manchester | |
| Promotor(s) | Rudi Dornbusch | |
| Wetenschappelijk werk | ||
| Vakgebied(en) | Economie | |
| Prijzen en erkenningen | Nobelprijs voor Economie (2024) | |
Simon H. Johnson (Sheffield, 16 januari 1963)[1] is een Brits-Amerikaans econoom die sinds 2004 werkzaam is als de Ronald A. Kurtz Professor of Entrepreneurship aan de MIT Sloan School of Management.[2][3] Hij diende ook als senior fellow bij het Peterson Institute for International Economics van 2008 tot 2019.[2][4] Voordat hij naar MIT verhuisde, gaf hij van 1991 tot 1997 les aan de Fuqua School of Business van Duke University.[2][5][6] Van maart 2007 tot het einde van augustus 2008 diende hij als hoofdeconoom van het Internationaal Monetair Fonds.[7]
In 2024 werden Johnson, Daron Acemoğlu en James Robinson onderscheiden met de Nobelprijs voor Economie voor hun vergelijkende studies naar welvaart tussen naties.[8]
Opleiding
[bewerken | brontekst bewerken]Geboren in 1963 in Sheffield, werd Johnson particulier onderwezen aan de Abbotsholme School in Rocester en ging daarna Filosofie, Politiek en Economie (PPE) studeren aan de Universiteit van Oxford, waar hij een undergraduate student was aan het Corpus Christi College, Oxford en afstudeerde in 1984.[2][9][10] Daarna behaalde hij een MA in economie (met onderscheiding) aan de Universiteit van Manchester in 1986.[2][11] Hij vervolgde zijn promotieonderzoek aan het Massachusetts Institute of Technology, waar hij werd begeleid door Rudiger Dornbusch en in 1989 een PhD in de economie ontving met een proefschrift getiteld Inflation, intermediation, and economic activity.[12]
Carrière en onderzoek
[bewerken | brontekst bewerken]Van 1989 tot 1991 was Johnson een junior scholar aan de Harvard-universiteit, waar hij lid was van de Harvard Academy for International and Area Studies en een fellow van het Russian Research Center.[2] Van 1991 tot 1997 doceerde hij aan de Fuqua School of Business van Duke University, waar hij assistent-professor was tot 1995 en associate professor tot 1997; hij leidde daar ook het Center for Manager Development in Sint-Petersburg, Rusland, van 1993 tot 1995.[2] Hij trad in 1997 toe tot de faculteit van MIT en kreeg in 2002 een vaste aanstelling (tenure).[2] Bij MIT is hij een research affiliate bij Blueprint Labs, geeft hij mede leiding aan MIT's Shaping the Future of Work Initiative en staat hij aan het hoofd van de Global Economics and Management Group.[2]
Johnson is sinds 2004 research associate bij het National Bureau of Economic Research (NBER) en is verbonden aan BREAD.[2] Hij is een fellow van het CEPR en zit sinds 2021 in de raad van bestuur van Fannie Mae.[2] Hij was mede-oprichter van de Systemic Risk Council van het CFA Institute en is sinds 2010 een maandelijkse columnist bij Project Syndicate.[2] In november 2020 werd Johnson benoemd tot vrijwillig lid van het Agency Review Team van de presidentiële transitie van Joe Biden om de transitie-inspanningen met betrekking tot het Amerikaanse Ministerie van Financiën en de Federal Reserve te ondersteunen.[13]
Affiliaties
[bewerken | brontekst bewerken]Johnson is lid van de International Advisory Council van het Center for Social and Economic Research (CASE). Hij is ook lid van het Panel of Economic Advisers van het Congressional Budget Office.[7] Van 2006 tot 2007 was hij een visiting fellow bij het Peterson Institute for International Economics, waar hij van 2008 tot 2019 senior fellow was.[2][7] Hij zit in de redactieraad van vier academische economische tijdschriften.[7] Hij draagt sinds 2007 bij aan Project Syndicate.
Onderzoek
[bewerken | brontekst bewerken]Johnson is de auteur van papers zoals Learning from Ricardo and Thompson: Machinery and Labor in the Early Industrial Revolution, and in the Age of AI en A Theory of Price Caps on Non-Renewable Resources.[14] Hij schreef in 2010 het boek 13 Bankers: The Wall Street Takeover and the Next Financial Meltdown ISBN 978-0307379054, samen met James Kwak, met wie hij ook de economieblog The Baseline Scenario mede heeft opgericht en waar hij regelmatig aan bijdraagt.[15] Hij is ook de auteur van White House Burning: Our National Debt and Why It Matters to You (2013); Jump-Starting America: How Breakthrough Science Can Revive Economic Growth and the American Dream (2019), met Jonathan Gruber; en Power and Progress: Our Thousand-Year Struggle Over Technology and Prosperity (2023), met Daron Acemoğlu.
