SCSI: verschil tussen versies

Naar navigatie springen Naar zoeken springen
6 bytes toegevoegd ,  12 jaar geleden
geen bewerkingssamenvatting
HALLO '''SCSI''' betekent Small [[Computer]] System [[Interface]] en wordt uitgesproken als [''skoezie'']. Dit is een controller-technologie die vooral gebruikt wordt om [[harde schijf|harde schijven]] en randapparaten zoals cd-rom-spelers en [[Tape drive (computer)|tapestreamers]] te koppelen op servers. Ook werd SCSI vóór de komst van [[Universal Serial Bus|USB]] en [[Firewire]] gebruikt om [[scanner (grafisch)|scanners]] aan te sluiten. De SCSI-bus en SCSI-schijven liggen aan de bovenkant van de markt en worden vooral gebruikt op de wat zwaardere computers, zoals werkstations, servers en [[minicomputer]]s. SCSI-schijven hebben tegenwoordig toerentallen tot 15000 rotaties per minuut(rpm). Omdat de SCSI-bus niet bezet blijft terwijl een schijf bezig is met een zoekactie (in tegenstelling tot [[IDE]]) kan een systeem met meerdere SCSI-aansluitingen zeer hoge doorvoersnelheden halen.
 
De interface bevat een parallele [[Databus (elektronica)|databus]] die 8 of in latere uitvoeringen 16 bits breed is. De 8-bitsuitvoeringen gebruiken 50-aderige kabels, voor 16 bits zijn dit 68 aders. Er zijn 3 respectievelijk 4 adreslijnen zodat 8 of 16 adressen voor de nummering van de aangesloten apparaten gebruikt kunnen worden. Eén adres is echter altijd in gebruik door de controller. De databus moet aan beide uiteinden afgesloten worden met een set afsluitweerstanden (terminator). Voor de "[[Differentieel (elektronica)|LVD]]" (Low Voltage Differential) uitvoeringen is deze afsluiting actief uitgevoerd, hiermee kan de bruikbare buslengte aanmerkelijk vergroot worden.
Anonieme gebruiker

Navigatiemenu