Sociaal-Flamingantische Landdag

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

De Sociaal-Flamingantische Landdag (SFL) is een linkse, republikeinse, radicaal Vlaams-nationalistische strijdvereniging die in 2004 is ontstaan uit onvrede met de verrechtsing van de Vlaamse Beweging.[1]

Zij verwerpen het gematigde nationalisme van de centrumpartijen als bourgeois-rechts en de radicale van het Vlaams Belang als extreemrechts. Zij vinden dat de eersten niet genoeg aanspreken, wat zich uit in een verwaterende IJzerbedevaart, en de tweede met de migrantenproblematiek de Vlaamse beweging verziekt.

In diverse manifesten omschrijft de Sociaal-Flamingantische Landdag zichzelf als een tegenbeweging die, steeds vanuit een antikapitalistisch perspectief, streeft naar een onafhankelijk, volkssoeverein Vlaanderen. De SFL wil daarom niet enkel een ontmoetingsplaats of forum zijn waar links-progressieve flaminganten met elkaar verbroederen en debatteren maar wil tevens een echt democratisch, ecologisch, cultureel en sociaal-economisch verantwoord alternatief aanbieden voor het naar eigen zeggen door de eigen Vlaamse overheidsinstellingen gevoerde beleid van "ontmanteling". Tegelijk wil de organisatie solidair zijn met andere linkse, volksnationalistische bewegingen in Europa zoals de Basken, Schotten en Catalanen.

De Sociaal-Flamingantische Landdag organiseert jaarlijks een Trefdag of weekend met lezingen en debatten met gastsprekers uit de brede Vlaamse Beweging. Gastsprekers of sympathisanten die regelmatig actief aan de Trefdagen deelnemen zijn onder meer Nelly Maes (als voorzitter van het Vlaams Vredesinstituut), filosoof Ludo Abicht, politoloog Edi Clijsters (kernlid Gravensteengroep en redacteur bij Doorbraak), historicus Frans-Jos Verdoodt (Ijzerbedevaartcomité) en Johan Velghe, voorzitter van het Priester Daensfonds.[2]

In 2007 pleitte Bernard Daelemans, mede-oprichter van de SFL en thans ondervoorzitter van de Vlaamse Volksbeweging, voor het in ere herstellen van de sociaal-economische banden tussen Vlaanderen en Brussel, ongeacht de taalverschillen. Volgens de SFL kunnen de problemen van het Brussel Gewest (werkloosheid, toenemende kloof arm-rijk, niet-naleving van de taalwetgeving) enkel worden opgelost indien Brussel onlosmakelijk deel uitmaakt van een onafhankelijk Vlaanderen. Met deze visie knoopt de SFL aan bij de oude, traditionele Vlaams-nationale strijdpunten zoals die in de jaren '60 werden verwoord door onder meer Lode Craeybeckx ("Vlaanderen laat Brussel niet los") en Antoon Roosens. Deze boodschap oogstte heel wat bijval bij de aanwezige linkse intellectuelen zoals journalist Willy Courteaux, Ludo Abicht en politiek redacteur Jef Turf.[3]

Naar aanleiding van de Vlaamse feestdag ontving huidig SFL-voorzitter Miel Dullaert in 2009 de Leeuwenpenning van de Wase afdeling van het Davidsfonds. Dullaert werd gelauwerd voor zijn links-flamingantisch engagement bij onder meer de Gravensteengroep, Meervoud en de Vlaams-Socialistische Beweging.[4]

Op de Sociaal-Flamingantische Trefdag van 2016 hekelde SFL onder meer de verengelsing van het onderwijs, de verspreiding van de tussentaal of verkavelingsvlaams in de media en de globalisering ("denationalisering") van de economie in Vlaanderen. Gastspreker Peter Debrabandere van het Algemeen-Nederlands Verbond pleitte daarom voor de herwaardering van het standaardnederlands en meer Groot-Nederlandse integratie.[5]

Externe link[bewerken | brontekst bewerken]