Stadhuisbrug

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Stadhuisbrug
Oudegracht met de Stadhuisbrug gezien vanaf de Domtoren. Rechts van de brug het stadhuis.
Oudegracht met de Stadhuisbrug gezien vanaf de Domtoren. Rechts van de brug het stadhuis.
Algemene gegevens
Locatie Utrecht
Overspant Oudegracht
Monumentale status rijksmonument
Monumentnummer 41098
Bouw
Bouwperiode 1547 ontstaan
Architectuur
Type boogbrug
Materiaal steen
Portaal  Portaalicoon   Verkeer & Vervoer
Stad Utrecht

De Stadhuisbrug is een brug over de Oudegracht in de binnenstad van Utrecht. Aan de Stadhuisbrug zijn naast het stadhuis en de hoofdvestiging van de gemeentebibliotheek ook diverse winkels gelegen. In de bestrating van de brug is een windroos te zien.

De Stadhuisbrug is in 1547 ontstaan door de verbinding van twee oudere bruggen, de Huidenbrug en de Broodbrug[1], die tezamen een overkluizing vormen. Het was vroeger bekend onder de naam De Plaats. Op deze plek vonden vroeger de afkondigingen plaats [2].

Het behoort tot de bekendste pleinen van de stad Utrecht, en wordt onder meer gebruikt voor promotiekraampjes van politieke partijen en straatoptredens. Ook is de elftalfoto van voetbalclub FC Utrecht voor het seizoen 2001-2002 er geschoten. Het plein is tevens een kruispunt van - ruim genomen - vijf straten: de Oudegracht en de Ganzenmarkt aan de noordzijde, het Oudkerkhof, de Vismarkt en de Choorstraat aan de zuidzijde.

Trivia[bewerken]

  • In de tijd van de heksenvervolgingen moesten mensen die beschuldigd werden van hekserij, soms naast de martelingen ook de waterproef ondergaan om ze te laten bekennen. Vanaf de Stadhuisbrug werden ze met duimen en grote tenen aan elkaar vastgebonden aan een touw in de Oudegracht neergelaten.[3][4]

Zie ook[bewerken]

Noten
  1. De Huidenbrug en de Broodbrug zijn ontstaan tussen 1250 en 1325.
  2. drs. Susanne Weide, 2004, Langs Utrechtse geveltekens, Stichting Het Utrecht Gevelteken Fonds, blz. 45 ISBN 90-76940-21-5
  3. J.R.W. Sinninghe, 1938 (herdruk 1978), Utrechtsch sagenboek, Thieme & Cie, Zutphen, blz. 231- 232, ISBN 9003912602
  4. L. Dresen-Coenders, 1983, Het verbond van heks en duivel, Ambo, Baarn, blz. 203, ISBN 9026305850