Takeo Fujisawa

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Takeo Fujisawa (Koishikawa-ku (tegenwoordig: Bunkyo-ku), 10 november 1910 - 30 december 1988) was een Japans zakenman en een van de sleutelfiguren bij het ontstaan van de Honda Motor Corporation Limited.

Takeo Fujisawa werd geboren als oudste zoon van Hideshiro Fujisawa en zijn vrouw Yuki. Na een aantal banen, o.a. in de banksector, was vader Hideshiro directeur geworden van Jitsueisha, een reclamefirma die promotie-diashows maakte voor bioscopen. In 1923, toen Hideo op de Kyoka middelbare school zat, werd de streek getroffen door de aardbeving bij Kanto. Het bedrijf van Hideshiro werd vernield en het gezin moest leven van geleend geld. Hideshiro probeerde het bioscoopbedrijf nieuw leven in te blazen, maar zijn gezondheid leed daar erg onder en hij raakte invalide.

Carrière[bewerken | brontekst bewerken]

Takeo, die erg verlegen was, wilde onderwijzer worden, maar hij zakte voor zijn examens en werd kopieerder, waarbij hij adressen op enveloppen moest schrijven, maar waardoor hij het gezin kon onderhouden. In 1930 werd hij opgeroepen voor zijn dienstplicht en na een jaar in het Japans Keizerlijk Leger hervatte hij zijn kopieerwerk. In 1934 kreeg hij zijn eerste vaste baan als vertegenwoordiger van Mitsuwa Shokai, een handelsfirma in staalproducten. Hij moest kleine bedrijven bezoeken om de producten aan te prijzen. Hier verdween zijn verlegenheid. Hij vertelde klanten steeds eerlijk wat er verkeerd was gegaan bij bepaalde leveringen en daardoor won hij zoveel vertrouwen dat hij de beste verkoper van het bedrijf werd. In de negen jaar die hij bij Mitsuwa Shokai werkte leerde Takeo Fujisawa om te gaan met de sterk wisselende staalprijzen en toen directeur Kiyoshi Machida werd opgeroepen voor zijn militaire dienst nam Fujisawa de leiding over het bedrijf over.

Toch was Fujisawa niet tevreden met zijn functie en in 1939, terwijl hij nog bedrijfsleider van Mitsuwa Shokai was, begon hij al met de oprichting van zijn eigen bedrijfje, Nippon Kiko Kenkyujo, een fabriek van snijgereedschappen. Door zijn gebrek aan technische kennis duurde het tot april 1942 eer de productie op gang kwam. In dat jaar kwam Kiyoshi Machida terug uit het leger waardoor Takeo Fujisawa het bedrijf kon verlaten en zich helemaal op zijn eigen bedrijf kon richten. Nippon Kiko Kenkyujo begon snijapparatuur te leveren aan Nakajima Aircraft Company.

Eerste ontmoeting met Hiroshi Takeshima[bewerken | brontekst bewerken]

In augustus 1942 kwam Hiroshi Takeshima als inspecteur van Nakajima Aircraft de snijapparaten van Fujisawa inspecteren. Hij was een goede bekende van Soichiro Honda van de firma Tokai Seiki die zuigerveren aan Nakajima Aircraft leverde. Takeshima sprak met Fujisawa over de technicus Honda die in Hamamatsu werkte.

In juni 1945 wist Takeo Fujisawa ternauwernood zijn machines te redden bij een luchtaanval en hij wilde zijn bedrijf weer opstarten in Fukushima. Hij kreeg echter pas toestemming om spoorwagons te gebruiken op 2 september 1945, de dag dat de oorlog eindigde. Fujisawa bedacht toen dat er in Japan voor de wederopbouw veel meer behoefte was aan hout dan aan snijmachines. Hij kocht bossen in Fukushima en begon een houthandel. Hij wilde echter ook graag terug naar Tokio, omdat het zijn geboortestad was en omdat Tokio het zakencentrum van Japan was. Hij reisde ook regelmatig naar de stad om zaken te doen.

Tweede ontmoeting met Hiroshi Takeshima[bewerken | brontekst bewerken]

In de zomer van 1948 reisde Fujisawa naar Tokyo om onderdelen voor zijn houtbewerkingsmachines te kopen. Bij het Ichigaya station liep hij Takeshima tegen het lijf. Ze maakten opnieuw kennis en het bleek dat Takeshima intussen technisch inspecteur van het ministerie van internationale handel en industrie was. Takeshima drong er bij Fujisawa op aan zijn zaken naar Tokyo te verplaatsen en dat gebeurde ook. Fujisawa verkocht Nippon Kiko Kenkyujo en begon een houthandel in Tokio. In de zomer van 1949 ontving hij een brief van Hiroshi Takeshima met het voorstel om kennis te maken met Soichiro Honda.

Ontmoeting met Soichiro Honda[bewerken | brontekst bewerken]

In augustus 1949 werden Honda en Fujisawa door Takeshima aan elkaar voorgesteld. In dat jaar had Honda zijn eerste echte motorfiets, het Dream Model D, uitgebracht. Honda vond in Fujisawa meteen wat hij bij zichzelf miste: zakelijk inzicht. Honda en Fujisawa werden niet alleen zakenpartners, maar bleven hun hele leven goede vrienden. Bij de Honda Motor Company was op deze manier een driekoppige leiding ontstaan, waar ook ingenieur Kiyoshi Kawashima bij hoorde. In oktober 1949 trad Fujisawa bij Honda in dienst als bestuursvoorzitter. In november werd de eerste kapitaalverhoging gepubliceerd: het bedrijfskapitaal was verdubbeld tot twee miljoen yen, waarvan 500.000 yen was geïnvesteerd door Fujisawa.

