Sociaal-conservatisme

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Sociaal-conservatisme is een politieke stroming waarin nationale solidariteit centraal staat, een stroming van mensen die eeuwenoude sociale en culturele normen kunnen waarderen omdat deze de toets der tijd hebben doorstaan. Hierin wijken sociaal-conservatieven dus enigszins af van progressieven, vanwege een behouden kijk op pogingen tot sociaal constructivisme. Hiertoe behoren ook sommige morele kwesties waarover zij dan ook vaak anders denken dan constructivistische progressieven.[1] Verder zijn sommigen aanhangers van ideeënpolitiek en zien zij maatschappelijke betrokkenheid van kiezers en volksvertegenwoordigers als een van de belangrijkste uitgangspunten van de democratische politiek. Sociaal-conservatisme gaat uit van verandering van binnenuit en onderop in plaats van top-down. Ze hechten een groot belang aan het familieleven en geloven in het behoud van de natiestaat als primaire bestuursvorm voor het oplossen van maatschappelijke vraagstukken en zijn realistisch in hun benadering van globale vraagstukken, zoals terrorisme.[2] Door hun visie op de natiestaat staan sociaal-conservatieven voor nationale solidariteit in tegenstelling tot internationale solidariteit. Een voorbeeld van iemand die kan worden gezien als sociaal-conservatief is oud PvdA-Tweede Kamerlid Jacques Monasch. Qua politieke partij komt in Nederland het CDA het dichtst in de buurt bij deze stroming.