Standbeeld van Piet Hein

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Standbeeld van Piet Hein
Rotterdam monument pietheyn.jpg
Kunstenaar Joseph Graven
Jaar 1870
Materiaal zandsteen
Locatie Piet Heynsplein, Delfshaven
Monumentnummer 32876
Portaal  Portaalicoon   Kunst & Cultuur

Het standbeeld van Piet Hein is een gedenkteken in Delfshaven.

Achtergrond[bewerken]

De zeevaarder Piet Hein (1577-1629) werd geboren in Delfshaven. Hij was commandant van de West-Indische Compagnie en bracht het tot luitenant-admiraal van Holland en West-Friesland.

In 1828 werd gevierd dat Hein tweehonderd jaar eerder de Spaanse zilvervloot had veroverd. Plannen om ter gelegenheid van de feestelijkheden voor hem een monument op te richten liepen echter op niets uit. In de zomer van 1867 vatte een aantal mannen, waaronder meester-steenhouwer Verhoogh het plan op om in de winter een standbeeld van sneeuw te maken. Zij lieten een bas-reliëf van Hein maken, naar een tekening van Arnold Houbraken. Begin januari 1868 werd 's nachts een groot sneeuwbeeld opgericht, dat op veel bijval van de plaatselijke bevolking kon rekenen.[1] Burgemeester Rösener Manz nam daarop het initiatief om een echt standbeeld op te richten. Er werd een comité gevormd onder zijn voorzitterschap en een inzamelingsactie gestart. Prins Hendrik was erevoorzitter. Een jaar later kreeg beeldhouwer Joseph Graven uit 's-Hertogenbosch de opdracht een standbeeld te maken. Omdat een bronzen uitvoering te duur zou worden, werd besloten het op te richten in Udelfanger steen. Het voetstuk werd gemaakt door steenhouwer Verhoogh.[2]

Op 17 oktober 1870 werd het monument onthuld in aanwezigheid van koning Willem III, prins Hendrik, commissaris van de koning Loudon en de ministers Fock en Brocx. Het gedenkteken werd vervolgens overgedragen aan de gemeente. De onthulling werd opgeluisterd door de Harmonie uit Delfshaven en het Rotte's Mannenkoor uit Rotterdam.

Beschrijving[bewerken]

Het drie meter hoge zandstenen beeld toont Piet Hein ten voeten uit, gekleed in wapenrok en laarzen. Het verbeeldt het moment dat hij het commando geeft de Duinkerker kapers aan te vallen.[1] Hij heeft in zijn rechterhand de bevelhebbersstaf en omvat met zijn linkerhand het gevest van zijn degen. Het gezicht is gemodelleerd naar het portret van Houbraken. Aan Heins voeten zijn een kanon en anker geplaatst.

De bijna drie meter hoge sokkel is gemaakt van Escauzijnse steen, natuursteen afkomstig uit de groeve van Écaussinnes. Aan de vier zijden zijn opschriften aangebracht die verwijzen naar Piet Hein, op de achterzijde zijn lijfspreuk " ARGENTUM AURO UTRUMQUE VIRTUTI CEDIT" (vertaald "Goud is meer dan zilver, deugd overtreft beide").[3] Aan de linkerzijde is in reliëf het wapen van Delfshaven geplaatst, aan de rechterzijde het wapen van Holland en aan de voorzijde het sprekend wapen van Piet Hein.

Naar 19e-eeuws gebruik was het beeld aanvankelijk omgeven door een manshoog ijzeren hekwerk.

Afbeeldingen[bewerken]

Waardering[bewerken]

Het standbeeld werd in 1973 als rijksmonument in het Monumentenregister opgenomen.[4]

Zie ook[bewerken]