Afkondiging van de wet: verschil tussen versies

Naar navigatie springen Naar zoeken springen
823 bytes toegevoegd ,  12 jaar geleden
geen bewerkingssamenvatting
kGeen bewerkingssamenvatting
Geen bewerkingssamenvatting
 
Uit artikel 109 van de Grondwet leidt men af dat alleen de Koning de wetten kan afkondigen. Hieruit volgt dat een 'wet' (in een aangelegenheid als bedoeld in artikel 77 van de Grondwet) die alleen maar door de Kamer van volksvertegenwoordigers zou zijn aangenomen, maar die (per vergissing) door de Koning zou zijn afgekondigd, toch door de hoven en rechtbanken zou moeten toegepast worden. De hoven en de rechtbanken kunnen niet in de plaats van de Koning onderzoeken of een wet van het parlement op regelmatige wijze is tot stand gekomen.
 
De wetten worden in het Nederlands en in het Frans gestemd, bekrachtigd, '''afgekondigd''' en bekendgemaakt (artikel 1, al. 1, van de wet van [[31]] [[mei]] [[1961]] betreffende het gebruik der talen in wetgevingszaken, het opmaken, bekendmaken en inwerkingtreden van wetten en verordeningen.
 
De afkondigingsformule is voor de wetten in de formele zin bij wet vastgesteld: 'Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed en door het [[Belgisch Staatsblad]] zal worden bekendgemaakt (artikel 3, van de wet van [[31]] [[mei]] [[1961]]).
 
Hetgeen gezegd werd over de draagwijdte en de betekenis van de afkondiging van een wet (dat niemand in de plaats van de Koning mag onderzoeken of een wet regelmatig is tot stand gekomen) geldt mutatis mutandis ook voor de afkondiging van een [[decreet]].
 
 
789

bewerkingen

Navigatiemenu