Power and Progress
[bewerken | brontekst bewerken]Power and Progress is een boek (gepubliceerd in 2023) over de historische ontwikkeling van technologie en de sociale en politieke gevolgen van technologie.[16] Het boek behandelt drie vragen: over de relatie tussen nieuwe machines en productietechnieken en lonen, over de manier waarop technologie kan worden ingezet voor publieke goederen, en over de reden voor het enthousiasme rond kunstmatige intelligentie (AI).
Power and Progress betoogt dat technologieën niet automatisch publieke goederen opleveren, aangezien de voordelen ervan naar een kleine elite gaan. Het biedt een nogal kritische kijk op kunstmatige intelligentie en benadrukt de grotendeels negatieve impact ervan op banen, lonen en op de democratie.
Acemoğlu en Johnson bieden ook een visie op hoe nieuwe technologieën kunnen worden ingezet voor het maatschappelijk belang. Ze zien de Progressive Era als een model. En ze bespreken een lijst van beleidsvoorstellen voor de heroriëntatie van technologie, waaronder marktstimulansen, het opbreken van big tech, belastinghervorming, investeren in werknemers, privacybescherming en data-eigendom, en een belasting op digitale reclame.[17]
Prijs
[bewerken | brontekst bewerken]Johnson ontving in 2025 een Great Immigrant Award van de Carnegie Corporation of New York.[18]
Externe links
[bewerken | brontekst bewerken]- Faculteitsprofiel bij MIT
- Simon Johnsons economieblog "Baseline Scenario"
- Column-archief bij Project Syndicate
Dit artikel of een eerdere versie ervan is een (gedeeltelijke) vertaling van het artikel Simon Johnson (economist) op de Engelstalige Wikipedia, dat onder de licentie Creative Commons Naamsvermelding/Gelijk delen valt. Zie de bewerkingsgeschiedenis aldaar.
- ↑ U.S. Public Records Index Vol 1 (Provo, UT: Ancestry.com Operations, Inc.), 2010.
- 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 Simon Johnson Biography. MIT Sloan.
- ↑ Simon Johnson On Bank Bailout Plan. NPR.org.
- ↑ Simon Johnson. PIIE (2 maart 2016).
- ↑ LA Times, 29 november 1991, "Muscovites: Want Shares In Boeing For 44 ½?"
- ↑ Simon Johnson CV (14 oktober 2024).
- 1 2 3 4 Simon Johnson's biography at MIT.
- ↑ The Sveriges Riksbank Prize in Economic Sciences in Memory of Alfred Nobel 2024. NobelPrize.org. Geraadpleegd op 14 oktober 2024.
- ↑ The Sveriges Riksbank Prize in Economic Sciences in Memory of Alfred Nobel 2024. NobelPrize.org. Geraadpleegd op 17 oktober 2024.
- ↑ PPE Alumnus, Simon Johnson, Awarded 2024 Nobel Prize in Economics. DPIR (16 oktober 2024).
- ↑ Simon Johnson – Biographical Information. IMF. Geraadpleegd op 8 maart 2024.
- ↑ Johnson, Simon (1989). Inflation, intermediation and economic activity (Ph.D. thesis). Massachusetts Institute of Technology. OCLC 21966942.
- ↑ Agency Review Teams. President-Elect Joe Biden. Geraadpleegd op 10 november 2020.
- ↑ Simon Johnson. NBER. Geraadpleegd op 20 november 2024.
- ↑ About (25 september 2008).
- ↑ Daron Acemoglu and Simon Johnson, Power and Progress: Our Thousand-Year Struggle Over Technology and Prosperity. New York: PublicAffairs, 2023.
- ↑ Daron Acemoglu and Simon Johnson, Power and Progress: Our Thousand-Year Struggle Over Technology and Prosperity. New York: PublicAffairs, 2023, Ch. 11.
- ↑ "Carnegie honors 20 'Great Immigrants,' including composer Tania León, for 20th anniversary", AP News, 26 juni 2025. Geraadpleegd op 16 september 2025.