Hoofdkwartier in Tokio[bewerken | brontekst bewerken]

Honda had al een klein hoofdkantoortje in Hamamatsu geopend, maar Takeo Fujisawa kreeg zijn eigen hoofdkwartiertje van één kamer naast een vishandel in Tokyo, achter het latere Yaesu Fujiya Hotel. Van daaruit reisde hij stad en land af om dealers te vinden voor de producten van Honda. Het was echter een moeilijke tijd. De verkoopcijfers van het Dream Model D daalden toen de Japanse regering van de geallieerden opdracht kreeg maatregelen te treffen om de inflatie te stoppen, waardoor er een recessie ontstond, de nieuwe techniek van de tweetakt-machine sloeg niet aan bij de klanten die zich ook meer gingen richten op viertaktmotoren. De voorraad van Honda werd groter en het bedrijfskapitaal nam af. De betalingen aan leveranciers én van de salarissen begonnen achter te lopen. Het personeel werd in termijnen betaald. Honda stond aan de rand van het faillissement toen in 1950 de Koreaanse Oorlog uitbrak. Die zorgde echter voor een grote vraag naar hulpmotoren waardoor het bedrijf ineens uit de problemen was. Bovendien betaalden de Verenigde Naties alles in Amerikaanse dollars, waardoor de Japanse economie sterk groeide. In november kon Soichiro Honda zijn eigen hoofdkwartier naar Tokyo verhuizen, een lang gekoesterde wens om terug te keren naar de stad die hij twintig jaar tevoren verlaten had kwam daarmee uit.

Honda Cub F[bewerken | brontekst bewerken]

De Honda Cub F werd een groot succes, mede door de marketingtechniek die Takeo Fujisawa bedacht.
De Honda Cub F werd een groot succes, mede door de marketingtechniek die Takeo Fujisawa bedacht.

Honda bracht een viertaktmodel uit, het Dream Model E, maar Soichiro Honda had nog veel grotere plannen en wilde meer gecompliceerde multicilinders ontwikkelen. Fujisawa zocht echter ook naar een manier om snel geld te verdienen, want Honda was er toen al van overtuigd dat hij de grootste motorfietsenproducent van de wereld zou worden, maar de ontwikkeling van meer gecompliceerde viertaktmotoren zou veel geld gaan kosten. Daarom drong hij er bij Honda op aan toch weer clip-on motoren te gaan maken. Zo ontstond de "Cub F". "Cub" betekent "welp" en de aanduiding "F" volgde logisch op de vorige modellen A t/m E. Hoewel het om geld te sparen toch weer een tweetaktmotortje betrof, was de Cub F schoner en minder luidruchtig en bovendien oogde het rode motortje met zijn witte benzinetank veel prettiger dan eerdere producten.

Marketing[bewerken | brontekst bewerken]

Fujisawa bedacht nog een manier om geld te besparen: om brandstoftanks te maken kocht hij een groot aantal kookketels op, die in de fabriek werden omgebouwd tot tanks. Toen de eerste testen in maart 1952 gedaan waren, wachtte Fujisawa echter tot juni om het product te lanceren. Eerst moest er een manier gevonden worden om de Cub F te verkopen. Japan had in die tijd ongeveer 300 motorfietsdealers, maar die verkochten allerlei Japanse merken en daar zou de Cub F mee moeten concurreren. Fujisawa besloot het over een andere boeg te gooien. Hij maakte een brochure die naar 50.000 rijwielhandelaren werd gestuurd. Daarop kreeg hij 30.000 reacties. Met de Mitsubishi Bank stelde hij een brief op om de aspirant-dealers te vragen de betalingen per postgiro via deze bank te voldoen. Daarop kreeg hij meteen 5.000 bestellingen binnen. Hij stuurde iedere respondent één Cub F-motor die 19.000 Japanse yen kostte en verkocht mocht worden voor 25.000 Yen. Uiteindelijk koos Fujisawa 19.000 rijwielhandelaren uit als dealer. In oktober 1952 werden 6.000 Honda Cub F's verstuurd en in december 1952 nog eens 9.000. In de hoofdstad Tokio maakte Fujisawa extra reclame door een vrouwendansgroep een show te laten opvoeren met Honda Cub F's in de hoofdstraat van Ginza. Daarmee vermaakte men het publiek, maar maakte men ook duidelijk dat ook vrouwen goed overweg konden met de Cub F. Fujisawa kocht zelfs kleine vliegtuigjes waarmee in heel Japan folders werden uitgestrooid met de adressen van plaatselijke dealers. Bovendien bedacht Fujisawa een huurkoopsysteem waardoor klanten hun betaling over 12 maanden konden spreiden. De Cub F werd een groot succes en legde de financiële basis om nieuwe modellen te ontwikkelen.

In 1964 werd Takeo Fujisawa vice-directeur van Honda Motor Co. Ltd. In 1983 ging Soichiro Honda met pensioen en nam Kiyoshi Kawashima de leiding over het bedrijf over. Fujisawa bleef als adviseur aan het bedrijf verbonden tot aan zijn pensioen. Daarna opende hij een antiekwinkel in Tokyo.

Overlijden en postume waardering[bewerken | brontekst bewerken]

In december 1988 overleed Takeo Fujisawa aan een hartaanval. In 1989 kreeg hij postuum de Orde van de Rijzende Zon, IIIe klasse.

Boeken[bewerken | brontekst bewerken]

  • There is no end to management, 1986, uitgeverij Nesuke, ISBN 9-7848903-6704-7
  • The torch is in your hands, 2009, uitgeverij PHP, ISBN 9-7845697-0415-9