Soldatenlied

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Jump to search

Een soldatenlied is een lied dat door militairen gezongen wordt. Er zijn twee genres in te onderscheiden: het van boven opgelegde lied, dat men onder het marcheren pleegt te zingen, en het lied dat de soldaten onder elkaar voor de lol zingen.

Het eerste soort lied is gewoonlijk strijdlustig en vaderlandslievend. Zulke liederen hebben een belangrijke functie voor het moreel van de soldaten: het kan bijvoorbeeld de angst verdrijven. De SS bijvoorbeeld excelleerde in dit soort liederen.

Het soldatenlied dat voor de lol geschreven wordt kenmerkt zich dikwijls door een grote dubbelzinnigheid en een sterk seksuele lading, wat uiteraard zijn oorsprong vindt in het feit dat een leger voornamelijk, voorheen zelfs uitsluitend, uit mannen bestaat. Een veelgehoord Nederlands voorbeeld is Daar hoog in de bergen, waarin allerlei mensen voorkomen die de meest vreemde bezigheden hebben:

Daar hoog in de bergen daar woont Sinterklaas
en die veegt zijn reet af met Zwitserse kaas.
En twee huizen verder daar woont tante Sjaan,
die vult daar haar tieten met waspoeder aan.
En drie huizen verder daar woont een Chinees,
en die maakt daar kapotjes van rendierenpees.
En bij de kerk in het dal heb je ook een pastoor
en die pakt voor een kwartje een heel nonnenkoor.
etc.

Ook Het hondje van de slager schijnt zo ontstaan te zijn.

Een ander bekend voorbeeld komt uit Frankrijk: La cantinière. De knappe kantinejuffrouw van een bepaald regiment valt in de smaak bij soldaten, onderofficiers, officiers en zelfs bij de generaals: zij zijn allemaal in het leger pour embrasser la cantinière, en de kantinejuffrouw se laisse baiser. Dit lied heeft een weinig subtiele vorm van dubbelzinnigheid: men leert op school dat embrasser "omhelzen" betekent en baiser "kussen", maar in het dagelijkse spraakgebruik verstaat men hier al sinds jaar en dag "zoenen" resp. "neuken" onder. Niettemin vindt men het lied hier en daar in "fatsoenlijke" zangbundels terug.