Spoorverdubbeling

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Spoorverdubbeling is het vergroten van de capaciteit van een spoorlijn door een verdubbeling van het aantal sporen.

Van enkelspoor naar dubbelspoor[bewerken]

Door een uitbreiding van één naar twee sporen worden de heen- en terugrichting van elkaar gescheiden, en wordt het, doordat er niet meer gewacht hoeft te worden op tegenliggers, eenvoudiger om meerdere treinsoorten (bijvoorbeeld stop- en sneltreinen) te laten rijden in halfuurs- of kwartierdienst. Bij een enkelsporig baanvak is dit vaak zeer moeilijk in te passen, door de beperkte kruisingsmogelijkheden.

Van dubbelspoor naar viersporigheid[bewerken]

Een uitbreiding van twee naar vier sporen maakt het mogelijk langzame en snelle treinsoorten van elkaar te scheiden. Hierdoor wordt het mogelijk stoptreinen in 'metro-achtige' frequenties te laten rijden, zonder dat dit hinder voor of door sneltreinen en Intercity's oplevert. Soms wordt een uitbreiding naar vier sporen ook aangelegd om treinendiensten in verschillende richtingen van elkaar te scheiden.

1rightarrow blue.svg Zie ook: Meersporigheid

Recente spoorverdubbelingen in België[bewerken]

Dit overzicht is mogelijk incompleet; u kunt helpen door het uit te breiden.

Recente spoorverdubbelingen in Nederland[bewerken]

Vanaf 1974 tot heden. Het vermelde jaartal is het jaar van oplevering; projecten zijn altijd eerder gestart dan het aangegeven jaar. Vanaf 1988 zijn veel projecten afkomstig uit het Rail21-plan van de NS.

In aanleg[bewerken]

In planning[bewerken]