Hoofdwerkplaats Tilburg

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Spoorwegwerkplaats)
Ga naar: navigatie, zoeken
Een van de gebouwen aan de Spoorzone/Burgemeester Brokxlaan.

De Werkplaatsen van de Maatschappij tot Exploitatie van Staatsspoorwegen, ook wel De Ateliers (in volkstaal: D’n Atteljee) genaamd, was een groot complex van spoorwegwerkplaatsen in Tilburg. Het werd opgericht in 1868 en was gevestigd op een terrein ten noorden van het Station Tilburg.

Geschiedenis[bewerken]

In 1863 kwam de spoorlijn Breda-Tilburg tot stand, waardoor Tilburg veel betere vervoersmogelijkheden kreeg dan voordien. Deze zou weldra worden doorgetrokken tot Eindhoven en Venlo. In 1867 werd bovendien de spoorverbinding met Turnhout tot stand gebracht. Reeds in 1866 werd bekend dat de hoofdwerkplaatsen van de Staatsspoorwegen te Zwolle en Tilburg gevestigd zouden worden. Reden was onder meer de aanwezigheid van een groot open terrein ten noorden van het station.

In 1868 kwamen de eerste gebouwen in bedrijf en begon men met het herstel van het spoorwegmaterieel. In 1870 vond de officiële opening plaats. In 1871 werkten er reeds 291 mensen en werden er reeds 31 locomotieven, 118 rijtuigen en 1479 wagons hersteld. De eerste stoommachine die in bedrijf werd gesteld was een locomotief. Veel vaklieden kwamen niet uit Tilburg, maar uit noord-Nederland, met name uit Utrecht. Door dit alles nam het aandeel van protestanten in de Tilburgse bevolking sterk toe.

De aard van de werkzaamheden vereiste een aantal nevenbedrijven zoals een ijzergieterij, houtbewerking, een draaierij en dergelijke. Aangezien de omvang van de spoorwegen sterk toenam, groeide ook de herstelwerkplaats voortdurend. Omstreeks het jaar 1900 werkten er reeds 1000 mensen, terwijl er nu ook complete locomotieven vervaardigd werden. In het begin van de 20e eeuw werden de stoommachines door elektromotoren vervangen.

In het begin van de jaren 20 van de 20e eeuw werkten er 1400 mensen bij de Werkplaatsen. Hierna loopt de bedrijvigheid enigszins terug door een taakherverdeling. In 1925 verdwijnen de herstelwerkzaamheden voor de wagons en in 1932 die voor de rijtuigen. Herstel en onderhoud van de locomotieven blijft als taak bestaan en de Tilburgse werkplaats krijgt ook de taken op dit gebied vanuit andere delen van het land toebedeeld. Aangezien de locomotieven zwaarder werden moest er ook een nieuwe draaischijf komen (1929) en, in 1933, een 125-tonskraan die een complete locomotief kon optakelen. In 1938 werd de polygonale loods gebouwd. In 1937 kwam overigens de Nederlandse Spoorwegen tot stand.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd de werkplaats van belang voor de bezetter, maar de Spoorwegstaking van 1944 deed de werkzaamheden verlammen. Toen de bevrijders naderden, vanaf 22 september 1944, begonnen de nazi's de werkplaats systematisch te verwoesten, maar na de bevrijding op 27 oktober 1944 begon het herstel.

Aangezien men na de bevrijding geleidelijk op diesel en elektrische tractie overstapte verdwenen de werkzaamheden aan stoomlocomotieven. Op 7 juni 1955 verliet de laatste stoomlocomotief het terrein. De naam veranderde in Hoofdwerkplaats Tilburg. Dit alles leidde tot een verandering en inkrimping van de taken. Allerlei werkplaatsen werden overbodig en het terrein kon met 20% worden ingekrompen. Na 1980 kwam er ook meer elektronica in de locomotieven.

Ondergang[bewerken]

De invoering van de neoliberale, marktgerichte aanpak betekende dat men moest concurreren en bovendien ook locomotieven van andere maatschappijen in revisie kon nemen. Als zodanig veranderde de naam in: Revisiebedrijf NedTrain, maar werd revisie van locomotieven ook in andere werkplaatsen dan de Tilburgse uitgevoerd. Het aantal werknemers was gekrompen tot ongeveer 300.

In 2009 werkten er nog 66 mensen en op 17 december van dat jaar werd door Nedtrain officieel het voornemen tot definitieve sluiting van de revisiewerkplaats bekendgemaakt. Als reden voor dit al langer vermoede besluit werd de sterke teruggang van het goederenvervoer per spoor opgegeven.

Heden[bewerken]

De sluiting zou gefaseerd plaatsvinden en zou midden 2011 afgerond zijn. Een deel van de activiteiten zou worden verplaatst naar het Tilburgse bedrijventerrein Loven en een deel naar Rotterdam. De grond werd in 2009 door de gemeente aangekocht en hier zullen 360 woningen, kantoren en andere voorzieningen worden gerealiseerd en een deel van het aanwezige erfgoed zal worden behouden. Deze plannen maken onderdeel uit van het plan Spoorzone, dat een gebied van 75 ha omvat, waaronder ook een rangeerterrein.

Kenmerkende gebouwen op het complex zijn : Het koepelgebouw uit 1902, de locstelplaats uit 1930-1931, de polygonale loods uit 1937 met een draaischijf uit 1925.

Bronnen[bewerken]