Stichaar

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Dit artikel past in de serie over de
Orthodoxie

Ook bekend als
"Oosters christendom"

Orthodoxie

De belangrijkste concilies
Nicea I
Constantinopel I
Efeze
Chalcedon
Constantinopel II
Constantinopel III
Nicea II

Theologie
Athanasius
Basilius de Grote
Johannes Chrysostomus
Efrem de Syriër
Gregorius van Nazianze
Gregorius van Nyssa

Patriarchaten
Constantinopel
Alexandrië
Antiochië
Jeruzalem
Moskou
Servië
Roemenië
Bulgarije
Georgië

Autocefale Kerken
Griekenland
Cyprus
Polen
Albanië
Tsjechië en Slowakije

Tradities
Oriëntaals-orthodoxe kerken
Oosters-orthodoxe kerken
Syrisch christendom

Liturgie
Alexandrijnse liturgie
Antiocheense liturgie
Byzantijnse liturgie
Chaldeeuwse liturgie
Iconenverering

Personen
Patriarch
Pope
Katholikos

Kerkinterieur
Icoon
Iconostase

Liturgische gewaden
Phelonion
Epitrachelion · Podriaznik
Zona · orarion

Een stichaar

De stichaar (ook sticharion; Grieks: στιχάριον; Russisch: стихарь) wordt in de liturgie van de Oosters-orthodoxe en geünieerde Oosters-Katholieke Kerken door alle dienaren en ambtsdragers gedragen. Altaardienaren, lectoren, hypodiakens en diakens dragen het als overgewaad. Priesters en bisschoppen dragen het onder respectievelijk hun pheloon en sakkos. Daarom is hun stichaar van een eenvoudiger en soepeler stof genaaid.

Het is een enkellang losvallend lang recht gewaad met rechte lange wijde mouwen, van een lichtgevende, zijdeachtig stof, dat naar beneden toe iets ruimer wordt. Het heeft een ronde halsuitsnijding zonder kraag. Rond de mouwen, langs de zoom en over de schouders is het sticharion afgezet met stroken band, verwijzend naar de boeien die Christus gedragen heeft en naar de lasten van het apostolaat. Op de rug is met band of geborduurd een kruis afgebeeld. Dit is het basis gewaad van de geestelijkheid en moet gedragen worden voor de viering van de Goddelijke Liturgie en de doop. Het heet "een mantel van het heil en een tuniek van geluk." Het symboliseert een puur en rustig geweten en geestelijke vreugde. Het sticharion van de bisschop en de priester is van een dunnere stof dan dat van de diaken. Dit gewaad, in het Russisch podriznik geheten, is meestal van zijde en geel of wit van kleur, maar ook andere liturgische kleuren zijn mogelijk. Aan de mouwen zitten linten (gammatij, "bronnen") die de mouwen bij de polsen bijeenhouden. Deze linten symboliseren de bloedstroom uit de doorboorde handen van Christus. Het wordt alleen gedragen bij het voltrekken van de Liturgie.

Het sticharion van de hypodiaken, lezer en altaardienaar is van een dunnere stof dan dat van de diaken en aan de zijnaden dicht.

Het diakensticharion (Grieks: “stohoi” = rijen, reeksen) is een versierd bovenkleed, met halflange, wijde mouwen (te vergelijken met de Latijnse Dalmatiek) en is aan de zijnaden vanaf de oksel tot aan de zoom open en wordt bijeen gehouden met knopen.

De stichaar is vergelijkbaar met de Westerse dalmatiek en tuniek.