Sorus (varens)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Sporenhoopje)
Ga naar: navigatie, zoeken
Tongvaren (Asplenium scolopendrium) met langwerpige sori. Elk bolletje is een sporendoosje
Naaldvaren (Polystichum sp.) met ronde sori met dekvlies

De sorus (de term wordt meestal in het meervoud gebruikt: sori) is een afgebakend cluster van sporangia op de onderzijde (abaxiale zijde) of de rand van het blad van een varen. Ze worden gevonden bij varens behorend tot de Polypodiopsida, echter niet bij alle leden van die groep. Ook bij Cycas staan de mannelijke sporangia, zij het soms moeilijk herkenbaar, in groepjes.

De naam sorus is de Latijnse vorm van het Griekse σωρός (sooros: hoop) is een voortplantingsstructuur bij varens. De sorus wordt ook wel sporangiënhoopje genoemd. De misleidende en wat verouderde term sporenhoopje (immers de sporen zitten opgesloten binnen de sporangia en liggen niet in een hoopje) wordt nog vaak gebruikt.

Bij veel soorten worden de groepjes sporangiën in de sorus afgedekt door een indusium dat bij de Nederlandse soorten de vorm van een dekvliesje heeft. Dat beschermt de sporendoosjes tot ze rijp zijn en valt daarna af, scheurt in of verschrompelt.

Wanneer niet alle bladen van een varen sori hebben spreken we van vruchtbare of fertiele sporofyllen en onvruchtbare of steriele bladeren of macrofyllen. Bij sommige soorten zoals dubbelloof en de struisvaren zijn deze bladen uiterlijk heel verschillend. De Nederlandse naam geeft dat dan ook aan.

De sori kunnen zeer verschillend van vorm zijn, van uiterst langwerpig tot rond. Ook de plaats op het blad is gevarieerd: langs de nerf, tegen de bladrand of midden op de bladschijf. Soms vloeien ze samen of bedekken ze de volledige oppervlakte van het blad. In dat laatste geval kun je niet meer van sori spreken.

De vorm en plaats van de sori op het blad en de aanwezigheid en vorm van het dekvliesje zijn belangrijke determinatiekenmerken bij varens. Zo hebben de varens van het geslacht Asplenium, ook wel streepvarens genoemd, typische langgerekte, streepvormige sori, terwijl de niervarens en de naaldvarens ronde sori met niervormige resp. ronde dekvliesjes hebben.

In de negentiende eeuw was de indeling van de varens in families vrijwel geheel gebaseerd op de vorm en de plaatsing van de sori. Dit was in navolging van de zaadplanten, waar immers ook de voortplantingsorganen (de bloemen) de basis voor de indeling vormen. Deze rigide indeling op grond van slechts één kenmerk leidde echter tot het ongewenst samenvoegen of scheiden van varensoorten die in alle overige kenmerken geheel niet dan wel zeer sterk op elkaar geleken. Latere indelingen baseren zich dan ook op een veelheid aan kenmerken, waarvan de vorm en plaatsing van de sorus er slechts één is.