Stopcodon

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Schematische voorstelling van DNA met een open leesraam vanaf start- tot en met stopcodon. Dit voor eiwitten en peptiden coderende gedeelte wordt door niet te transleren gedeelten (untranslated regions (UTR)) geflankeerd, die ook naar het mRNA overgeschreven worden.

Een stopcodon of terminatorcodon, ook nonsense-codon is een specifiek codon van het DNA of mRNA. Het gedeelte vanaf het start- tot en met het stopcodon is het open leesraam.

Transcriptie[bewerken]

Bij transcriptie koppelt het holo-enzym RNA-polymerase op een specifieke plaats aan een DNA keten en vouwt zich eromheen. Vervolgens ontwindt het het DNA, dat daardoor nu in enkelstrengs-vorm tijdelijk toegankelijk is voor andere actieve componenten van het enzym. Vanaf het startcodon worden vervolgens steeds nieuwe nucleotiden (basen) aan de te vormen RNA streng gekoppeld. Het RNA-polymerase beweegt zich in de zogenaamde 3' → 5'-richting over het DNA tot en met het stopcodon. Tegelijkertijd wordt het mRNA aan de achterkant weer gescheiden van het DNA. Wanneer het hele gen gekopieerd is, dus tot en met het stopcodon, koppelt het RNA-polymerase los van het DNA en wordt tevens de mRNA-keten afgestoten.

Stopcodons van het DNA zijn:

Zo bevat het Escherichia coli K-12 genoom 2705 TAA (63%), 1257 TGA (29%) en 326 TAG (8%) stopcodons.

Translatie[bewerken]

Het ribosoom begint bij het vormen van een eiwit met het aflezen (translatie) van het mRNA aan het 5' eind tot het een startcodon tegenkomt. Vanaf deze plaats worden tijdens het verder aflezen aminozuren aan het eiwit gebonden totdat het ribosoom een stopcodon tegenkomt. Alles wat na het stopcodon zit is deel van het 3' UTR.

Schematisch:

       start                stop
       codon                codon

---------|-------------------|---------
5'-UTR      translerend RNA     3'-UTR

Stopcodons van het RNA zijn:

  • UAA = UracilAdenine – Adenine
  • UAG = Uracil – Adenine – Guanine
  • UGA = Uracil – Guanine – Adenine

Puntmutaties[bewerken]

Te vroeg stoppen[bewerken]

Als door een puntmutatie een extra stopcodon in een gen ontstaat, wordt de transcriptie DNA) of de translatie (mRNA) te vroeg afgebroken en wordt het eiwit niet afgemaakt. Iets meer dan een kwart van de Duchenne patiënten hebben zo'n kleine mutatie, waardoor het eiwit dystrofine niet aangemaakt wordt.[1]

Doorgaan[bewerken]

Een doorgaan mutatie (engels:nonstop mutation) is een puntmutatie in een stopcodon, waardoor het stopcodon niet meer als zodanig herkend wordt en de transcriptie van een DNA of de translatie van een mRNA doorgaat. De meeste zo gevormde polypeptiden zijn door hun extreme lengte niet werkzaam.

Doorgaan mutaties zijn de oorzaak van verschillende aangeboren afwijkingen, zoals het adrenogenitaal syndroom,[2]